Elke provincie in Nederland snakt inmiddels naar regenwater, maar op hoge gronden in het oosten is de nood veel hoger dan bijvoorbeeld in het lager gelegen zuidwesten. Welke maatregelen tegen de droogte zijn per provincie genomen en in hoeverre is in provincies nog voldoende oppervlaktewater?

Utrecht - weinig problemen

We beginnen deze gang langs de twaalf provincies in het midden van het land. In Utrecht zorgde droogte juist voor overstromingen in de zomer van 2003. In Wilnis was een veendijk dusdanig uitgedroogd dat deze verschoof en het water vrij spel gaf. Daar hebben de waterschappen in Utrecht van geleerd en dus worden tientallen kilometers veendijk natgehouden en gecontroleerd op eventuele scheuren.

Doordat Utrecht in een waterrijk gebied ligt - denk aan de Lek, het Amsterdam Rijnkanaal en grote meren als de Loosdrechtse Plassen - is er van een watertekort nog geen sprake. Beregeningsverboden zijn er dan ook vrijwel niet. "Het piept en kraakt een beetje, maar het gaat nog wel", laat een woordvoerder van Waterschap Stichtse Rijnlanden weten. De provincie Utrecht helpt buurprovincie Zuid-Holland ook met water uit het Amsterdam-Rijnkanaal.

Gelderland - op sommige plaatsen problemen

Iets verder naar het oosten zorgen heuvels en zandgronden er in Gelderland voor dat water snel wegstroomt. Om die reden mogen boeren ook daar geen oppervlaktewater gebruiken om hun land of gewassen te besproeien. In een straal van tweehonderd meter rondom natuurgebieden De Zumpe bij Doetinchem, de Wiersse bij Ruurlo en het gebied Steenderen en Rha mogen boeren ook geen grondwater gebruiken om hun land te besproeien.

"De Achterhoek is een van de droogste gebiedenvan Nederland", zegt een woordvoerder van Waterschap Rijn en IJssel. "Daardoor waren we een van de eerste waterschappen met sproeiverboden."

In de Smallertse Beek staat zo weinig water dat zeldzame vissoorten als de elrits bedreigd worden. De vissen zijn uitgezet in de Grift, die uiteindelijk aansluit op de Smallertse Beek. Na voldoende neerslag kunnen de elritsen dan zelf terugzwemmen naar de Smallertse Beek.

In het westen van Gelderland is iets meer water beschikbaar. De grote rivieren zorgen daar nog voor mogelijkheden om water af te nemen. Wel mag daar tussen 9.00 uur en 18.00 uur geen oppervlaktewater worden gebruikt om te sproeien.

Honderden elritsen zijn uit de Smallertse Beek gehaald en in de Grift gezet. (Hollandse Hoogte)

Friesland - weinig problemen

In vergelijking met andere provincies vallen de gevolgen van de droogte in Friesland wel mee. De meren, sloten en beken in Friesland worden aangevuld met water uit het IJsselmeer. Omdat er in dat deel van Nederland een dreigend watertekort is, heeft de Landelijke Commissie Waterverdeling (LCW) woensdag besloten dat het water uit het IJsselmeer alleen gebruikt mag worden voor het strikt noodzakelijke.

Het Waterschap Fryslân ziet het beregenen van grasland niet als strikt noodzakelijk. Daarom heeft het een beregeningsverbod van grasland ingesteld vanaf donderdagmorgen. Het oppervlaktewater mag wel worden gebruikt voor het besproeien van landbouwgewassen, maar alleen tussen 22.00 uur en 8.00 uur. 's Nachts verdampt er minder water, dus om zo zuinig mogelijk met het water om te springen, mag er overdag niet meer worden gesproeid.

"We ondervinden op dit moment geen problemen", zegt een woordvoerder van het Waterschap Fryslân. "Het grasberegeningsverbod is dan ook vooral ingesteld om problemen te voorkomen."

Drenthe - op sommige plaatsen problemen

In het iets zuidelijker en hoger gelegen Drenthe worden de problemen al wat groter dan in Friesland. De provincie krijgt via Friesland en Drenthe water aangeleverd uit het IJsselmeer, maar dat water kan niet de hele provincie gemakkelijk bereiken. Daarom is er een verbod ingesteld om overdag gewassen te sproeien. Net als in Friesland is de reden van dat verbod dat overdag sproeien minder effectief is. Een derde van het gesproeide water zou dan verdampen.

In het Drentsche Aa-gebied mag het Waterschap Hunze en Aa's geen water aanvoeren. "Dat is een Natura 2000-gebied, waar ook drinkwater aan wordt onttrokken. De waterkwaliteit moet daardoor hoog blijven", zegt een woordvoerder van het waterschap. In de gebieden die wat hoger liggen, komen beken droog te liggen. Het water stroomt daar snel naar beneden en kan niet worden vastgehouden. "Als de waterstand daar daalt, heeft het waterleven daaronder te lijden en krijgen we te maken met vissen die het moeilijk hebben."

Overdag sproeien mag niet meer in Drenthe. (ANP)

Overijssel - veel problemen

In de provincie Overijssel profiteren de boeren van de rivieren IJssel, Overijsselse Vecht en het Drents Kanaal. De rivieren worden gebruikt om de waterstand van beken, sloten en andere wateren op peil te houden. Een gebied dat van de IJssel profiteert, is de Weerribben. Daar is de waterstand laag en via de IJssel wordt daar water ingelaten.

Hoe lang dat nog kan, is zeer de vraag. De IJssel wordt gevoed door de Rijn en de watertoevoer vanaf de Rijn wordt steeds minder. De LCW constateerde woensdag dat de wateraanvoer in de Rijn is gedaald tot 1.060 kubieke meter per seconde. Dat is onder het minimum van 1.200 kubieke meter per seconde dat de LCW voor deze periode hanteert. Doordat het in het stroomgebied van de Rijn, elders in Europa, wel heeft geregend, stijgt de toevoer komende week mogelijk tot 1.100 kubieke meter per seconde, maar daarmee wordt het minimum nog altijd niet bereikt.

In het westen van Overijssel hebben de agrarische sector en de natuur de beschikking over "redelijk wat water", zegt een woordvoerder van Waterschap Drents Overijsselse Delta.

In het oosten van Overijssel zijn de problemen veel groter. Doordat het gebied hoog en op zandgronden ligt stroomt het water snel weg. "Op de hoge zandgronden is amper water meer. Twente is nu een van de droogste delen van Nederland", constateert een woordvoerder van Waterschap Vechtstromen. Daarom is er een onttrekkingsverbod voor oppervlaktewater ingesteld binnen Waterschap Vechtstromen. Boeren mogen nog wel grondwater gebruiken om hun land te beregenen, behalve binnen een straal van tweehonderd meter van kwetsbare natuurgebieden.

Een andere maatregel van het waterschap is het verbieden van het gebruiken van water uit vijvers in dorpen en steden. "De situatie was zo nijpend dat ondernemers water gingen onttrekken uit die vijvers . Daardoor kwam de kwaliteit ernstig onder druk te staan. De zuurstof in het water raakte op en dat zorgt voor vissterfte en blauwalg", meldt de woordvoerder.

Groningen - weinig problemen

Groningen maakt gebruik van het water uit het IJsselmeer en net als in Friesland vallen de waterproblemen door de droogte mee. "Als je een kaartje bekijkt waarop het neerslagtekort is afgebeeld, zie je dat ons gebied geel en oranje is, terwijl gebieden op andere plekken in het land paars zijn", legt een woordvoerder van het Waterschap Noorderzijlvest uit.

Sinds dinsdag wordt de Hoorndijk, een veendijk langs het Paterwoldsemeer, natgehouden. "Voor veendijken levert de droogte meer problemen op dan kleidijken", aldus de woordvoerder. Het veen wordt bij droogte licht en dat kan ervoor zorgen dat de dijk wegschuift.

Noord-Brabant - op sommige plaatsen problemen

Net als in Gelderland zijn in Noord-Brabant vissen van de Snelle Loop naar de Aa overgeplaatst. Dat is gedaan omdat de beek de Snelle Loop dreigde droog te vallen. De hoge zandgronden zorgen ook in Noord-Brabant voor een gebrek aan water. Boeren rondom de Maas kunnen gebruikmaken van de Maas om hun land te beregenen, maar gebieden die wat zuidelijker liggen - en dus verder van grotere rivieren - kampen met een watertekort. Daar is een beregeningsverbod van kracht. "Hoe verder naar het zuiden, hoe groter de problemen", stelt een woordvoerder van Waterschap Aa en Maas.

Binnen dat waterschap zijn ook een aantal "ecologisch waardevolle beken" waar het water zoveel mogelijk wordt vastgehouden door stuwen.

De Kleine Aa is drooggevallen in Noord-Brabant. (ANP)

Flevoland - weinig problemen

In de provincie Flevoland worden de gevolgen van de droogte misschien wel het minst ervaren. Flevoland kan gebruikmaken van het IJsselmeer en ook al moet het gebruik van dat water tot het meest noodzakelijke worden beperkt, kan het beregenen van gewassen daar gewoon doorgaan. "We zitten hier in feite op de bodem van de zee en hebben dus een unieke positie", zegt een woordvoerder van Waterschap Zuiderzeeland. De ontwikkeling van blauwalg neemt wel wat toe, maar "tot nu toe vallen de problemen mee".

Zuid-Holland - weinig problemen

In het laaggelegen Zuid-Holland is verzilting het grootste probleem tijdens de droogte. Normaal gesproken maakt de tuinbouwsector in het Westland en plaatsen als Boskoop gebruik van het zoete water dat onder meer via de Hollandsche IJssel wordt aangevoerd. Daar is de zoetwateraanvoer nu zo laag dat het zoute water vanuit de Noordzee via de Nieuwe Waterweg en de Nieuwe Maas de Hollandsche IJssel op kan stromen. Het verzilte water heeft bijna de waterinlaat tussen Nieuwerkerk aan den IJssel en Moordrecht bereikt en kan vanaf dan niet meer gebruikt worden om de polders van Zuid-Holland in te stromen.

Daarom maakt Zuid-Holland gebruik van zoet water uit het Amsterdam-Rijnkanaal. Via de Klimaatbestendige Wateraanvoervoorziening (KWA) wordt het water vanuit het Amsterdam-Rijnkanaal tegen de stroomrichting in de Leidsche Rijn op gepompt. Vanaf daar stroomt het verder Zuid-Holland in.

Vanwege de sterke stroming die nu op de Leidsche Rijn staat, is er een vaar- en zwemverbod afgekondigd. Een beregeningsverbod hebben boeren in Zuid-Holland niet.

Uit het Amsterdam-Rijnkanaal wordt water gepompt om Zuid-Holland van zoet water te voorzien. (ANP)

Limburg - veel problemen

We maken een sprong naar het uiterste zuiden van het land. In tegenstelling tot de provincies in de Randstad zijn in Limburg wél beregeningsverboden van kracht, met uitzondering van het onttrekken van water uit beken die doorgaans voldoende water bevatten. Ook uit de Maas en de kanalen mag nog water gehaald worden om te sproeien.

Tijdens mogelijke hoosbuien kan de droogte ook gevolgen hebben. De grond is zo droog dat die geen water opneemt, waardoor het water snel wegstroomt en in lager gelegen plaatsen terecht komt. Daar heeft het Waterschap Limburg wel buffers aangelegd, maar daarin kan niet al dat water worden opgevangen.

Noord-Holland - weinig problemen

In het zuiden van Noord-Holland ontwikkelt zich veel blauwalg. Normaal gesproken stroomt de Amstel dusdanig snel dat dat nooit een probleem is, maar daar is nu verandering in gekomen. Een oorzaak is dat omliggende polders altijd overtollig water in de Amstel pompen, maar vanwege de droogte wordt zoveel mogelijk water vastgehouden.

In de Watergraafsmeer moest deze week ook water worden ingelaten. "Een vrij unieke situatie, omdat dit een van laagst gelegen polders van Nederland is en omdat er altijd veel zoet kwelwater omhoog komt", zegt een woordvoerder van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht.

Dat kwelwater is in het noorden van Noord-Holland juist zout, maar zorgt nog niet voor problemen. Het wordt omlaag gedrukt door zoet water dat zoveel mogelijk vanuit het IJsselmeer wordt binnengelaten. Beregeningsverboden zijn er niet of nauwelijks in Noord-Holland.

Zeeland - weinig problemen

Zeeland, de provincie die het meest bekend staat om water, maar die daar in tijden van droogte niet van kan profiteren. Vrijwel al het water dat om Zeeland heen ligt, is zout en kan dus niet gebruikt worden om gewassen mee te beregenen.

Tot beregeningsverboden heeft dat nog niet geleid, maar dat is volgens een woordvoerder van Waterschap Scheldestromen alleen officieel niet het geval. "Als boeren willen beregenen, hebben ze een vergunning nodig en daar staat in dat beregenen niet mag als het water onder het minimumpeil staat." Dat minimumpeil is bijna overal bereikt, behalve in Tholen, Sint Philipsland, Rilland en de Reigerbergse Polder. "We mogen geen druppel verliezen en proberen dus zoveel mogelijk water vast te houden. Maar tot nu toe ondervinden we geen problemen door de droogte."