De Chinese staat is bezig met het inrichten van een surveillancemaatschappij waarin burgers bijna elke minuut van de dag elektronisch in de gaten kunnen worden gehouden. Daarvoor grijpt de Chinese regering onder meer naar camera's met gezichtsherkenningssoftware. Zal die technologie binnenkort ook opduiken in het arsenaal van Europese overheden?

Ongeveer dertien miljoen Oeigoeren, een islamitische etnische minderheid in de autonome Chinese regio Xinjiang, dienen als proefkonijnen. Onder het mom van terrorismebestrijding worden zij onderworpen aan een ongekend niveau van staatscontrole.

Naar een andere regio reizen - of zelfs naar andere plekken in Xinjiang - mag niet zonder vergunning. En als je als Oeigoer aan de pomp brandstof afrekent voor een voertuig dat op naam van een ander staat, wordt de politie ingeseind. Die weet niet alleen hoe lang je bent en wat je bloedgroep is, maar kent ook je religieuze en politieke overtuigingen en weet wie je vrienden zijn. De VN schat dat tussen een en twee miljoen Oeigoeren in heropvoedingskampen zitten.

In andere delen van China is het regime minder repressief, maar wint 'Big Brother' ook snel aan invloed. Door rood lopen bij het oversteken van de weg resulteert in een bekeuring per sms en het vertonen van het gezicht van de overtreder op schermen in de buurt, inclusief naam en (een deel van het) persoonsnummer.

'Sociale score' bepaalt je baankans

In de komende twee jaar zal de Chinese regering naar verwachting 26,5 miljard euro uitgeven aan surveillanceapparatuur. De 170 miljoen camera's die al in het land hangen, krijgen gezelschap van 400 miljoen soortgenoten. Veel van deze apparaten zijn in staat tot gezichtsherkenning.

De big data die door de surveillancesystemen worden verzameld, zullen vanaf volgend jaar worden verwerkt in een sociaal kredietsysteem. Chinese media presenteren dat als een middel om de financiële kredietwaardigheid van burgers te bepalen, maar in werkelijkheid wordt het de plek waar zij een gedragsscore krijgen. Heb je een lage score? Dan mag je bijvoorbeeld geen vlieg- of treintickets meer boeken en geen geld lenen. Ook ben je bij voorbaat kansloos als je solliciteert op een goede baan.

Surveillancesystemen naar het buitenland

Achttien landen maken inmiddels gebruik van intelligente surveillancesystemen uit China, blijkt uit een rapport van de ngo Freedom House. Niet alleen in ondemocratische landen zoals Zimbabwe, Venezuela en de Verenigde Arabische Emiraten vindt de technologie gretig aftrek, ook landen zoals Duitsland zijn geïnteresseerd.

"Ze verkopen dit als de toekomst van regeren; de toekomst zal helemaal gaan over het sturen van de massa via technologie", zei Adrian Shahbaz, onderzoeksdirecteur bij Freedom House, tegen The New York Times.

China maakt het andere landen graag makkelijk om die technologie - uiteraard van Chinese makelij - in huis te halen. Voor Ecuador maakte de aanschaf van surveillancesystemen deel uit van een deal waarmee het Zuid-Amerikaanse land miljarden aan krediet kreeg in ruil voor grote delen van de Ecuadoriaanse oliereserves.

'Aan Chinese technologie kleven risico's'

Zelfs als de Chinese regering niet direct betrokken is bij de verkoop van surveillancemiddelen aan andere landen, kleven er risico's aan het gebruik van Chinese technologie, stelt Sophie Richardson, directeur China van Human Rights Watch (HRW).

"Zo gebruikte een Canadese parlementariër van Chinese afkomst het in China populaire chatprogramma WeChat om met haar achterban in Canada te communiceren. Een bericht waarin ze steun uitsprak voor de prodemocratische demonstranten in Hongkong werd gecensureerd", zegt ze. "Let wel, dan hebben we het over een Canadese politica die in Canada met haar Canadese kiezers communiceerde. Je moet in gedachten houden dat een deel van zulke technologie op zichzelf problematisch is. Het maakt niet uit waar je bent als je die technologie gebruikt, het maakt uit wie er controle over heeft."

De Chinese techbedrijven in kwestie - zoals Huawei en het staatsconglomeraat China Electronics Technology Group (CETC) - proberen de invloed van de Chinese regering te bagatelliseren, stelt Richardson.

Een beveiligingscamera. (Foto: Thinkstock)

"Tijdens een hoorzitting in het Britse parlement probeerde een Huawei-topman het idee dat Chinese bedrijven wettelijk verplicht zijn data met de Chinese regering te delen te ontkrachten", zegt Richardson. "Daar lachten we om, want in artikel 18 van de Chinese contraterrorismewet wordt dat wel gesteld. Bovendien hebben we in het verleden vaker gezien dat de Chinese overheid dingen doet die niet mogen."

Gezichtsherkenningssoftware in Europa

Een van de meest in het oog springende aspecten van de Chinese surveillance is de gezichtsherkenningssoftware die daarbij wordt gebruikt. Ook in Europa en in de VS duikt die technologie geleidelijk op in het arsenaal van overheden.

Met de geschiedenis van de twintigste eeuw in het achterhoofd, zijn veel Duitsers huiverig voor een overheid die haar neus diep in de privézaken van haar burgers steekt. Desondanks experimenteert de Duitse overheid met gezichtsherkenningssoftware.

Momenteel loopt er een proef op het station Berlin Südkreuz. Daar wordt gekeken of passagiers die zich vrijwillig hebben opgegeven aan de hand van een database kunnen worden geïdentificeerd

De inzet van herkenningstechnologie in Nederland

Ook in Nederland zetten de autoriteiten gezichtsherkenning in, al gebeurt dat niet live op straat. "Het Centrum voor Biometrie van de politie maakt gebruik van software die een opsporingsfoto kan vergelijken met de gezichtendatabase van verdachten en veroordeelden", zegt John Riemen, specialist biometrie van de Dienst Landelijke Operationele Samenwerking (DLOS) van de Landelijke Eenheid.

"De software doorzoekt de database en presenteert een kandidatenlijst met gezichten uit de database die er technisch het meest op lijken. Experts van de politie vergelijken deze visueel. Ze komen dan tot een conclusie van een mogelijke herkenning als er een gezicht tussen zit met veel morfologische overeenkomsten op basis van een vastgestelde methode."

Vorig jaar kwamen hier voor het laatst cijfers over naar buiten. NRC schreef toen dat in 2017 93 verdachten aan een persoon in de database gekoppeld konden worden. In negenhonderd gevallen lukte dat niet, omdat de persoon niet in de database stond of omdat de kwaliteit van de foto te wensen overliet.

Het gebruik van gezichtsherkenning valt in Nederland onder de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). "Daarnaast is de politie in Nederland ook gebonden aan de Wet politiegegevens (Wpg)", zegt ICT-jurist Jorden Bailey. "De AVG werpt al een strenge blokkade op. Gezichtsherkenning mag alleen ingezet worden voor beveiligingsdoeleinden of voor authenticatie én alleen als het noodzakelijk en proportioneel is. In de Wpg staat daarnaast dat de verwerking van biometrische gegevens slechts mag plaatsvinden als het onvermijdelijk is voor het doel van de verwerking. Daarnaast moet het een aanvulling zijn op de verwerking van andere politiegegevens."

De inzet van live gezichtsherkenning lijkt de jurist lastig. "Dit komt op mij over als: we gaan een hoop mensen scannen en gaan eens zien wat ertussen zit. Zeg je, we zijn actief naar een verdachte op zoek en gebruiken dit als aanvullend materiaal op dat wat we al hebben van deze verdachte, dan kom je al een stuk dichter bij legitiem gebruik."

'Wij kunnen naar onze parlementariërs stappen'

Richardson van HRW denkt niet dat Europeanen zich al zorgen hoeven te maken over het ontstaan van een surveillancestaat in hun land. "Het zegt al heel wat dat wij hier nu openlijk over praten. We kunnen naar onze parlementariërs stappen, onze regering voor de rechter slepen of een andere regering verkiezen. Wij hebben veel meer opties dan de mensen in China."

Daar sluit Riemen zich bij aan. "Deze situatie is voor de politie op dit moment ondenkbaar en wordt als onwenselijk gezien. De politie zet gezichtsherkenning in bij misdrijven, niet bij overtredingen zoals in China. We zien een mogelijke herkenning als een indicatie en doen dit met en door menselijke experts die een beslissing nemen."