Terwijl het wetenschappelijke bewijs voor klimaatverandering steeds verder toeneemt, groeit in Nederland de twijfel. In de negende aflevering van de serie over klimaatvragen behandelen we dit heikele thema.

Deze maand bleek uit een opinieonderzoek van EenVandaag dat bijna een op de drie Nederlanders niet ‘gelooft’ dat de mens klimaatverandering veroorzaakt.

De kans dat deze mensen het bij het juiste eind hebben, is echter extreem klein: slechts 1 op 3,5 miljoen. Dat is de gedeelde conclusie van drie internationale onderzoeken naar de ‘waarschijnlijkheid’ van de oorzaak van de huidige klimaatverandering, die dit jaar verschenen in Nature.

Milieuadviseur Jan Paul van Soest geeft antwoord. Hij adviseert bij complexe duurzaamheidsvraagstukken en verdiepte zich uitgebreid in het fenomeen van ‘klimaattwijfel’ – zowel in Nederland als daarbuiten.

Hoe komt het dat zoveel mensen twijfelen over klimaatverandering?

Van Soest: “Een belangrijke reden waarom mensen twijfelen over de oorzaak van klimaatverandering is een afkeer van klimaatbeleid. Het beeld is dat klimaatbeleid hoge kosten met zich meebrengt die ook nog eens oneerlijk verdeeld zullen worden. Dat willen we niet. De menselijke geest is dan lenig en redeneert dat als we de oorzaken van klimaatverandering niet weten, we ook niets hoeven te doen.

Verspreiding van misinformatie

Wie op het internet gaat zoeken naar klimaatverandering komt uiteenlopende stellingen en ideeën tegen, zowel feiten als misinformatie. En een deel van die misinformatie blijkt bewust gecreëerd door denktanks. Dit gebeurt vooral in de Verenigde Staten.

Dat zijn echter geen wetenschappelijke instituten, maar lobbybureaus die door private belangen worden betaald. In Amerika is dit een heuse twijfelindustrie. Veel van de artikelen en rapporten die ze produceren zien er best geloofwaardig uit, zeker als ze zijn voorzien van allerlei grafieken en tabellen. Ze worden ook in ons land gebruikt en geciteerd. Het is voor een geïnteresseerde leek soms onmogelijk om te zien wat er niet aan klopt.

Er wordt vaak gesteld dat (circa) “97 procent van klimaatwetenschappers" in overeenstemming is over de oorzaak van klimaatverandering. Dit percentage loopt op naar 99 tot 100 procent als scherper wordt gekeken naar expertise. Afbeelding: Science, Technology & Society, 2017.

Grote lobbybureaus zagen tientallen jaren geleden dat er over de gezondheidseffecten van roken een enorme kloof bestond tussen de kennis in de wetenschap, en in politiek en samenleving. Net als nu bij klimaatverandering. En ze ontdekten dat het vergroten van die kloof door voortdurend twijfel te zaaien de effectiefste manier was om beleidsmaatregelen te hinderen (zodat verkoop van sigaretten ongehinderd door kon gaan).

Diezelfde formule wordt door lobbybureaus toegepast op milieuproblemen, waar de aanpak van het probleem tegen het directe belang van een grote industrie kan ingaan. Het kan gaan om het in stand houden van twijfel over milieueffecten van bepaalde bestrijdingsmiddelen. En sinds in elk geval de jaren negentig is bekend dat lobbygroepen betaald worden om ook bij klimaatverandering de kloof tussen de wetenschap en het publiek zo groot mogelijk te houden.

Politiek twistpunt

Een andere oorzaak voor twijfel is de politiek. Sinds het klimaatakkoord van Parijs uit 2015 is klimaatbeleid een centraal onderwerp in het politieke debat. Dat heeft ook een onverwacht gevolg: klimaat is voor partijen en politici een kans geworden om zich te profileren. En daarbij worden vaak argumenten gekozen of uitvergroot die in hun kraam te pas komen. Klimaat is een politiek twistpunt.

Media en politici schotelen hun achterban daarbij soms verhalen voor die kant noch wal raken. Dikwijls ook met namen van personen met een academische titel, in een extra poging de lezer te overtuigen. Maar als je goed kijkt zijn dat nooit klimaatwetenschappers, maar mensen uit geheel andere vakgebieden.

‘Hoor en wederhoor’ ongeschikt bij feiten

Daarbij is ook de rol van de media veranderd. In de afgelopen twintig jaar is het aantal journalisten per uur zendtijd of per krantenpagina sterk verminderd. Een redactie heeft vaak weinig tijd meer om uit te zoeken hoe iets nu echt zit. Als alternatief wordt dan vaak naar ‘hoor en wederhoor’ gegrepen: tegenover de ene bewering wordt een andere bewering gezet.

Met meningen is dat natuurlijk uitstekend, maar in geval van feiten ontstaat dan een scheef beeld.

Tegenover het bewezen feit dat de huidige opwarming door de mens wordt veroorzaakt, zijn alternatieve opvattingen, bijvoorbeeld dat ‘de zon de opwarming veroorzaakt’, of vulkanen, of een andere natuurlijke cyclus lang en breed aangetoonde onjuistheden. Door ze te herhalen of naast de werkelijke feiten te plaatsen, blijft verwarring in stand.

Hoe weten we dit eigenlijk?

Wetenschap is een goed werkend en zelf-testend systeem. Dat is de aangewezen methode om uit te vinden hoe het klimaatsysteem werkt. Klimaatwetenschappers hebben meestal een exacte achtergrond en zijn gespecialiseerd door jarenlange studie en onderzoek. Wie zich niet zoals zij in dat vak wil of kan verdiepen zou daarom de klimaatwetenschappers gerust kunnen vertrouwen op hun expertise. Zoals een diagnose van een hartchirurg wordt vertrouwd, of de rekensommen van de ingenieur die een brug ontwierp.

Uit psychologisch onderzoek blijkt dat de menselijke geest niet altijd zo werkt. Vaak is de mening er eerst, en worden vervolgens selectief argumenten gezocht om deze mening te onderbouwen. Dat laat bijvoorbeeld de Nobelprijswinnende psycholoog Daniel Kahneman zien in zijn boek Het Feilbare Denken. Zo zijn er talloze onderzoeken die bestuderen hoe gemakkelijk de mens selectief winkelt in argumenten en ideeën om toch vooral de eigen mening of politieke visie bevestigd te krijgen.

Hoe de twijfelindustrie hierop inspeelt is eveneens goed onderzocht: werkwijzen, achtergronden en ook financiering zijn ontrafeld, en in diverse artikelen en boeken gedocumenteerd. Het boek ‘Merchants of Doubt’ van de wetenschapshistorici Naomi Oreskes en Erik Conway beschrijft de opkomst en werkwijze van de Amerikaanse klimaattwijfelindustrie.

Maar de vraag is of al die onderbouwing het gesprek verder helpt. Immers, wie geen geloof hecht aan de feiten van klimaatwetenschap, zal waarschijnlijk ook weinig ontvankelijk zijn voor onderzoek naar klimaattwijfel.

Deze vraag is onderdeel van een speciale serie klimaatvragen van NU.nl. Heb jij ook een klimaatvraag die je graag door een klimaatonderzoeker wilt laten beantwoorden? Stel deze dan in de NUjij-comments.