Onder verpleegkundigen is grote onrust ontstaan over een wetsvoorstel, waardoor onderscheid gemaakt gaat worden tussen hbo- en mbo-verpleegkundigen. Tienduizenden mbo-verpleegkundigen die al jarenlang complexe zorg verlenen, zouden die taken dan ineens niet meer mogen uitvoeren. "Wat heb ik dan al die jaren gedaan?"

"Hè? Heb jij ook mbo gedaan? Ik dacht dat jij een hbo'er was", zegt een van de verpleegkundigen van het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht. Het hebben van een hbo- of mbo-diploma is het onderwerp van gesprek in de korte pauze die de verpleegkundigen hebben.

De verpleegkundigen verrichten allemaal dezelfde taken en houden met elkaar een ziekenhuisafdeling draaiende. In de praktijk wordt niet gekeken naar wat voor papiertje ze hebben.

Toch bestaat de kans dat dat in de toekomst wel gaat gebeuren. Verpleegkundigen met jarenlange ervaring in een ziekenhuis kunnen in de hiërarchie ineens onder een jonge verpleegkundige vallen die net van school komt.

Dat komt door het nieuwe wetsvoorstel BIG II, waardoor verpleegkundigen met een hbo-opleiding regieverpleegkundigen genoemd gaan worden. Verpleegkundigen die mbo geschoold zijn, worden dan gewone verpleegkundigen genoemd. Jarenlange ervaring van de 'gewone verpleegkundigen' telt ineens niet meer mee.

Verpleegkundigen die mbo geschoold zijn, worden gewone verpleegkundigen genoemd, als de wet wordt ingevoerd. (Foto: ANP)

Vanwege onrust 'pas op de plaats gemaakt'

De voorgestelde wet zou op zijn vroegst 1 juli 2020 in werking treden. Omdat er onder verpleegkundigen veel onrust is ontstaan over de op handen zijnde wet, heeft minister Bruno Bruins voor Medische Zorg en Sport Eerste Kamerlid Alexander Rinnooy Kan aangesteld als verkenner. Bruins maakt "een pas op de plaats" en wil dat Rinnooy Kan eerst onderzoekt wat er nu moet gebeuren.

“De hele beroepsgroep is gewoon overgeslagen. Dat is pijnlijk, maar de grootste pijn zit in het feit dat collega's niet meer mogen doen wat ze al jaren doen. Hoe durf je zo met de beroepsgroep om te gaan?”
Maartje Goverde, verpleegkundige

De onrust onder verpleegkundigen is opvallend, aangezien juist de beroepsgroep Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN) op de wet heeft aangedrongen bij de minister. De wet moest er volgens V&VN voor zorgen dat het carrièrepad van hbo-verpleegkundigen duidelijker zou worden, waardoor ze behouden blijven voor de zorg en niet voortijdig vertrekken.

Maar V&VN had voor haar beurt gesproken. Nadat er flinke onrust ontstond onder verpleegkundigen, kwam het bestuur van V&VN tot de pijnlijke conclusie dat het de achterban niet goed had geraadpleegd over de wet. Daarop stapte het bestuur van de vereniging dinsdag op.

'De hele beroepsgroep is gewoon overgeslagen'

Maartje Goverde uit Nijmegen is verpleegkundige in een kleine zorgorganisatie voor mensen met ernstige gedragsproblemen. Ze vindt de wet "een heel slecht idee" en komt tot de conclusie dat de wet is opgesteld door "een relatief klein groepje mensen".

"De hele beroepsgroep is gewoon overgeslagen", zegt Goverde. "Dat is pijnlijk, maar de grootste pijn zit in het feit dat collega's niet meer mogen doen wat ze al jaren doen. Hoe durf je zo met de beroepsgroep om te gaan? Verpleegkundigen worden chronisch overvraagd, dan moet je echt anders met hen omgaan."

Zelf heeft Goverde een hbo-diploma, maar omdat ze die voor 2012 heeft behaald (in 1998) moet ze een toets doen om aan te tonen dat ze nog aan de moderne eisen voldoet. Dat weigert ze. "Dat ga ik echt niet doen. Als ik een toets moet doen om te bewijzen dat ik mijn vak, dat ik al jaren uitoefen, versta, dan is het klaar. Ik vind dat ik met waardigheid mijn beroep moet kunnen uitoefenen en als dat niet meer kan, dan wil ik weg."

Complexe zorg mag volgens het wetsvoorstel alleen nog worden uitgevoerd door verpleegkundigen met een hbo-diploma. (Foto: ANP)

'Invoeren wet ook slecht voor patiëntenzorg'

Goverde vreest ook dat de invoering van de wet gevolgen gaat hebben voor patiëntenzorg. "Bij de andere taakverdeling zijn patiënten niet gebaat. Een gewone verpleegkundige mag straks niet meer klinisch redeneren (verschil herkennen tussen ziekte en gezondheid, red.)."

Dat betekent dat regieverpleegkundigen die taak moeten verrichten, terwijl ze soms net van school komen en amper ervaring hebben. Goverde: "Wil je dat iemand aan je bed staat en eigenlijk geen goed idee heeft wat te doen?"

Ook Paula Groenendijk (62), verpleegkundige op de gynaecologie-afdeling van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), vindt het wetsvoorstel "helemaal niks". "De regieverpleegkundige, wie vervangt die dan? Die taken doe ik al jaren en wat heb ik al die jaren dan gedaan?"

“Op onze afdeling zijn we elkaars maatje geworden en speelt het verschil in opleiding helemaal niet.”
Paula Groenendijk, verpleegkundige

Groenendijk zou ook regieverpleegkundige kunnen worden, maar moet daarvoor dan een verkorte hbo-opleiding volgen. "Dan moet ik één of twee jaar naar school. Ik vind niet dat ik dat op mijn 62e nog hoef te doen."

"Bij het LUMC zijn we allemaal ook waanzinnig goed geschoold", stelt Groenendijk. "Daar is onze werkgever heel streng in. Een regieverpleegkundige moet complexe en onvoorspelbare zorg gaan leveren. Dat doe ik al jaren."

Als de wet wordt ingevoerd zal Groenendijk niet stoppen met haar werk als verpleegkundige. "Op onze afdeling zijn we elkaars maatje geworden en speelt het verschil in opleiding helemaal niet. En dat ik dan bepaalde taken niet meer mag uitvoeren? Dat zie ik dan maar als generatiebeleid. Paula mag het wat rustiger aan doen en gaat wat met patiënten wandelen."