Het klinkt onmogelijk: uit je diepste dal je kracht halen. Schaatser Dai Dai N'tab (25) is een van de vele topsporters die het deed. Hij wist zijn eenzaamheid om te zetten in wilskracht. Een monoloog in een serie over vallen en opstaan. "Mijn probleem kon ik niet pratend oplossen. Dat kon alleen op het ijs."

"Mijn diskwalificatie tijdens het Olympisch Kwalificatie Toernooi (OKT) drie jaar geleden heeft iedereen gezien: twee keer vals starten, geen deelname aan de Spelen, geen kans op olympisch goud op de 500 meter."

"Het is de grootste teleurstelling uit mijn sportieve leven, maar naast het schaatsen is er een ander groot gemis: in mijn jeugd had ik het gevoel dat ik alleen stond in wat ik deed."

"Mijn ouders hadden geen stabiele relatie, nooit zaten ze bijvoorbeeld samen op de tribune, zoals ik dat wel bij andere kinderen zag. Mijn moeder neem ik niks kwalijk. Ze werd alleenstaande moeder toen ik vier was, ze heeft haar best gedaan, heeft goed gezorgd voor mij en mijn broertje. Op mijn achtste gingen we met z'n drieën bij mijn stiefvader wonen in Oisterwijk, en daar was die stabiele basis er wel, waren we gelukkig."

“Ik had een gevoel van: ik ga dit gewoon doen, rot allemaal maar op! Ik stond toch al met 2-0 achter.”
Dai Dai Ntab, schaatser

"Maar vanaf mijn zestiende, toen die relatie voorbij ging, hield dat op. Ik was de oudste thuis, vond dat ik van alles moest. Op het moment dat ik naar Groningen verhuisde voor het schaatsen werd dat gevoel erger. Stond ik daar, met mijn schaatsjes onder m'n arm. En dat was het."

"Toch lukte het om binnen anderhalf jaar een contract te tekenen bij een schaatsploeg. Dat gevoel dat ik er alleen voor stond, zorgde voor pijn en onzekerheid, maar gaf me tegelijkertijd een bepaalde drive. Zo van: ik ga dit gewoon doen, rot maar allemaal op! Ik stond toch al met 2-0 achter. Dat maakte me scherp, het was een motivatie om meer mijn best te doen, om harder te werken dan de jongens om me heen."

"Nu zoek ik diezelfde onzekerheid van dat moment in Groningen weer op. Bewust. Daarom heb ik ervoor gekozen om van Team Reggeborgh over te stappen naar Jumbo-Visma. Ik probeer mezelf uit te dagen. Mezelf steeds vragen te stellen. Ben je fit genoeg? Ben je goed genoeg bezig? Ik weet: vanuit chaos kun je je grenzen verleggen."

Dai Dai Ntab in training voor het nieuwe schaatsseizoen. (Foto: Jumbo-Visma/Robert Prins)

Olympische nachtmerrie

"De pijn van de diskwalificatie tijdens het OKT in 2017 gaat denk ik nooit meer weg. Behalve dan als ik alsnóg olympisch goud win. Tot op de dag van vandaag heb ik er op het ijs mee te maken. Elke keer als ik aan de start sta, denkt de starter: oh, daar heb je die jongen van die twee keer vals bij het OKT. Veel tegenstanders starten expres vals in een poging mij te ontregelen."

"Ik heb er dat jaar hard aan gewerkt om me eroverheen te zetten. Heb hulp gezocht, heb erover gepraat. En in de gesprekken lukte het goed om het te relativeren. Maar eenmaal op het ijs kwam alles terug. Was het heel confronterend. Ik reed naar de start, voelde die spanning, en dacht: oh ja, dát was het."

"Dat heb ik in die naolympische zomer onderschat: dat 'startprobleem' kon ik niet al pratend oplossen, dat kon alleen praktisch. Op het ijs. Ik heb er een aantal wedstrijden voor nodig gehad om het een plek te geven."

“Zelfs als mensen het aardig bedoelen, kunnen ze kwetsen. Zeggen ze: 'Je bent toch mijn lievelingsneger!'”
Dai Dai Ntab, schaatser

"Het OKT heeft me tegelijkertijd veel opgeleverd. Elke sporter krijgt een moment in zijn loopbaan waarop hij zichzelf de vraag moet stellen: wil ik dit nog graag genoeg? Bij mij kwam die vraag door die diskwalificatie noodgedwongen op mijn pad. Natuurlijk had ik liever twee jaar later over een antwoord na willen denken, achteraf heeft het me geholpen."

"Ik ben met een andere blik naar het schaatsen gaan kijken. De onbevangenheid is eraf. Ik weet waar ik sta in het leven. Die ervaring opende ineens deuren die ik voorheen niet eens zag, ik was immers een golden boy. Nu ben ik in staat andere gesprekken te voeren, andere vragen te stellen. Om verder te denken dan alleen die training of die wedstrijd. Ik ben wat 'sportslimmer'."

"En ja, ik heb het plezier teruggevonden in het schaatsen. Dankzij mijn schoonfamilie, mijn schoonmoeder of bonusmoeder, of hoe je het ook wil noemen, mijn vriendin, mijn stiefvader die een deel van mijn management doet; ze waren mijn rots in de branding de afgelopen twee jaar. Vorig jaar was mijn beste seizoen. Dat startprobleem ben ik helemaal kwijt. Ik ben een andere sprinter dan ik was."

De doorbraak van een topsprinter

  • Ntab verlaat deze zomer na een jarenlange samenwerking met oud-sprinter Gerard van Velde Team Reggenborgh om voor het Team Jumbo-Visma van Jac Orie te rijden.
  • In Thialf Heerenveen wordt hij afgelopen seizoen voor de derde keer nationaal kampioen op de 500 meter door een indrukwekkende tijd van 34,37 neer te zetten.
  • Ook wint hij dat seizoen zilver op 500 meter tijdens de EK afstanden en goud op de teamsprint tijdens de WK afstanden.
  • In 2017 staat hij als grote favoriet op de 500 meter aan de start van het OKT, na in 2016/2017 de wereldbeker te hebben gewonnen op de kortste afstand. Na twee valse starts en dus een diskwalificatie valt zijn olympische droom in duigen.

De uitzondering

"Vanwege die situatie thuis deed ik die stap extra, maar ook vanwege mijn afkomst. Mijn vader komt uit Senegal, ik ben opgegroeid in Oisterwijk waar 99 procent van de inwoners wit is. Ik was altijd anders, de uitzondering. Aan stereotypes die er over zwarte mensen bestonden wilde ik absoluut niet beantwoorden. Dus was ik beleefder dan de ander, werkte ik harder, deed ik meer mijn best, probeerde ik alles zo netjes mogelijk te doen."

"Maar ik heb niet het idee dat ik minder kansen heb gehad in het schaatsen, of een euro minder heb verdiend door mijn afkomst. Integendeel, ik denk dat ik er veel aan heb gehad. Media zochten mij op, zelfs als ik niet zo goed reed, gewoon omdat ik opviel. Ik kreeg meer aandacht."

"Ze begrijpen in het schaatsen alleen niet altijd wat ze nou precies tegen je zeggen, wat de impact van woorden is. Zo is er steeds de vergelijking met de Amerikaan Shani Davis geweest. Belachelijk natuurlijk. We zijn twee totaal verschillende schaatsers. Maar ja: allebei donker. Het zou hetzelfde zijn als je allrounder Sven Kramer en sprinter Jan Smeekens met elkaar zou vergelijken. Dat haalt niemand in zijn hoofd, maar komt op exact hetzelfde neer."

"En zelfs als mensen het aardig bedoelen, kunnen ze kwetsen. Zeggen ze: 'Je bent toch mijn lievelingsneger!' Maar het woord neger heeft voor mij een hele negatieve lading, en zelfs al is zo'n opmerking niet vervelend bedoeld, voor mij is het pijnlijk."

"Ik heb er mee leren leven, en ik denk dat racisme nooit helemaal zal verdwijnen. Meer begrip zou wat mij betreft al heel fijn zijn. Uiteindelijk ben ik niet met andere mensen bezig. Meningen doen me niet zoveel. Toen ik in 2017 die twee valse starts maakte, vond iedereen daar iets van en misschien nog steeds. Voor mij is het klaar. Ik kijk vooruit."

Ntab is zijn 'startprobleem' helemaal kwijt en kan weer genieten van het schaatsen. (Foto: Jumbo-Visma/Robert Prins)