China behaalde deze week een grote overwinning door als eerste op de zogenoemde achterkant van de maan te landen. Het ruimtevoertuig Chang'e 4 gaat er onderzoek doen, maar de prestatie is ook een serieuze aanwijzing voor een 'ruimtewedloop'.

Het was een spannende ochtend voor astronoom Marc Klein Wolt. Als directeur van het Radboud Radio Lab van de Radboud Universiteit ging hij in de nacht van woensdag op donderdag vroeg zijn bed uit om de missie waar hij een bijdrage aan leverde te volgen.

Dat bleek echter niet eenvoudig. "We moesten het met heel weinig informatie doen, vooral met geruchten op Twitter", vertelt hij. "Mijn contacten in China die daar de landing volgden moesten hun telefoons inleveren, dus zij konden me ook niet van informatie voorzien. Bij andere ruimteorganisaties kun je alles live volgen, maar nu bleef alles stil."

Die communicatiestrategie is volgens hem eenvoudig te verklaren; het zou een logisch gevolg van de Chinese cultuur zijn. "Ze willen geen gezichtsverlies lijden. Een verkeerde afloop is not done. Nu het een succes is gebleken, zijn er alsnog allerlei filmpjes te vinden. Bij een andere afloop had je niks gezien", aldus Klein Wolt.

Met de landing heeft China een primeur te pakken. Nog nooit wist iets of iemand te landen op de achterkant van de maan, de zijde die we vanaf de aarde nooit zien.

"Het is alsof je op de aarde alleen op het noordelijk halfrond en niet op het zuidelijk halfrond bent geweest", vergelijkt sterrenkundige Lucas Ellerbroek van de Universiteit van Amsterdam. "De maan staat altijd met dezelfde kant naar de aarde, die verre kant staat altijd van de aarde weg gericht en is een onbekend gebied in ons zonnestelsel. Het is een mooie locatie om een telescoop te bouwen, want je hebt geen last van van de aarde afkomstige straling."

Satelliet hangt als basisstation achter maan

De Chinezen lanceerden de Chang'e 4 op 8 december en op 3 januari wist de lander neer te komen op het maanoppervlak. Sinds afgelopen voorjaar hangt de Chinese satelliet Queqiao al op 65.000 kilometer afstand achter de maan, die fungeert als basisstation voor de lander.

“De Chinezen denken minstens vijftig jaar vooruit.”
Strategisch analist Patrick Bolder

Klein Wolt bouwde met zijn collega's de radioantenne van de satelliet. "Daarnaast heeft de lander een instrument dat lijkt op dat van ons", legt hij uit. "De afspraak is dat de wetenschappelijke resultaten worden gedeeld. Maar het blijft China, dus het is afwachten hoe dat precies gaat gebeuren. Ze delen informatie niet gemakkelijk, maar dat geldt ook voor andere organisaties. Het Europese ruimteagentschap ESA keek over onze schouder mee tijdens het project en benadrukte dat we niks mochten delen. Iedereen wil zijn eigen kennis beschermen."

Volgens Klein Wolt zijn er meerdere redenen waarom een landing op de achterkant van de maan interessant is. Zo bevinden zich daar mogelijk mineralen die op aarde niet aanwezig zijn en kan onderzoek tot nieuwe informatie over het ontstaan van de maan leiden. Ook vraagt hij zich af hoe het kan dat het landschap aan die kant van de maan duidelijk anders is dan dat aan de kant die wel vanaf aarde te zien is.

China laat spierballen zien met landing

Sterrenkundige Ellerbroek ziet dat China veel investeert in ruimtevaart. "China wil zijn status als wereldmacht uitbreiden en laat met deze landing zijn spierballen zien", zegt hij. "Het is een kwestie van prestige. Wie lukt het als eerste om ergens naartoe te gaan? De VS heeft dit nog niet klaargespeeld. China investeert veel in ruimtewetenschap. Veel westers talent vertrekt naar China en in dat licht moet je deze landing ook zien. Ze lopen nog op veel gebieden achter, maar er is veel geld beschikbaar."

In de ruimte zijn de Verenigde Staten en Rusland de echte grootmachten, maar andere landen investeren volgens Ellerbroek flink. Zo is India in opkomst, en dat wil dat land bewijzen door in februari een maanlander te lanceren. Ook Japan, de Verenigde Arabische Emiraten en Brazilië hebben ambitieuze ruimteprogramma's.

ESA heeft ook ambitieuze plannen. In een project bekijken wetenschappers van de Europese ruimtevaartorganisatie momenteel of het mogelijk is om door middel van 3D-printers een basis op de maan te bouwen. Ook de Verenigde Staten hebben hernieuwde interesse in de maan. In het nieuwe ruimteprogramma wil de regering voor het eerst in decennia weer astronauten naar de maan sturen. Mogelijk zal de maan worden gebruikt als opstapje naar een missie naar Mars.

Een impressie van de Chang'e 4 op de maan. (Foto: ANP)

China het land dat echt investeert

Maar China is momenteel het land dat de ruimtevaart echt flink uitbouwt, en nu dus ook succes boekt. Volgens Patrick Bolder, Luitenant-kolonel van de Koninklijke Luchtmacht en werkzaam als strategisch analist bij het Haags Centrum voor Strategische Studies, wil China meer zelfstandigheid creëren door de ruimtevaart te stimuleren. "De VS en Rusland heersen nog in de ruimte", legt hij uit. "Nederland is bijvoorbeeld enorm afhankelijk van Amerikaanse satellieten. Maar die kunnen aan en uit worden gezet. China wil een eigen systeem waarmee ze die afhankelijkheid van andere landen willen verkleinen."

Bolder wijst op het belang van heersen in het ruimtedomein. "Een groot deel van de inlichtingen komt uit satellieten en in de toekomst wordt dat steeds belangrijker. China is niet van de korte termijn. Ze proberen veel en er mogen dingen mislukken. Maar er gaat veel goed."

De analist constateert dat de 'ruimtewedloop' volop bezig is. "Het gaat niet om wie de eerste mens op Mars zet, maar om wie in de ruimte zijn middelen het best kan gebruiken voor doelen op aarde. Je wilt ook weten wat andere landen doen door te weten wie boven jou cirkelt en jou observeert. Zo zie je dat naast de VS ook het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk veel investeren. Maar de Chinezen denken minstens vijftig jaar vooruit."

“Het blijft een machtsstrijd, een wedstrijdje ver pissen.”
Mark Klein Wolt

Ook sterrenkundige Ellerbroek stelt vast dat China grote stappen zet. Zo heeft China inmiddels al een eigen ruimtestation gelanceerd. Hij wijst wel op de hoge extra kosten van bemande ruimtevaart. "Daarnaast heb je altijd het risico dat iemand doodgaat. Zeker bij het begin van een nieuw ruimteprogramma. De eerste pannenkoek mislukt ook altijd, en dan zal de wereld schrikken."

Astronoom Klein Wolt benoemt de grote ambities van de Chinezen ook en is benieuwd wie als eerste een basisstation op de maan neerzet. "Je krijgt dan een soort ISS, maar dan op de maan", zegt hij. "Over tien jaar staat er vast iets. Misschien van Chinezen, misschien van een samenwerkingsproject tussen de NASA en ESA."

Klein Wolt is benieuwd hoe de NASA zal reageren op het succes van China. "Je ziet dat de Amerikanen nu voor het eerst in lange tijd weer interesse in de maan hebben. Het blijft natuurlijk een machtsstrijd, een wedstrijdje ver pissen."