EU stemt voor 'uploadfilter': Wat is het en waarom is het omstreden?

Het Europees Parlement stemde woensdag voor een gezamenlijk standpunt over de hervorming van het auteursrecht. Onderdeel van de vernieuwing is dat bedrijven zoals YouTube en Facebook aansprakelijk worden voor het materiaal dat hun gebruikers uploaden. Tegenstanders vrezen dat dit een 'uploadfilter' in de hand werkt, waarbij internetbedrijven het materiaal gaan inspecteren voordat zij het online plaatsen.

"Nijntje is al drie dagen wakker. Ze zit lekker op de pep", staat er bij een afbeelding van Nijntje met opvallend wijde pupillen en twee lijntjes speed op tafel. Het konijn is op deze afbeelding veranderd in 'Lijntje': een drugsgebruikende parodie op de onschuldige creatie van wijlen Dick Bruna.

Bruna voelde zich beledigd door afbeeldingen waarop Nijntje geassocieerd wordt met onder meer drugs en terrorisme. De tekenaar beriep zich op het auteursrecht en eiste dat de afbeeldingen offline gehaald zouden worden, maar de rechter ging daar niet in mee. In 2011 oordeelde de rechter definitief dat 'Lijntje', maar ook 'Nijntje staat strak' (een andere verwijzing naar drugsgebruik) en 'Nijn-Eleven' (een verwijzing naar 9/11), als parodie op Nijntje zijn toegestaan.

Een omstreden onderdeel van de hervorming van het Europese auteursrecht is dat sociale netwerken aansprakelijk worden voor het materiaal dat gebruikers uploaden. "Dat betekent dat bedrijven zoals YouTube en Facebook twee dingen kunnen doen", zegt Stefan Kulk, die dit najaar promoveert op de aansprakelijkheid van internetplatforms.

"De internetbedrijven kunnen met rechthebbenden een licentie afsluiten. Daarmee is de zaak in principe afgedaan, maar het is de vraag of de bedrijven daarvoor kiezen en of het lukt om eruit te komen met auteursrechthebbenden. Ze kunnen er ook besluiten om het materiaal van gebruikers van tevoren controleren. Omdat het uploaden zo massaal gebeurt, kan dat niet anders dan met een technologisch filter."

Een uploadfilter houdt in dat rechthebbenden hun teksten, muziek, afbeeldingen en video's in een database kunnen plaatsen, waarna een internetbedrijf het materiaal kan vergelijken met materiaal dat gebruikers uploaden. Google, dat eigenaar is van YouTube, heeft voor de videosite al zo'n filter in gebruik, waarmee het bedrijf inbreuken op het auteursrecht probeert te voorkomen.

"De Nijntje-zaak is een goed voorbeeld van waar zo'n uploadfilter om draait", zegt Bernt Hugenholtz, hoogleraar informatierecht, gespecialiseerd in auteursrecht, aan de Universiteit van Amsterdam. "Als alle platforms in de toekomst daadwerkelijk een uploadfilter moeten gebruiken, zou zo'n zaak zich waarschijnlijk niet kunnen voordoen, omdat het filter Nijntje zou herkennen als auteursrechtelijk beschermd materiaal."

Filters kunnen geen nuance aanbrengen

Het Nederlandse auteursrecht kent verschillende uitzonderingen. Zo is het, zoals in de Nijntje-zaak, toegestaan om zonder toestemming van de auteur een humoristische parodie te maken. Ook zogenoemde memes (plaatjes, doorgaans grappig bedoeld, gebaseerd op bestaand materiaal) kunnen hieronder vallen.

Auteursrechtelijk beschermd materiaal mag ook gebruikt worden om er inhoudelijk op te reageren of om een bepaald standpunt te maken: het zogenaamde citaatrecht. Onder dit recht mag je bijvoorbeeld een scène van een film laten zien om er in een recensie kritiek op te geven.

Of deze uitzonderingen wel of niet opgaan staat vaak ter discussie, bijvoorbeeld tussen de hergebruiker van het materiaal en de originele auteur. Een rechter bepaalt dan achteraf – en controleerbaar – of het werk is toegestaan. Een uploadfilter werkt anders. Het is niet altijd duidelijk waar de technologie zich op baseert. Bovendien is het filter gemaakt om vooraf in te grijpen, om zo te voorkomen dat het materiaal überhaupt online verschijnt.

“Een filter kan niet bepalen wat in het auteursrecht is toegestaan.”
Stefan Kulk, promovendus internetplatforms

"Ik vind het zorgelijk. Een filter kan niet bepalen wat in het auteursrecht wel en niet is toegestaan", zegt Kulk. "Het filter heeft maar een beperkte intelligentie, laat staan gevoel voor humor", zegt Hugenholtz. "Die technologie kan dus nooit beoordelen of iets met humoristische intentie gemaakt is. Met zo'n filter komt de vrijheid om informatie te delen in het geding."

"Het auteursrecht is een soort balans", zegt Kulk. "Aan de ene kant moet het de rechten van auteurs beschermen. Aan de andere kant vinden we het voor de democratie ook belangrijk dat we informatie kunnen delen en meningen kunnen uitwisselen. Daarom zijn er ook allemaal uitzonderingen ingebouwd, bijvoorbeeld om te kunnen citeren en te parodiëren. Dat vraagt soms dat het auteursrecht aan de kant wordt geschoven."

"Het gaat niet alleen om parodieën, maar ook om wetenschappelijke artikelen, een kritiek, literaire recensies en journalistieke artikelen", zegt Hugenholtz. "Vooral voor grote platforms zal een uploadfilter de vrijheid van meningsuiting beperken."

'Positie van auteursrechthebbenden verandert niet'

Met de plannen van de Europese Commissie wil Brussel de onderhandelingspositie van creatieve makers ten opzichte van grote internetplatforms versterken. "Dat is een belangrijke reden waarom die lobby is begonnen", zegt Hugenholtz. "De contentindustrie, uitvoerende makers en auteurs van mening zijn dat die platforms wel erg veel geld verdienen, zonder dat zij er wat voor terugzien."

"Ik snap die klacht wel. YouTube is bijvoorbeeld een belangrijk platform voor muziek en video. Toch gaat er relatief weinig geld naar de rechthebbenden in vergelijking met de advertentie-inkomsten die Google krijgt. Toch heb ik er ernstig mijn twijfels over of een uploadfilter de oplossing is."

“De grote ironie is dat er voor Google bijna niets verandert.”
Bernt Hugenholtz, hoogleraar informatierecht

"De grote ironie is dat er voor Google bijna niets verandert", vervolgt de hoogleraar informatierecht. "Het bedrijf zou verplicht moeten worden om materiaal op YouTube te filteren. Dat doen ze al jaren. Sterker nog: zij hebben dat systeem helemaal zelf ontwikkeld (Google zegt omgerekend ruim 55 miljoen euro in de filter te hebben geïnvesteerd, red.). Het bedrijf zou dit filter ook kunnen licenseren aan andere platforms."

"Een uploadfilter kan de positie van grote platforms, zoals Google en Facebook, mogelijk ook alleen maar versterken", zegt Kulk. "Zij hebben de financiële mogelijkheden om een filter te maken of te kopen. Voor kleine platforms legt een uploadfilter de drempel om te innoveren een stuk hoger. De regels zullen dan averechts werken. Dat is een wel beetje tragisch."

"De rechthebbenden hopen dat de online platforms een licentiedeal gaan afsluiten, waardoor zij meer geld krijgen", zegt Hugenholtz. "Ik gun het de auteursrechthebbenden van harte, want ze verdienen te weinig. Maar ik denk eerlijk gezegd niet dat dit gaat gebeuren."

"De platforms zullen ervoor kiezen om een contentfilter te installeren. 'Je kunt bij ons kiezen', zal Google zeggen. 'Je doet mee aan ons systeem, of we halen het materiaal eraf'. Het uiteindelijke effect gaat zijn dat allerlei platforms content gaan filteren, terwijl rechthebbenden niet of nauwelijks meer inkomsten gaan krijgen."

'Uploadfilter' nog niet definitief

De hervorming van het auteursrecht, waar het 'uploadfilter' onder valt, is nog niet definitief. Nu het Europees Parlement heeft ingestemd met een gezamenlijk standpunt, gaat het nog voor een definitief akkoord naar de Europese Raad, die bestaat uit de staatshoofden van de 28 lidstaten.

Hoogleraar informatierecht Hugenholtz verwacht niet dat de laatste fase van het proces lang gaat duren. "Ik denk dat het Europees Parlement en de Europese Raad nog dit jaar vrij gemakkelijk tot een compromis zullen komen."

"Het uploadfilter waar het Europees Parlement woensdag mee instemde staat niet ver af van de versie waarmee de Europese Raad eerder akkoord ging. De Europese Commissie wil uiteindelijk maar één ding: dat er aan het eind van de zittingsperiode in 2019 een richtlijn ligt."

Lees meer over:

NUshop

Tip de redactie