Sinds de komst van de VAR lijkt de onvrede over scheidsrechters alleen maar toegenomen. Bijna wekelijks woedt er een verhitte discussie over waarom de videoscheidsrechter bij een bepaalde situatie wel of niet ingreep. Oud-toparbiters Mario van der Ende en Dick Jol geven zes aanbevelingen over hoe het beter kan.

1. Geef geen openlijke kritiek

"Dit zijn wel twee fouten, ja", zo oordeelde Reinold Wiedemeijer zondag na FC Utrecht-PSV (2-2) tegenover FOX Sports over de twee niet-gegeven penalty's door arbiter Pol van Boekel. Het was zeker niet de eerste keer dit seizoen dat de scheidsrechterscoach van de KNVB openlijk moest toegeven dat een van zijn pupillen ondanks - of in sommige situaties zelfs dankzij - de VAR de mist in was gegaan.

Van Boekel stond zondagavond zelf nog onder douche in Stadion Galgenwaard toen zijn baas op televisie vertelde dat hij het helemaal verkeerd had gedaan. "Ik vind dat niet van goed werkgeverschap getuigen", aldus Van der Ende.

"Scheidsrechter is de enige beroepsgroep waarbij je zo openlijk terechtgesteld wordt. Daar moet je maar tegen kunnen. Stel je voor dat jij in dit artikel drie tikfouten en drie stijlfouten maakt en je hoofdredacteur staat even later op de Dam te verkondigen dat je er niks van kan, hoe zou jij je dan voelen?"

Scheidsrechter Pol van Boekel besluit ook na het raadplegen van videobeelden geen strafschop te geven aan FC Utrecht. (Foto: ProShots)

2. 'VAR zou leidend moeten zijn'

In de winterstop maakte de KNVB de balans op na een half jaar VAR. Er waren 70 procent minder fouten dan voorheen, maar nog steeds waren er ondanks de VAR zestien grote fouten gemaakt met penalty's, rode kaarten of doelpunten. Gemiddeld bijna één cruciale misser per speelronde.

"De VAR staat echt nog in de kinderschoenen", vindt Jol. "De ene week gaat het goed en een week later weer niet."

"De scheidsrechter op het veld neemt nog steeds de beslissing, maar dat zou de VAR moeten doen. Die heeft veel meer beelden uit allerlei camerastandpunten tot zijn beschikking en heeft de rust en het overzicht om tot de juiste beslissing te komen."

"De scheidsrechter heeft alle stress van de wedstrijd en iedereen die met hem meekijkt, hij is misschien toch te beïnvloeden", denkt de arbiter die actief was op het EK in 2000 en een jaar later de finale van de Champions League floot.

Van der Ende noemt zichzelf "een groot voorstander" van de VAR. Hij vindt ook dat de arbiter achter de beeldschermen de beslissingen zou moeten nemen. "Zie het als de rechtspraak. De scheidsrechter op het veld zou de politieagent moeten zijn die opsporingswerkzaamheden verricht en de VAR is dan de rechter die de straffen uitdeelt."

Dick Jol geeft in de kwartfinales van het EK 2000 rood aan de Turk Alpay Özalan. (Foto: ANP)

3. Pas de spelregels strikt toe

In veel andere sporten is de invoering van videoarbitrage wél al een succes gebleken. Een groot verschil met voetbal is dat de spelregels in die andere sporten slechts op één manier zijn uit te leggen. Als bij tennis de bal met slechts 1 millimeter de lijn raakt, is de bal in. En als in het hockey een verdediger de bal in de cirkel op zijn voet krijgt, is het áltijd een strafcorner.

In het voetbal kan een overtreding door 50 procent van de scheidsrechters met een penalty worden bestraft, terwijl de overige 50 procent het niets vindt. Videoscheidsrechter of niet: de discussie blijft bestaan.

Van der Ende is het daar niet mee eens. "Mensen zeggen vaak dat voetbal een contactsport is, maar spelregel 12 is heel duidelijk. Het enige contact dat toegestaan is, is schouder tegen schouder in een duel om de bal."

"Ik hoor vaak mensen zeggen: 'Die overtreding is te licht voor een penalty' of 'Hij laat zich te makkelijk vallen'. Onzin, een overtreding is een overtreding. Het spelregelboekje is heel zwart-wit, er is helemaal geen grijs gebied."

Jol is het roerend eens met zijn oud-collega. "Een beetje zwanger bestaat niet. Zo is het ook met overtredingen. Of je nou één seconde vasthoudt of twee minuten, dat doe je bewust en het is een overtreding."

Hij vindt het dan ook onbegrijpelijk dat Van Boekel zondag geen penalty aan PSV-spits Luuk de Jong gaf, die bij een hoekschop aan het shirt werd getrokken door FC Utrecht-verdediger Timo Letschert. "De Jong werd niet vastgehouden, hij werd uitgekleed. Als je dat geen penalty vindt, dan heb je wel een probleem als scheidsrechter."

Mario van der Ende bij een interland tussen Engeland en Italië in 1997. (Foto: ANP)

4. 'Er moet een aparte opleiding voor de VAR komen'

Van der Ende beseft dat het voor scheidsrechters moeilijk kan zijn om een fout in een vol stadion toe te moeten geven.

"Het is dit seizoen een paar keer gebeurd dat topscheidsrechter Björn Kuipers een VAR had die twee wedstrijden in de Keuken Kampioen Divisie had gefloten. Dan kan het natuurlijk schuren als iemand die net zijn melktandjes heeft gewisseld je op een mogelijke fout wijst."

"Nu is het zo dat alle scheidsrechters ook als VAR worden ingezet. Maar het zou veel beter zijn als er een aparte opleiding komt voor de VAR. Dan kun je mensen leren om snel op basis van de beelden de juiste beslissingen te nemen."

Verwarring bij Vitesse en Heerenveen na ingrijpen van de VAR. (Foto: ProShots)

5. Communiceer besluit van de VAR

Jol was onlangs als toeschouwer aanwezig bij Vitesse-sc Heerenveen, waar de thuisploeg op 3-1 leek te komen, maar de VAR circa een minuut eerder een overtreding had gezien. De goal van Vitesse telde niet en Heerenveen kreeg een strafschop waar de 2-2 uit viel.

"De mensen in het stadion snapten er niets van. Het stoom kwam uit hun oren en dat snapte ik wel. Waarom wordt het spel niet meteen stilgelegd? Er is een situatie waar de VAR dringend naar moet kijken. Dat wachten we even af, dan kunnen we daarna verder."

Ook Van der Ende ergert zich aan de verwarring die de VAR met zich meebrengt. "Er zou als service aan het publiek gemeld moeten worden waarom de VAR tot een beslissing komt. Laat hem, of desnoods de vierde man, door het stadion omroepen: 'Nummer 15 trekt aan het shirt van nummer 12, daarom geven we een penalty'. Dan is het voor iedereen duidelijk."

Jol zag twintig jaar geleden in de Verenigde Staten dat het anders kan. "Ik floot in 1998 op de Austin Cup en gaf een rode kaart. De stadionspeaker riep om 'Rode kaart voor nummer 4 wegens het neerhalen van een doorgebroken speler'. Iedereen wist meteen wat er aan de hand was. Is dat nou zo moeilijk?"

Scheidsrechter Damir Skomina raadpleegt de beelden bij Ajax-Real Madrid. (Foto: ProShots)

6. Laat ploegen zelf de VAR aanvragen

Spelers en supporters van Ajax hadden woensdagavond geen idee waarom de 1-0 van Nicolás Tagliafico tegen Real Madrid eigenlijk precies was afgekeurd. Pas nadat de wedstrijd afgelopen was, werd voor velen duidelijk dat Dusan Tadic hinderlijk buitenspel stond voor doelman Thibaut Courtois.

"Dat kun je toch niet uitleggen?", vindt Jol. "Geen enkele speler van Real Madrid protesteert, iedereen staat klaar om weer af te trappen. Beter kan je het niet hebben als scheidsrechter."

"Maar dan zit er iemand in een hok die heeft gezien dat Tadic de keeper gehinderd heeft terwijl hij buitenspel stond. Maar waar had Tadic dan heen gemoeten? Hij stond daar en kan toch niet zomaar verdwijnen? Als scheidsrechter moet je dan het spelinzicht en het gogme hebben om te zeggen: hier is geen sprake van een overtreding. Wat de VAR ook zegt."

Van der Ende weet wel een oplossing. "Geef elke ploeg twee of drie momenten per wedstrijd dat ze de VAR aan kunnen vragen. Als ze denken dat de scheidsrechter een fout heeft gemaakt, zetten ze hun joker in."