Loop een dagje mee, stelde gerechtsdeurwaarder Paul Otter voor aan NU.nl, en kijk zelf wie die mensen met schulden zijn. In Utrecht gaan we van flat naar flat, tikken we op het raam, gluren we door de brievenbus, inspecteren we vervallen tuintjes en staan we als ongewenste gasten mensen in de deuropening te woord: nu betalen, anders wordt het alleen maar erger.

Otter walst geen woningen binnen, snuffelend op zoek naar de laatste waardevolle spullen. Die tijd is voorbij. "Vroeger moedigden de buren me aan klaplopers er onmiddellijk uit te flikkeren, tegenwoordig is er meer empathie ten opzichte van schulden. Maar er moet natuurlijk wel betaald worden."

"Ik heb het uit de hand laten lopen, maar ik vind niet dat ik dit moet betalen." In een onesie en met een dekentje om neemt de vrouw haar dagvaarding in ontvangst. Of er nog meer schulden zijn, vraagt deurwaarder Otter. "Ja, maar ik weet wel hoe ik eruit kom. Ik ga zo even naar de rechtswinkel voor juridische ondersteuning."

Die schuld is wel terecht, en die rechtswinkel zal niets kunnen doen, vertelt Otter als we in de auto zitten. Deze dame liet zich overhalen door een nieuwe gasleverancier, zonder dat de oude werd opgezegd.

Otter is deurwaarder bij Syncasso, een van de grootste gerechtsdeurwaarderskantoren van Nederland. Ga een dag mee de straat op, zei hij, want de deurwaarder is al lang niet meer de man die arme sloebers opzijduwt en weg stampt met een tv onder z'n arm. En wie weet dat?

Ontruimingen komen zelden voor

Twintig adressen gaan we langs. De stapel papieren onder de arm van de deurwaarder zijn dagvaardingen, vonnissen en interventieverzoeken. Ontruimingen staan vandaag niet op het programma. Dat gebeurt nog maar zelden, zegt Otter.

Een deurwaarder moet juridische kennis hebben, maar vooral communicatief zijn; vragen of er meer schulden zijn, of iemand de weg naar hulpverlening kent, inschatten of iemand snapt wat er aan de hand is.

Otter: "Wij komen het geld halen als het er is. Dat is in het belang van de maatschappij. Maar als het geld er niet is en iemand is verslaafd of verstandelijk beperkt, dan blijven we niet doorgaan."

Een deurwaarder werkt voor de Staat en legt verantwoording af aan het ministerie. Opdrachtgevers als zorgverzekeraars en woningcorporaties geven na een aantal mislukte vorderingen de schuld uit handen. Wordt de rekening zes, zeven keer genegeerd, dan wordt er een bezoekje gebracht.

“Verslaafd of verstandelijk beperkt? Dan blijven we niet doorgaan.”
Paul Otter, gerechtsdeurwaarder

'Verstekvonnis snapt niet iedereen'

We staan bij een portiekflat in Overvecht. Aan dit soort flats brengt hij veruit zijn meeste bezoeken, zegt Otter. Tegen het raam tikken, de brievenbus in gluren, een paar keer hard bellen. Nét iets meer moeite. Er wordt niet opengedaan.

Zeker een derde van de mensen doet op zo'n dag niet open, weet de deurwaarder."Waarom zou je, als het altijd slecht nieuws is?" De dagvaarding met plaatjes, kleuren en pijlen gaat in de bus. De informatie is zo toegankelijk mogelijk. "Het kan nog wel makkelijker. 'Verstekvonnis' kent ook niet iedereen."

Begin deze maand kwam nationale ombudsman Reinier van Zutphen met een brandbrief aan de overheid; er zijn 1,4 miljoen Nederlandse huishoudens met schulden en zij komen er zonder hulp niet uit. Sterker nog: de overheid maakt het alleen maar erger door alle verhogingen in het schuldenproces.

“Het woord verstekvonnis snapt niet iedereen.”
Paul Otter, gerechtsdeurwaarder

Verward, laaggeletterd en in de schulden

Het afschrikkende effect van een deurwaarder werkt alleen als iemand snapt wat je komt doen, zegt Otter. "We zien veel laaggeletterden, verstandelijk beperkten, verwarde mensen. Dat is de groep die blijft aanmodderen en weer uitglijden." Een wijzende vinger naar de overheid is op zijn plek, zegt Otter.

De hulpverlening is vaak niet effectief en zorgverzekeraars en woningstichtingen zouden beter moeten bekijken naar wie zij steeds rekeningen sturen, vindt hij. Iemand die het niet snapt, snapt het ook niet na tien brieven.

“Iemand die het niet snapt, snapt het na tien brieven ook niet.”
Paul Otter, gerechtsdeurwaarder

Een kleine betalingsachterstand wordt na een paar keer negeren snel hoger. De volgende wanbetaler heeft een premie van de zorgverzekeraar niet betaald: 59,62 euro. Griffiekosten voor de dagvaarding, incassokosten, proceskosten en deurwaarderskosten hebben van de oorspronkelijke rekening 814,25 euro gemaakt.

"Nee hoor", zegt de vrouw die opendoet, het haar uitgevallen, overduidelijk ziek, rokend en in pyjama. "Het klopt niet, ik heb ze net aan de telefoon gehad."

"Uw schuld ligt nu bij ons, de verzekeraar heeft met deze premie niets meer te maken. Heeft u ze gesproken over een andere achterstand?" Ze haalt haar schouders op, pakt de brief aan. "Nee hoor, het klopt niet. Toch bedankt."

“Nee hoor, die schuld klopt niet. Toch bedankt.”
Anoniem

'Als de deur dicht is, gaan ze het snel regelen'

Vaak wordt er aan de deur een verhaaltje verteld, zegt Otter. Mensen willen zich excuseren, hun gezicht redden, en als de deur dicht is, gaan ze het snel regelen. "Het is niet leuk, een deurwaarder op je stoep. Die geef je geen koffie en een koekje."

Wel wekt hij nieuwsgierigheid op. Bij alweer een portiekflat doen de buren eerst open. "Ze woont hiernaast, wat komt u doen?" We wachten tot de deur gesloten is, en het gesprek met de volgende cliënt wordt fluisterend gevoerd. Ze wordt gedagvaard. Mijn man zal er wel naar kijken, zegt ze.

In het Utrechtse Ondiep doet een verbaasde man open. De vrouw die er staat ingeschreven, woont er niet. Waarschijnlijk een slinkse webaankoop, schat Otter. "Ze is misschien verhuisd, heeft online iets op rekening gekocht en dat laten bezorgen bij een servicepunt."

Gevoelig voor statusverhogende spullen

De meeste mensen die Otter en zijn collega's bezoeken, zijn mensen die het uit de hand hebben laten lopen. Een ingrijpende gebeurtenis, zoals de dood van een familielid, kan genoeg zijn om een flinke schuld te ontwikkelen.

"We weten dat cognitieve vaardigheden tijdelijk minder worden bij een life event. Een langetermijnvisie ontbreekt op zo'n moment en een rekening op de mat kan iemand er dan niet bij hebben."

Op internet zijn dure aankopen snel gedaan, en mensen in een lagere economische klasse zijn over het algemeen gevoeliger voor zogenaamd statusverhogende spullen, zegt Otter.

"Honderd jaar geleden droeg een arbeider een pet, bezat hij geen huis of auto en zou elke bank hem uitlachen als hij om een hypotheek vroeg. Nu is alles binnen handbereik."