Opnames liggen stil, grote releases worden uitgesteld, maar achter de schermen gebeurt er nog van alles in de filmwereld. Wie zijn toch die honderden mensen op de aftiteling van een film? We nemen je mee door het proces van de Nederlandse miljoenenproductie De Oost. "We maken alle menselijke geluiden na."

Met een budget van 6,6 miljoen euro hoort het oorlogsdrama De Oost van regisseur Jim Taihuttu (Gouden Kalf voor Wolf) bij de grootste Nederlandse films van de afgelopen jaren. Op de drukste draaidag waren er 450 mensen aanwezig. Een wagenpark van ruim tweehonderd auto's moest alle crewleden, figuranten en apparatuur door de Indonesische jungle vervoeren.

Hoe creatief het vak ook mag zijn, filmmaken is in de praktijk vaak een militaire operatie. Producent Sander Verdonk weet daar inmiddels alles van. Vijf jaar geleden sloot hij zich bij De Oost aan, een film over de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog. Taihuttu wilde een gevoelig en verborgen stuk Nederlandse geschiedenis uitlichten en was sinds 2012 al bezig met uitvoerig onderzoek. Aan Verdonk de taak om daar de juiste financiers voor te vinden.

"Via filmmarkten in Azië en Europa kwamen we bij een coproductiepartner in Indonesië", vertelt de producent. "Voor ons was zo'n samenwerking heel belangrijk. We wilden daar niet als een soort neokolonist neerstrijken en een filmpje draaien. Een groot deel van de crew was Indonesisch."

Waar gaat De Oost over?

  • Indonesië, 1946. Johan (Martijn Lakemeier) is een jonge Nederlandse soldaat die samen met ruim honderdduizend anderen wordt uitgezonden om orde op zaken te stellen in Nederlands-Indië tijdens de onafhankelijkheidsoorlog. Gaandeweg raakt hij in de ban van de charismatische legerkapitein Westerling, bijgenaamd De Turk (Marwan Kenzari). Wanneer de oorlog escaleert en De Turk het verzet van de bevolking steeds genadelozer neerslaat, wordt de lijn tussen goed en kwaad voor Johan steeds vager.

Alles moet aanvoelen als het Indonesië van 1946

Vervoer en verblijf van honderden mensen, extreme hitte, inreisproblemen die voor tijdnood zorgden: Verdonk kreeg een logistieke puzzel voor zijn kiezen. Als producent houdt hij de zakelijke touwtjes strak, terwijl de regisseur de artistieke kant bewaakt.

Dat creatieve team - in het begin nog vrij klein - laat zich adviseren door andere deskundigen, zoals historici en locatiescouts. De cameraman kan dankzij hen bijvoorbeeld inschatten wat haalbaar is, en hoe hij zijn team van operators en lichttechnici zal inzetten. In De Oost moet alles aanvoelen als het Indonesië van 1946. Van woonkamers tot wapens, van dorpjes tot beplanting.

Daar komt ook meteen de production designer om de hoek kijken. Of het nou een moderne thriller of een periodefilm gaat; alles in beeld wordt ontworpen. Kostuums, haarstyling en make-up gaan weer naar losse experts. En staat er op de achtergrond een modern gebouw in de weg, dan bedenkt de visual effects supervisor vast in hoeverre dat later nog met de computer weg te poetsen is.

Eerste beelden van Nederlandse film over Indonesische onafhankelijkheidsoorlog
45
Eerste beelden van Nederlandse film over Indonesische onafhankelijkheidsoorlog

Het zorgvuldig opgebouwde hutje werd meegesleurd door het water

"Het mooiste compliment wat ik kan krijgen, is als iets eruitziet alsof het altijd zo is geweest", vertelt production designer Lieke Scholman (Gouden Kalf voor Wolf). Voor De Oost gaf ze in Indonesië leiding aan een team van zestig man. In dat 'art department' zitten onder meer decorbouwers, schilders en mensen die rekwisieten verzorgen (propbuyers en propmakers).

"Een van de grotere sets was het soldatenkamp", vertelt de production designer. "We hebben daar een suikerrietveld voor laten ontginnen, om een zandvlakte van vier hectare te krijgen en die vol te bouwen met barakken."

Langs de oever van een rivier werd een vissershutje tot in het kleinste detail nagemaakt, inclusief de mogelijkheid om muren weg te halen zodat de camera vanuit betere hoeken kon filmen. Maar toen kwam er een flash flood. "In tien minuten was het water van de rivier een meter gestegen", vertelt Scholman. "Het hutje werd meegesleurd. We hadden al een halve dag gefilmd, dus op basis van foto's moest alles weer precies worden nagebouwd. Anders zie je in de film opeens een verschil."

Gelukkig kun je met beeld ook nog wel eens smokkelen. Zo werd een junglescène vanwege tijdnood later in Nederland opgenomen. "We hebben toen in een bos heel veel extra planten neergezet", legt Scholman uit. "Het kon niet anders, maar grappig genoeg is het verschil niet te zien. Deels komt dat ook doordat het een nachtscène is. Dan kom je sneller met zulke dingen weg."

Een groot deel van De Oost werd op locatie in Indonesië gedraaid. Foto: Splendid Film/New Amsterdam.

Zelfs voetstappen worden in studio gemaakt

Minstens zo onopvallend is de geluidsnabewerking. Nadat een editor het beeld shot voor shot in elkaar heeft gemonteerd, wordt een film doorgestuurd naar de sound designer. Geloof het of niet, maar als bioscoopbezoeker hoor je amper de originele klanken van de filmopnames.

"Alles is een bewuste keuze", legt Michaël Sauvage uit. Als sound designer regisseert hij het geluid. "Neem een shot van iemand die een deur achter zich dichttrekt: wil je dat realistisch hebben, heel voorzichtig of juist heftig en agressief? Geluid geeft emotie aan een karakter of situatie. Muziek kan dat ook, maar het wordt te geforceerd als je daar te veel van gebruikt. Wij kunnen heel veel dingen doen die je niet in de gaten hebt, maar uiteindelijk wel voelt."

Om dat te bereiken, gebruikt Sauvage bouwstenen uit verschillende hoeken. Een foley artist maakt in een eigen studio alle menselijke geluiden na (van voetstappen tot een deur openmaken), een sfx producer ontwerpt klanken van kogels en explosies. Een sound mixer kan extra accenten meegeven en bijvoorbeeld voor een ongemakkelijke of enge sfeer zorgen. Sauvage: "Je kunt heel veel trucjes inzetten om precies te krijgen wat je wil. De makers van Terminator 2 gebruikten bijvoorbeeld tijgergegrom om een vrachtwagencrash intenser te maken."

De Oost in cijfers

  • Eerste ideeën uitgewerkt in 2012
  • Budget: 6,6 miljoen euro
  • Aantal draaidagen: 48 in Indonesië, 6 in Nederland
  • Aantal medewerkers: ruim 250 (excl. figuranten)
  • Aantal figuranten: 250
  • Verschijningsdatum: najaar 2020

Hoofdrolspelers Marwan Kenzari en Martijn Lakemeier keren binnenkort nog terug naar de studio, om dialogen opnieuw op te nemen. "Het liefst gebruik je daar de setopnames voor", vertelt Sauvage. "Acteurs zaten daar nog helemaal in het moment. Maar er klonken op locatie heel veel moskeegeluiden. Soms kun je dat nog oplossen door woorden en zinnen uit andere takes te gebruiken. Maar acteurs moeten dus ook soms naar de studio terugkomen."

Dat laatste gebeurt pas als het beeld volledig 'op slot' zit, zodat er geen dubbel werk gedaan hoeft te worden. "We zijn nog niet helemaal uitgemonteerd", vertelt Verdonk. "Door de coronacrisis moet er nu opeens veel op afstand worden gedaan. Maar dat probleem kon er ook nog wel even bij, haha. Malaria, noodweer, corruptie; wat we daar toch allemaal hebben meegemaakt. Het gaat waarschijnlijk een mooie 'making of' opleveren."