The New York Times heeft vrijdag gemeld dat de FBI vanaf 2017 actief onderzocht of de Amerikaanse president Donald Trump in het geheim voor Rusland werkte. De implicaties zijn schokkend.

De krant sprak meerdere anonieme bronnen die betrokken zijn bij of kennis hebben van het onderzoek.

Ze zeggen dat de top van de FBI zich na het ontslag van FBI-directeur James Comey in mei 2017 ernstig zorgen maakte over het gedrag van de president. Daarom werd besloten te onderzoeken of Trump Russische belangen behartigde, ten nadele van de VS.

Amerikaanse president persoonlijk onderwerp van onderzoek

Mogelijke Russische inmenging tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen in 2016 en mogelijke banden tussen leden van het campagneteam van Trump en Moskou waren aanleiding voor het Ruslandonderzoek, waarvan het eindrapport binnen afzienbare tijd wordt verwacht.

Het Ruslandonderzoek begon bij de FBI als twee aparte onderzoeken, die in mei 2017 werden overgenomen door speciaal aanklager Robert Mueller.

Ook is al sinds juni 2017 bekend dat Mueller heeft bekeken of Trump zich met het ontslag van Comey schuldig maakte aan belemmering van de rechtsgang.

Wat de onthullingen van The New York Times interessant maakt, is de bevestiging dat niet alleen Trumps medewerkers zijn onderzocht wegens mogelijke banden met Rusland, maar ook de president zelf.

Daarnaast hebben de details over hoe zijn handel en wandel zijn doorgelicht mogelijk grote gevolgen voor de uitkomsten van het Ruslandonderzoek van Mueller.

De FBI begon volgens de bronnen een contraspionageonderzoek. Dat was eerder niet bekend. Zo'n onderzoek brengt actieve monitoring van allerlei communicatie met zich mee, wat suggereert dat Trump mogelijk nauw in de gaten is gehouden in 2017 en 2018. Het is niet bekend of dat onderzoek nog loopt. 

De verwikkelingen in het Ruslandonderzoek hebben zich tot nu toe voornamelijk toegespitst op de verkiezingscampagne en de transitieperiode na Trumps winst in 2016.

Onderzoek naar zittende president is grote stap

Tijdens de verkiezingscampagne in 2016 werden binnen de FBI al vragen gesteld over banden tussen de veelbesproken Republikeinse presidentskandidaat en Moskou.

Toen Trump na zijn intrek in het Witte Huis probeerde FBI-directeur Comey een persoonlijke eed van trouw af te laten leggen en hem vroeg het onderzoek naar nationale veiligheidsadviseur Michael Flynn stop te zetten, groeide de onrust binnen de federale politiedienst. Flynn bleek ontmoetingen met de Russische ambassadeur te hebben verzwegen.

Vanwege twijfels over hoe zo'n uiterst gevoelige kwestie moest worden aangepakt, besloot de FBI-top een onderzoek naar Trump zelf uit te stellen.

Het is nooit eerder vertoond dat een zittende president onderwerp werd van een contraspionageonderzoek door zijn eigen inlichtingenapparaat. Om dat te kunnen rechtvaardigen, waren eerst sterke aanwijzingen nodig, luidde de conclusie.

Het ontslag van Comey zette de zaak op scherp.

Twee gebeurtenissen na ontslag gaven de doorslag

De FBI kreeg een ontslagbrief in handen die Trump aan Comey had geschreven. In de brief bedankte Trump de vertrekkende FBI-directeur, omdat die hem drie keer had verteld dat de president niet persoonlijk onderwerp was van het Ruslandonderzoek. Dat werd op dat moment nog uitgevoerd door de FBI.

De brief werd nooit op de post gedaan, omdat adviseurs van Trump vonden dat het de indruk wekte dat Comey was ontslagen vanwege dat onderzoek.

De onderminister van Justitie, Rod Rosenstein, schreef een nieuwe versie, waarin werd gesteld dat Comey was ontslagen omdat hij een onderzoek naar het gebruik van een persoonlijk e-mailadres voor werkdoeleinden door Hillary Clinton had verprutst. 

De tweede gebeurtenis was een televisie-interview dat Trump gaf aan NBC News, twee dagen na het ontslag van Comey. De president wekte de indruk dat het Ruslandonderzoek daar de aanleiding voor was geweest.

FBI-functionarissen vonden dat ze nu genoeg in handen hadden om een contraspionageonderzoek naar Trump te rechtvaardigen en een onderzoek in te stellen naar de omstandigheden rond het ontslag van Comey.

Speciaal aanklager Robert Mueller, wiens eindrapport binnen afzienbare tijd wordt verwacht, had mogelijk nog meer toegang tot onderzoeksgegevens dan al bekend was. (Foto: AFP)

FBI opende twee onderzoeken naar Trump

Het eerste onderzoek, de contraspionage, moest vaststellen of het optreden van de president een mogelijke bedreiging vormde voor de nationale veiligheid. Daarnaast werd bekeken of Trump bewust met de Russen samenwerkte, of onbewust voor het karretje van het Kremlin was gespannen.

Het tweede onderzoek was strafrechtelijk van aard. De hoofdvraag was of Trump de rechtsgang had belemmerd. Probeerde hij het Ruslandonderzoek te beïnvloeden door Comey te ontslaan?

Een paar dagen nadat de FBI de twee onderzoeken had geopend, werd speciaal aanklager Robert Mueller aangesteld om de leiding over het Ruslandonderzoek over te nemen. Hij voegde de bestaande onderzoeken samen.

De redenering daarachter luidde volgens de bronnen: als Trump inderdaad poogde de rechtsgang te belemmeren om te verhullen dat hij Russische belangen behartigde, verenigt dat de strafrechtelijke en contraspionageaspecten van de zaak.

Contraspionage betekent meer toegang tot onderzoeksgegevens

Trumps voorganger, Barack Obama, tekende vlak voor zijn vertrek uit het Witte Huis een presidentieel decreet dat Amerikaanse inlichtingendiensten zoals de FBI en de CIA directe toegang gaf tot ruwe, ongefilterde inlichtingen van de National Security Agency (NSA), die zich specialiseert in verzameling en analyse van elektronische informatie uit telefoon- en internetverkeer.

Om de privacy van Amerikanen te waarborgen, mogen die NSA-gegevens alleen aan andere inlichtingendiensten worden overhandigd voor onderzoeken in het buitenland of contraspionage in eigen land.

Dit betekent dat speciaal aanklager Mueller toegang had tot meer onderzoeksgegevens dan tot nu toe werd aangenomen.

Daar komt nog bovenop dat het contraspionageaspect ook toegang biedt tot inlichtingen verzameld door inlichtingendiensten van buitenlandse bondgenoten. Dat is vooral interessant omdat in de internationale inlichtingenwereld geldt: Rusland bespioneert iedereen en iedereen bespioneert Rusland.

Een ander opvallend detail: dat de FBI bijna onmiddellijk kon beschikken over de brief van Trump aan Comey (een nooit verstuurde conceptversie van de president), suggereert dat iemand uit zijn directe kring al geruime tijd meewerkt met het Ruslandonderzoek.

Trump wijst onthullingen van de hand

De president liet zaterdag van zich horen met een lange tirade tegen de FBI, Mueller, de media en de Democraten op Twitter.

"Wow, net gelezen in de falende New York Times dat de corrupte voormalige leiders van de FBI, die bijna allemaal zijn ontslagen of tot vertrekken zijn gedwongen vanwege wat heel slechte zaken, een onderzoek naar mij zijn begonnen, zonder reden en zonder bewijs, nadat ik die totale viespeuk, liegende James Comey, heb ontslagen!" schreef hij onder meer.

Alle ogen gericht op Mueller

Ondanks de stellige ontkenningen uit het kamp van Trump, doet het nieuws over het contraspionageonderzoek naar de president de spanningen in Washington nog verder toenemen in aanloop naar het eindrapport van speciaal aanklager Mueller. Wanneer dat zal zijn afgerond is nog niet bekend, maar de verwachting is dat dit in de komende maanden zal gebeuren.

Het biedt ook nieuwe aanknopingspunten voor de Democraten in het Huis van Afgevaardigden, die al hebben aangekondigd de mogelijke banden tussen Trump en Rusland ook te willen onderzoeken.