Het aantal steekincidenten onder jongeren lijkt aanzienlijk toe te nemen. NU.nl sprak met een gezondheidspsycholoog en een pedagogisch hulpverlener over tieners die bij messengeweld betrokken raken. Wat zijn dit voor jongeren en hoe is het zover gekomen?

"Als je iemand neersteekt, moet je echt met een mes iemands lichaam binnendringen. Dat is cognitief en emotioneel iets wat heel veel van je vraagt. Dan denk ik toch vooral aan jongeren bij wie in de jeugd van alles mis is gegaan. Die zijn altijd wel bekend bij de hulpverlening."

Aan het woord is Lotte de Boer, die als gezondheidspsycholoog in de regio Amsterdam jongeren probeert te helpen die het goede pad nadrukkelijk uit het oog zijn verloren. Ze herkent de problemen met steekincidenten en de situatie is volgens haar zeker anders dan enkele jaren geleden.

De Boer zoekt ook naar een verklaring voor de toename. "Het zijn meestal wel jongeren die in 'onze' categorie zitten die erbij betrokken zijn. Of bij wie dat nog gaat gebeuren. We moeten met de betrokken partijen de handen ineenslaan: hoe is het zover gekomen en hoe kunnen we het oplossen?"

Recente steekincidenten door tieners

  • November 2019, Spijkenisse: jongen (14) wordt neergestoken, verdachte (13) opgepakt
  • December 2019. Hoofddorp: man (64) wordt doodgestoken bij pinautomaat, nog twee tieners (15) vast
  • December 2019, Drachten: jongen (16) overlijdt na steekpartij in Drachten, twee tieners (14 en 15) vast
  • Januari 2020, Hoorn: jongen (12) neergestoken, leeftijdsgenoot opgepakt

'Het is normaal om een mes te dragen'

Kim van Veen* werkt als pedagogisch hulpverlener in het vmbo-onderwijs in de regio Noord Nederland. Ze praat met leerlingen over de nieuwe 'trend' om al op jonge leeftijd een mes te dragen, iets wat een aanzienlijk deel van de scholieren normaal lijkt te vinden. Er zijn volgens Van Veen twee groepen jongeren die om verschillende redenen een mes bij zich hebben.

"Eén categorie is opgegroeid in een crimineel sociaal milieu, waarin het normaal is om met een mes de straat op te gaan. Dit is uiteraard de zorgelijke categorie, die ook snel impulsief en agressief gedrag vertoont."

Een tweede groep doet het vooral voor de status. "Stoer doen en meedoen. Zorgen dat anderen bang voor je zijn, voor de status binnen de wijk of groep. Deze categorie gebruikt het waarschijnlijk vooral voor in een situatie waarin ze zich zwak voelen, al is het dan nog een grote stap om te steken."

Of er daadwerkelijk gestoken wordt, hangt vooral af van verstandelijke intelligentie en geweten. "Beseffen ze echt wat ze aanrichten, of gebeurt het in the heat of the moment en zien ze achteraf in wat er fout is gegaan?"

Alleenstaande moeder, opgegroeid in armoede

De situatie waarin een kind opgroeit, speelt een grote rol. "Je ziet veelal jongeren met een lager IQ, bij wie de opvoedsituatie niet altijd stabiel is", beschrijft De Boer. "Er is veel sprake van armoede. De vader is vaak vertrokken en de moeder alleenstaand. Maar er zijn ook ouders die het gedogen, die willen meeprofiteren als hun kind bijvoorbeeld veel steelt."

"En je hebt alleenstaande moeders die drie baantjes hebben, maar geen toezicht hebben op hun kinderen die op straat lopen", voegt de gezondheidspsycholoog toe. "Het is een kwetsbare doelgroep. Je kunt hier vaak dingen toe herleiden."

Laten zien dat je er iets van wil maken

De Boer werkt met zware gevallen. Ze probeerde onlangs een jongen te helpen die haar bij het eerste gesprek niet eens wilde aankijken. "Hij was heel nors en gesloten. Ik durfde bijna geen vraag te stellen. We hebben toch doorgezet, en nu krijg ik een hand en geeft hij complimenten. Dat had ik aan het begin nooit kunnen bedenken."

Het gaat er in zo'n situatie vooral om dat de hulpverleners laten zien dat ze er iets van willen maken. "Het ging wel om iemand uit een crimineel gezin. Dit soort jongeren is zo verwaarloosd, wantrouwen staat voorop. Maar met kleine stapjes kom je toch verder en dat is mooi om te ervaren."

Aan de andere kant zijn er ook gevallen waarbij hulp uiteindelijk zinloos blijkt. "Het zijn dure behandelingen, dus het houdt een keer op. Dan weet je dat je iemand terugstuurt en dat dat een risico is. Dat geef je dan mee aan de reclassering."

Aantal zaken illegaal wapenbezit 12 t/m 17 jaar (Bureau Halt)

  • 2014 - 297
  • 2015 - 283
  • 2016 - 269
  • 2017 - 280
  • 2018 - 334
  • 2019 - 395

'Ze kijken er niet van op'

Van Veen ziet in een van de steden waarin ze actief is "een wereldje waarin tieners het nodig kunnen vinden om een mes te dragen". Ook hierin is er een hoofdrol voor een criminele familie, waarvan de leden en de groep eromheen het 'normaal' vinden om geweld te gebruiken of om daarmee te dreigen.

"Er is een voortdurende vete tussen deze groep en jongeren uit een andere wijk. Die laatste groep wil zich daarom ook wapenen", legt Van Veen uit. Als ze daar met leerlingen over praat, vinden die het normaal dat er messen worden gedragen door tieners die 's avonds op straat lopen.

"Als er iemand wordt neergestoken, vinden ze dat nog wel erg. Maar ook jongeren die hier niet echt bij betrokken zijn of zelf geen mes dragen, kijken er niet van op. Ze hebben er begrip voor dat iemand 'soms boos wordt'."

Opjutten om te vechten op sociale media

Van Veen wijst naar sociale media als een van de oorzaken. "Die spelen een grote rol. Ze jutten elkaar daar op om te vechten. Ze zien reacties op elkaar, posts van anderen die zich er weer mee bemoeien. Het gaat vaak tussen groepen of milieus. Ik ben bang dat dit niet minder wordt."

Ook volgens De Boer brengen sociale media "niet alleen positiviteit met zich mee". Zo wordt hiermee bijvoorbeeld de zogenoemde drillmuziek verspreid in Amsterdam Zuidoost. "Dit zijn bendes die elkaar onderling afmaken in rapvorm. Ze zeggen hierin dat ze gaan steken, sturen dat naar elkaar en dan wordt er ook gestoken. De daad wordt nu bij het woord gevoegd, wat dan herleidbaar is tot die teksten."

Volgens De Boer zitten hier antisociale gewetenloze tieners tussen, maar ook beleefde en sociale jongeren. "Maar die hebben dan toch verkeerde keuzes gemaakt en zijn 'erin gerold'. En als je daar eenmaal in zit, is het erg moeilijk om er weer uit te stappen."

*Kim van Veen is niet de echte naam van de geïnterviewde. We hebben op haar verzoek een andere naam gebruikt. Haar echte naam is bij de redactie bekend.