Zedenzaken waarbij kinderen zijn betrokken zorgen vaak voor onderbuikgevoelens. Geen straf is hoog genoeg, maar wat zijn eigenlijk de geldende wetten en bijbehorende strafmaten voor seksueel misbruik van minderjarigen?

Het seksueel misbruiken van twee dochters vanaf hun geboorte, waaronder het seksueel binnendringen en masturberen in het bijzijn van de kinderen, leidde tot een celstraf van drie jaar, waarvan één voorwaardelijk. Een veelgehoorde reactie op het artikel over deze zaak was: waarom zo laag?

"Zedenmisdrijven en de daarbij horende wetgeving zijn uiterst complex", geeft landelijk officier Huiselijk Geweld en Zedenzaken Eva Kwakman, onmiddellijk toe. "Je hebt met zo veel factoren te maken. Wat is er gebeurd? Hoe vaak? Wat is het bewijs? En welke straf moet iemand krijgen?"

Tel daarbij op dat dit vaak tegen de achtergrond van maatschappelijke onrust gebeurt. "Er is vaak sprake van heel veel begrijpelijke emotie, terwijl de politie neutraal onderzoek moet doen", aldus Kwakman.

De officier wil wel gelijk duidelijk maken dat Nederland een van de zwaarst straffende landen in Europa is, ook als het om zedenmisdrijven gaat. "Er zijn weleens lezersjury's (willekeurige mensen die zittingen bijwonen en beoordelen, red.)  die vinden vaak dat we te streng straffen als ze alle details kennen."

Naar type delict kijken om zedenzaak goed te begrijpen

Om een zedenzaak die om kindermisbruik en de vervolging hiervan draait goed te kunnen begrijpen, is het goed om naar het type delict te kijken. 

Bij de meeste misdaden heeft er een misdrijf plaatsgevonden en is het aan de politie om de daders hiervan op te sporen.

Bij zedenzaken is er juist al een naam van de verdachte of verdachten, en richt het onderzoek zich op de vraag of er sprake was van een misdrijf. In dit geval ontucht, en zo ja: welke onvrijwillige seksuele handelingen er hebben plaatsgevonden.

Tel daarbij op dat de ontucht soms in een ver verleden heeft plaatsgevonden. "Er is dus vaak geen ondersteunend bewijs", verduidelijkt Bart Swier, een in zedenmisdrijven gespecialiseerde advocaat. Dat zorgt ervoor dat hij cliënten duidelijk moet maken dat zaken moeilijk bewijsbaar zijn of sterker nog: dat het hem "enorm zou verbazen" als iemand ervoor veroordeeld wordt.

“Zedenmisdrijven en de daarbij horende wetgeving zijn uiterst complex”
Eva Kwakman, landelijk officier van justitie Huiselijk Geweld en Zeden

In zedenzaken wordt vaak afgezien van vervolging

Swiers verhaal vindt steun in een Kamerbrief (pdf) van minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) uit juni 2018. Daarin werd geconcludeerd dat in de periode 2015-2018 in gemiddeld 54 procent van de zedenzaken is afgezien van vervolging. In 75 procent van de gevallen was gebrek aan bewijs daarvoor de aanleiding.  

Een harde conclusie, maar Swier wijst erop dat in het strafrecht geldt dat één verklaring niet telt. "Eén getuige is geen getuige", verduidelijkt hij. "Seksueel misbruik is zeer moeilijk te bewijzen. Het is vrijwel kansloos als het jaren geleden is gebeurd. Zeker als een verdachte ontkent."

Het is moeilijk om ontucht te bewijzen

Maar als het dan toch tot een vervolging komt, is de volgende stap het aantonen van de ontucht. Sporen van verkrachting zijn, los van een seksuele overdraagbare aandoening (soa), tot zeven dagen na de gebeurtenis nog veilig te stellen.

Maar wat als er sprake was van betasting of, zoals eerder gesteld, misbruik dat lang geleden heeft plaatsgevonden? Een belangrijk bewijsstuk in zaken die draaien om heel jonge kinderen is de verklaring van het slachtoffer zelf. "Want waarom zou een kind daarover liegen?", verduidelijkt Swier.

"Het lastigste is wel dat de verklaring van het slachtoffer zo min mogelijk beïnvloed moet zijn door anderen", voegt Kwakman daaraan toe. "Als ouders horen van het misbruik, gaan zij hun kinderen - heel voorstelbaar - vaak uitgebreid vragen stellen. Dit kan de verklaring beïnvloeden, terwijl er voor een veroordeling geen enkele twijfel mag zijn."

Dankzij een beslissing van de Hoge Raad geldt de verklaring van een getuige die van het slachtoffer te horen heeft gekregen dat ze is misbruikt als ondersteunend bewijs.

Een goed voorbeeld hiervan is de veroordeling van een man die zijn kleindochter heeft misbruikt, van 24 januari jongstleden. Het meisje vertelde in de auto aan haar moeder dat ze was misbruikt. De verklaring van de vrouw en een derde medepassagier werden door de rechter gebruikt bij de veroordeling van de man.

De vier categorieën voor strafbepaling

  • Categorie 1: Ontuchtige handelingen waarbij de minderjarige wordt geconfronteerd met seksuele handelingen zonder aanraking.
  • Categorie 2: Ontuchtige handelingen waarbij er sprake is van aanraking.
  • Categorie 3: Ontuchtig aanraken van de naakte geslachtsdelen en het oraal, vaginaal of anaal binnendringen anders dan met een geslachtsdeel.
  • Categorie 4: Alle ontuchtige handelingen waarbij er sprake is van oraal, vaginaal of anaal binnendringen met een geslachtsdeel.

Welke straf past bij welk delict?

Het is aan de officier van justitie om de strafeis te bepalen. Ook hierbij gebruikt Kwakman het woord "complex". "Er zijn seksuele handelingen die onder verschillende wetsartikelen vallen, met hun eigen strafmaximum. Daarom gaat de zedenwet ook aangepast worden. We gaan bij strafmaat zo veel mogelijk uit van de feitelijke gedraging."

Waar Kwakman op doelt, zijn de vier categorieën uit de richtlijn die het OM hanteert, elk met hun eigen zogenoemde strafbandbreedtes, met de vierde categorie als zwaarste. De richtlijn omvat onder meer alle ontuchtige handelingen tegen minderjarigen waarbij er sprake is van oraal, vaginaal of anaal binnendringen met een geslachtsdeel. 

Bij een oordeel wegen strafverhogende en verlagende factoren mee

De bandbreedte is daarbij minimaal vijftien maanden en een maximum van vier jaar. Deze gaat uit van eenmalig misbruik door een meerderjarige die niet eerder iemand heeft misbruikt.

Bij het oordeel wordt er vervolgens rekening gehouden met veel mogelijke strafverhogende en -verlagende factoren, zoals bijvoorbeeld recidive.

Andere strafverzwarende factoren zijn bijvoorbeeld de leeftijd van het kind. De frequentie van het misbruik . Was er sprake van dwang, geweld en wat was de positie van de meerderjarige ten opzichte van het slachtoffer.

Ter verduidelijking: de maximumstraf voor verkrachting van een minderjarige is twaalf jaar, en dat kan hoger worden door strafverzwarende omstandigheden.

Zo kreeg Robert M. in 2013 negentien jaar cel en tbs. De voormalige kinderoppas en crèchemedewerker werd schuldig bevonden aan het misbruik van 67 zeer jonge kinderen.

Robert M. werd in 2013 tot negentien jaar cel en tbs veroordeeld (Foto: ANP)

Omstandigheden van delict zijn belangrijk voor het oordeel

Juist de omstandigheden zijn belangrijk bij de strafeis, en bij het oordeel van de rechter.

In de zaak van de vader die zijn dochters heeft misbruikt, werd er vastgesteld dat hij een laag IQ had, niet over een eerder strafblad beschikte, spijt betuigde en onder behandeling stond. Dat alles zorgde voor een straf die lager is dan het wettelijke strafmaximum.

Mate van recidive is laag als het om misbruik gaat

"Je wilt bij een zedenmisdrijf weten of er kans op is herhaling. Je wilt dat als iemand vrijkomt, het niet nog een keer gebeurt", legt Kwakman uit. "Dus je wilt behandelen als dat nodig is."

"De mate van recidive bij zedenzaken is trouwens lager dan veel mensen denken. Zedendaders stoppen vaak als ze gepakt worden. Misbruik van kinderen komt ook lang niet altijd voort uit een stoornis, maar is in veel gevallen situationeel en een gevolg van andere problematiek."

Wat Kwakman bedoelt, is dat een van de ouders zich soms aan hun kinderen vergrijpt omdat die 'binnen bereik' zijn.

De strafmaat in misbruikzaken zal daarmee altijd een onderwerp van gesprek zijn en is gebaat bij een heldere uitleg.