Vrijwel dagelijks kondigen werknemers stakingen aan, van luchtvaartpersoneel tot postbezorgers. In 2017 bereikte het aantal stakingen zelfs het hoogste punt in 29 jaar, met in totaal 32 werknemersstakingen. Waar komt deze opleving vandaan? Is het terecht? En brengen de acties iets teweeg?

Vorig jaar staakten Nederlanders zeven keer vaker dan in 2016, meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) eerder. Ook waren er nooit eerder zoveel werknemers bij betrokken. En hoewel van het lopende jaar nog geen cijfers bekend zijn, lijkt een doorzettende opleving duidelijk.

Hoogleraar Agnes Akkerman van de Radboud Universiteit spreekt van de "aanstekelijkheid" van het staken. "Er is een leereffect, waardoor mensen denken: 'als zij staken, dan kunnen wij het ook'", legt ze uit. "Een geslaagde actie inspireert. Dat succes zit hem alleen al in het op de been krijgen van mensen."

Sjaak van der Velden van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis ziet juist de toonverandering van de vakbonden als een van de oorzaken. "Door hun polderimago liepen de ledenaantallen terug. Daardoor realiseerden de bonden zich dat ze niet alleen moeten meebuigen met werkgevers, maar ook af en toe hun tanden moeten laten zien."

Staken in reactie op stugge werkgevers

"Het is juist omgekeerd", stelt Zakaria Boufangacha van vakbond FNV. "We zijn misschien activistischer, maar dat is in reactie op de verharding bij werkgevers. Zij trekken onvoldoende de portemonnee, ondanks de economische groei. Hierdoor zien we ons vaker gedwongen om drukmiddelen in te zetten. Dat doen we niet omdat we ons imago willen oppoetsen."

Boufangacha ziet "polderen" op zich ook niet als negatief, maar juist als noodzakelijk begin. "We gaan nog altijd eerst het gesprek aan. Als we er dan uit komen, gaan we ook geen actievoeren."

Het lijkt een waterdichte verklaring, maar hebben de vele stakers überhaupt een punt? "Het water staat werkenden in Nederland misschien niet aan de lippen zoals elders, maar er zijn weldegelijk problemen", zegt Van der Velden. "Zo blijven de loonstijgingen achter, terwijl je overal hoort dat het goed gaat met de economie. Dat merken maar weinigen."

Uit nieuwe cijfers van het CBS van afgelopen dinsdag blijkt inderdaad dat de cao-lonen nog niet heel hard omhoog gaan. Terwijl ze in 2016 gemiddeld 1,8 procent stegen, namen ze in 2017 gemiddeld met 1,4 procent toe; precies evenveel als de consumentenprijzen. Loonstijgingen liepen uiteen van 0,6 procent bij de overheid tot 1,6 en 1,5 procent bij de gesubsidieerde sector en particuliere bedrijven.

Akkerman voegt toe dat de hoge werkdruk in Nederland veel mensen raakt: "Uit onderzoek blijkt wel dat bij veel beroepen de druk zelfs zo hoog is dat ziektecijfers pieken, en dat mensen bij die drukke banen vaker uitstromen."

“We zijn misschien activistischer, maar dat is in reactie op de verharding bij werkgevers”
Zakaria Boufangacha, FNV

Wie het minst krijgt, staakt ook het minst

Tegenstrijdig genoeg laten de beroepsgroepen waar de nood het hoogst is hun stem minder horen, stelt Akkerman. "De zorg is een goed voorbeeld, want die beroepsgroep is erg loyaal. Staken is moeilijk, want patiënten moeten toch verzorgd worden. Mensen wachten daarom lang met actievoeren."

Ook jonge mensen delven vooralsnog het onderspit. Zo lukt het de bonden tot nog toe amper om leden onder de 45 jaar te werven, schreef het Financieele Dagblad (FD) onlangs. "Dure lidmaatschappen, maar ook het nog altijd dominante individualisme spelen hier een grote rol", aldus Akkerman. "Het is voor deze grote groep een probleem dat ze niet wordt gehoord, en natuurlijk voor de vakbonden dat ze op deze manier steeds kleiner worden."

FNV erkent ook het tekort aan jongeren. "We hebben in het verleden misschien te veel ingezet op de groep van 45-plussers met een vast contract. Dat proberen we al enige tijd te herstellen, door ons sterk te richten op jongeren met een kwetsbare en onzekere positie. De doorgeslagen flexibilisering waarmee veel van hen te maken hebben, staat bij ons nu zelfs bovenaan de lijst."

Een actie als tegengif voor het individualisme

Om jongeren de weg terug naar de vakbond te laten vinden, probeert FNV hen onder meer met jongerenbeweging Young & United aan te spreken. "Zo organiseren we op 7 oktober de mars van de zekerheid, waar onze jongerenagenda goed zichtbaar wordt. We stellen zo iets tegenover het individualisme waar juist ook deze leeftijdsgroep mee is opgegroeid."

Volgens Van der Velden is er een ideologische verandering gaande. "De afgelopen decennia was het individualisme de hoofdstroming: 'We kunnen het zelf wel', was het idee van veel mensen. Nu komt langzaam de realisatie terug dat je het in je eentje niet tegen een grote werkgever op kunt nemen."

Ook Akkerman is hoopvol. "Het kan zijn dat de aanstekelijkheid van het staken ook overslaat op jongeren. Ik zie om me heen dat ze ontzettend veel organiseren op allerlei andere gebieden, dus hopelijk breidt zich dat ook hiernaar uit."

Of er altijd een betere deal uit een staking komt, is volgens Akkerman nog wel de vraag. "Vaak komen de eisers en de werkgever toch uit op een compromis. Het is dan niet zeker wat er uit zou zijn gekomen zonder acties. Desalniettemin is het staken hoe dan ook een krachtig middel om aandacht te vragen."