Onkruidverdelger Roundup is volgens de gezondheidsorganisatie WHO "waarschijnlijk kankerverwekkend", toch is het middel in de EU toegestaan en wordt het wereldwijd door boeren gebruikt. Wat weten we over de risico's van deze onkruidverdelger voor de mens en de natuur en kan de landbouw eigenlijk wel zonder?

Op 14 mei legde een Amerikaanse jury Bayer, de producent van Roundup, een schadevergoeding van 2 miljard dollar (bijna 1,8 miljard euro) op. Volgens de jury was voldoende bewezen dat een Amerikaans echtpaar lymfeklierkanker had gekregen door het jarenlang gebruiken van Roundup. Eind 2017 besloot de EU Roundup na veel discussie nog zeker vijf jaar toe te laten op de Europese markt. Wat weten we over deze onkruidverdelger?

Wat is Roundup?

Roundup is de merknaam van een onkruidverdelger die wereldwijd veelvuldig in de landbouw wordt gebruikt. De werkzame stof in Roundup is glyfosaat. Ecoloog Bert Lotz van Wageningen University and Research doet onderzoek naar het verduurzamen van landbouw. Hij legt aan NU.nl uit dat glyfosaat een chemisch bestrijdingsmiddel is dat tegen alle planten werkt waar het op wordt gespoten. "Het maakt de plant, inclusief de uitlopers dood, omdat het middel de aanmaak van een aantal aminozuren die planten nodig hebben verhindert. Alleen planten hebben deze aminozuren nodig. Mens en dier hebben die niet nodig."

Is Roundup kankerverwekkend?

Discussie over de mogelijk negatieve effecten van glyfosaat is er al zeker sinds 2005. Maar de stof lijkt nog omstredener te zijn geworden nadat de WHO glyfosaat had opgenomen in de lijst van stoffen die waarschijnlijk kankerverwekkend zijn voor de mens. Volgens het kankercentrum van de WHO is er beperkt bewijs dat glyfosaat kankerverwekkend kan zijn bij mensen en is er sterk bewijs dat glyfosaat kankerverwekkend kan zijn bij proefdieren.

De WHO heeft alleen geoordeeld of het mogelijk is dat glyfosaat kanker veroorzaakt. De organisatie heeft geen uitspraken gedaan over hoe groot de kans is dat iemand kanker krijgt na blootstelling aan glyfosaat en welke dosis nog wel veilig zou zijn.

Ook andere internationale instituten hebben glyfosaat onderzocht. Die zijn van mening dat glyfosaat geen bedreiging voor de mens is. De Europese voedselautoriteit EFSA concludeerde in 2015 dat het onwaarschijnlijk is dat glyfosaat vanwege kankerverwekkende eigenschappen een risico vormt voor de mens. In 2017 heeft de Europese chemiekoepel ECHA glyfosaat na een analyse niet als kankerverwekkend geclassificeerd. En dit jaar herbevestigde de Amerikaanse milieuwaakhond EPA dat glyfosaat geen risico voor de volksgezondheid vormt.

Activisten protesteren in 2017 tegen glyfosaat bij de Europese Commissie in Brussel. (Foto: AFP)

'Boeren hebben mogelijk verhoogde kans op lymfeklierkanker'

Martin van den Berg, hoogleraar toxicologie aan de Universiteit Utrecht, laat aan NU.nl weten dat uit de recentste analyses van het onderzoek naar glyfosaat wel blijkt dat mensen die veel met glyfosaat werken, zoals landbouwers, mogelijk een verhoogd risico hebben op lymfeklierkanker. Al zijn er volgens Van den Berg ook onderzoeken die geen verhoogd risico aantonen.

Ook is het volgens Van den Berg nog niet geheel duidelijk of de in het onderzoek geconstateerde verhoogde risico's daadwerkelijk met glyfosaat te maken hebben. Bestrijdingsmiddelen bevatten bijvoorbeeld ook oplosmiddelen. Het valt volgens de hoogleraar niet uit te sluiten dat die de kans op lymfeklierkanker verhogen. "De gebruikte oplosmiddelen veranderen door de tijd en verschillen per fabrikant. Dit zou mogelijk een verklaring kunnen zijn voor de tegengestelde resultaten bij onderzoek onder mensen die veel met glyfosaat in aanraking komen."

Van den Berg benadrukt dat het mogelijk verhoogde risico op lymfeklierkanker door glyfosaat veel kleiner is dan bijvoorbeeld het verhoogde risico op longkanker door roken. Ook is hij het met de Europese instituties eens dat de gewone burger wat glyfosaat betreft geen grotere kans heeft om kanker te krijgen.

Wat doet het met de natuur?

Tot slot schrijft Van den Berg wel dat hij tegen intensief overgebruik van bestrijdingsmiddelen is, vanwege de impact van die middelen op het milieu. Dat brengt risico's voor het ecosysteem met zich mee.

Hier maakt ook hoogleraar bodemdegradatie en landbeheer Violette Geissen van Wageningen University and Research zich zorgen over. Geissen vertelt aan NU.nl dat in een groot gedeelte van de Europese grond glyfosaat en afbraakproducten hiervan kunnen worden aangetroffen. "Onderzoek in Gelderland liet zelfs zien dat glyfosaat in de bodem van natuurgebieden voorkomt."

Volgens Geissen is dit een probleem, omdat het de organismen in de bodem beïnvloedt. "In de bodem zitten miljoenen bacteriën en schimmels. Sommige bacteriën en schimmels houden de bodem gezond, terwijl andere juist gewassen kunnen aantasten." Volgens Geissen gaan sommige goede organismen dood door glyfosaat en krijgen 'slechte' schimmels - die bijvoorbeeld de aardappels aantasten - juist meer ruimte. "Het evenwicht in de bodem wordt verstoord."

Geissen legt uit dat dit leidt tot het gebruik van extra bestrijdingsmiddelen tegen schimmels, wat het bodemleven verder kan aantasten. Daardoor beland je uiteindelijk in een vicieuze cirkel, waarbij steeds meer chemische bestrijdingsmiddelen worden gebruikt.

Ook wijst Geissen erop dat in een recent onderzoek werd aangetoond dat glyfosaat de bacteriën in het darmstelsel van bijen kan beïnvloeden, waardoor bijen mogelijk gevoeliger zijn voor allerlei infecties. Daarnaast classificeerde de ECHA glyfosaat als giftig voor het waterleven.

Duits weiland dat bespoten is met glyfosaat. (Foto: AFP)

'Chemische middelen kunnen worden gebruikt voor lastig onkruid'

Hoewel glyfosaat dus slecht kan zijn voor de bodem, wordt de stof nog steeds door veel boeren gebruikt. Lotz legt uit dat een boer voor de effectiefste bestrijding van onkruid zoveel mogelijk verschillende methoden wil kunnen gebruiken. "Als je jaren hetzelfde chemische bestrijdingsmiddel gebruikt of telkens op hetzelfde moment in het jaar met een schoffel onkruid bestrijdt, dan past het onkruid zich hierop aan, waardoor de bestrijdingsmethode minder effectief wordt."

Volgens Lotz is het mogelijk om op een duurzame manier glyfosaat te gebruiken. Hij geeft als voorbeeld het minimaal gebruik van glyfosaat door boeren die meerdere jaren achtereen met mechanische methoden - dus zonder chemicaliën - onkruid bestrijden en dan eens in de ongeveer vier jaar glyfosaat gebruiken om juist heel precies het onkruid te bestrijden dat relatief goed tegen de mechanische methoden kan. "Als je dit lastige onkruid ook zonder chemische middelen zou willen bestrijden, zou dit veel energie kosten. Dit komt doordat je vaak met zware machines over het land moet. Dit leidt tot extra CO2-uitstoot en is daardoor niet gunstig voor het milieu."

Ieder jaar grote hoeveelheden glyfosaat gebruiken, is volgens Lotz niet duurzaam en bovendien niet gunstig voor de boer, omdat onkruid dan resistent kan worden.

'Chemische middelen zijn goedkoop'

Volgens Geissen zijn er voldoende niet-chemische alternatieven voor glyfosaat, en is het gebruik ervan dus helemaal niet nodig. "Chemische bestrijding van onkruid is alleen wel goedkoper dan deze alternatieven. Met robotica en infrarood kun je bijvoorbeeld heel goed en precies onkruid verwijderen."

Geissen vertelt dat Nederland achterloopt met duurzame landbouw. "Voedselproductie had in Nederland altijd prioriteit, niet duurzaamheid. Maar de gevolgen van niet-duurzame landbouw blijven lang aanhouden. DDT, een bestrijdingsmiddel dat al in 1973 werd verboden, wordt nu nog in de grond gevonden. Ook de afbraakproducten van glyfosaat zijn niet zomaar weg en blijven giftig voor het bodem- en waterleven."

Niet alleen glyfosaat is een risico

Tot slot waarschuwt Geissen dat glyfosaat niet alleen op zichzelf een probleem is. "We vinden enorm veel chemische bestrijdingsmiddelen in bodemmonsters. Er zijn ongeveer vijfhonderd middelen toegestaan, terwijl we helemaal niet goed weten wat de risico's zijn van de mengsels aan bestrijdingsmiddelen die we in Nederland vinden."

Van den Berg schrijft dat als glyfosaat vervangen wordt door een ander bestrijdingsmiddel, je mogelijk niet weet wat de effecten op de lange termijn zijn.

In 2022 herbeoordeling Roundup in EU

Glyfosaat is nog in ieder geval tot 17 december 2022 toegestaan in de Europese Unie. Nederland is samen met Hongarije, Frankrijk en Zweden verantwoordelijk voor de herbeoordeling van glyfosaat voordat de EU opnieuw beslist of glyfosaat blijft toegestaan.

Producent Bayer kondigde op 14 juni aan ruim 5 miljard euro in onderzoek naar een alternatieve onkruidbestrijder te zullen steken.