Drinkwaterbedrijven waarschuwen om zuinig te zijn met water, omdat er anders mogelijk bruin water uit de kraan komt. En gooi vooral geen brandende peuk weg in de natuur, want dat kan een grote natuurbrand veroorzaken. 15 juni was de laatste dag dat regen van enige betekenis in Nederland viel en sindsdien houdt de droogte Nederland in de greep. Hoe gaat Nederland om met de wekenlange droogte?

Scheuren in de grond laten zien dat de bodem kurkdroog is en waar normaal gesproken de Maas stroomt, kan nu een kind lopen omdat de rivier lager staat dan normaal. Het is al bijna een maand droog en dat zorgt ervoor dat er verschillende maatregelen genomen moeten worden. Drinkwaterbedrijven hebben opgeroepen om zuinig te doen met water, zeker tijdens piekuren, en boeren in het zuiden en oosten van het land mogen geen oppervlaktewater meer gebruiken om hun gewassen mee te besproeien.

Dat verbod op het gebruik van oppervlaktewater is gedaan omdat op de hoge gronden in het zuiden en oosten van Nederland de droogte zich het meest manifesteert. "In het lagere westen is dat nog niet het geval", vertelt Cees van Bladeren, beleidsadviseur van de Unie van Waterschappen. Het westen profiteert van de Rijn en de Maas die daarheen stromen. "Het oosten moet het echt hebben van neerslag en het vasthouden van water. Het zijn twee totaal andere watersystemen."

Dat andere watersysteem zorgt er wel voor dat zich een ander probleem voordoet in het westen van het land. "Daar verzilt de grond van nature. Er komt altijd een kleine hoeveelheid zilt grondwater naar boven en dat moet weggespoeld worden", legt Van Bladeren uit.

De tuinbouwsector die in het Westland, maar ook in plaatsen als Boskoop gevestigd is, heeft veel baat bij het wegspoelen van zilt water. "Daar is zeer zoet water nodig. Als dat doorspoelen niet op een natuurlijke manier gebeurt, nemen we maatregelen om het door te laten stromen."

Sproeiverbod

In het zuiden en oosten van het land treedt die verzilting niet op. Doordat dat deel van het land hoger ligt, stroomt het water automatisch snel weg. De dalende waterstanden zorgden ervoor dat waterschappen Vallei en Veluwe en Aa en Maas zich genoodzaakt zagen om een sproeiverbod aan de boeren te geven. Dat betekent dat ze op hun land geen oppervlaktewater meer mogen sproeien.

Veel boeren hebben een vergunning om grondwater op te pompen en dat over hun land te sproeien, maar volgens Lambert Verheijen, dijkgraaf van het Brabantse waterschap Aa en Maas, daalt het peil van het deel van het grondwater dat de boeren mogen gebruiken. "Als de situatie niet verandert, kan het zo zijn dat we de boeren over twee of drie weken ook moeten verbieden om voor het sproeien gebruik te maken van het grondwater. In dat geval treedt de verdringingsreeks in werking."

In die verdringingsreeks staat beschreven welke doelen voorrang hebben als er een tekort aan water dreigt. Bovenaan staan de veiligheid (dijken en waterkeringen) en onomkeerbare schade aan de natuur. Daarna volgen de drinkwater- en energievoorziening. Vervolgens heeft de beregening van gewassen de prioriteit, waarna belangen van de scheepvaart, industrie, waterrecreatie en binnenvisserij de verdringingsreeks afsluiten.

Het gebeurt niet heel vaak dat er gebruik wordt gemaakt van de verdringingsreeks en het is nog nooit voorgekomen dat de veiligheid en drinkwater- en energievoorziening in gevaar kwamen door de droogte. De enige keer dat de verdringingsreeks in werking trad, was tijdens de droogte van 2003. "Toen heeft de scheepvaart een beetje pijn moeten lijden, omdat de elektriciteitsvoorziening voorrang kreeg boven de scheepvaart", vertelt Hans de Vries, voorzitter van de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW). "Een elektriciteitscentrale langs het Amsterdam-Rijnkanaal had toen extra koelwater nodig, dus daarom moest de scheepvaart even stil worden gelegd."

Verschillende waterschappen hebben boeren verboden om voor het sproeien oppervlaktewater te gebruiken.

Extra kosten

Landbouwers hebben nog weinig last van de droogte, vertelt Claude van Dongen, bestuurder van LTO. "Het geeft wat extra kosten, omdat de beregeningsinstallaties diesel en elektriciteit nodig hebben. Daarnaast zorgt het ook voor extra inspanning. De installaties draaien een uur of acht achter elkaar, maar ze moeten wel in de gaten gehouden worden. Daardoor zijn boeren ’s nachts in de weer."

Van Dongen, zelf melkveehouder en sierteler in het Brabantse Oosteind, denkt dat die hogere kosten wel worden terugverdiend met de uiteindelijke opbrengst van de gewassen. "In een groot deel van Europa is het droog en dus is het aanbod van producten waarschijnlijk lager. Dat zorgt voor hogere prijzen en op die manier worden landbouwers gecompenseerd."

Koeien

Ook melkveehouders ervaren de gevolgen van de droogte. Het gras in de wei groeit minder hard en daardoor moeten koeien soms op stal worden gehouden om bijgevoerd te worden. "Maar voor koeien is het met de warmte sowieso niet prettig om buiten te staan. Veel boeren laten de koeien nu ’s nachts de wei in", aldus Van Dongen.

Boeren gebruiken het gras niet alleen om de koeien op te laten lopen, maar vullen normaal gesproken in de zomer de wintervoorraad aan. Door de beperkte grasgroei kan dat nu amper. "Ik verwacht niet dat dat een enorm probleem oplevert", zegt Van Dongen. "De laatste jaren is de voorraad voer goed aangevuld en we moeten ook niet doen alsof dit nog nooit gebeurd is. Boeren weten dat dit hoort bij hun bedrijfsvoering."

Veendijken

De droogte zorgt er ook voor dat veendijken natgehouden moeten worden. Met een dalende waterstand heeft dat niets te maken, maar doordat de zon en de warme wind de dijk uitdrogen, kunnen daar scheuren in komen. In Wilnis leidde dat in augustus 2003 tot een dijkdoorbraak. "Daarvoor hebben we nooit met een dijkdoorbraak door uitdroging te maken gehad. Zelfs niet honderden jaren terug", aldus Van Bladeren. "Sindsdien houden we de kwaliteit van veenkades in de gaten."

Om ervoor te zorgen dat het veen niet te veel gewicht door de droogte verliest, worden de veendijken preventief gesproeid. Volgens Van Bladeren is dat de beste oplossing, want al die dijken vervangen, ziet hij niet als optie. "Dat gaat om honderden kilometers aan dijken, dat is een enorme investering. Bovendien zijn sommige kades ook moeilijk bereikbaar, waardoor ze niet kunnen worden vervangen."

Om te voorkomen dat er scheuren in veendijken komen en daardoor doorbreken worden de dijken nat gehouden.

Spaarstand

De natuur is door de langdurige droogte in een soort spaarstand gegaan. "Het is nu wel even extreem, maar de natuur kan wel wat hebben", zegt Bart Smit, boswachter van Staatsbosbeheer op de Veluwe. "Bomen laten hun vrucht al vallen terwijl die nog niet ontwikkeld is. De dieren op de Veluwe weten feilloos de plekken te vinden waar water is. En als die zijn opgedroogd zoeken ze verder. Ze moeten nu wat spaarzamer met vocht omgaan."

Voor wilde zwijnen die dit voorjaar laat zijn geboren, is het "wel even pittig", volgens Smit. "Daar zie je dat nu natuurlijke selectie plaatsvindt. De zwakkere dieren redden het niet." Staatsbosbeheer houdt de hoeveelheid water in natuurgebieden nauwlettend in de gaten. Ook zijn boswachters waakzaam als het gaat om natuurbranden, die door de droogte gemakkelijk ontstaan. "De droogte zal zijn sporen nalaten, maar voor de rest valt het wel mee. De natuur is hier wel tegen opgewassen."

Drinkwater

Het KNMI voorspelt dat er pas eind volgende week weer kans op regen is, maar dat ook daarna de droogte niet direct is verdwenen. De drinkwatervoorziening zal door het droge weer niet in gevaar komen. "Voor het drinkwater maken we gebruik van het diepe grondwater. Dat moet natuurlijk wel aangevuld worden, maar daar zit zo’n enorme sloot water in dat we in ieder geval genoeg drinkwater hebben voor deze zomer", licht Verheijen toe.

Ook Van Vliet ziet nog geen reden voor echt grote zorgen. "Het water in de Rijn staat lager dan normaal gesproken in juli, maar het is nog wel voldoende. Ook het waterpeil in de Maas is iets te laag, maar niet heel veel lager dan wat gebruikelijk is."

Het water in de Maas staat iets te laag, maar niet heel veel lager dan normaal in juli.

Rijn en Maas

De aanvoer van het water in de Rijn en de Maas is voor een groot deel afhankelijk van neerslag die in het buitenland valt. Het KNMI verwacht dat het in het Zwitserse Basel, een van de eerste grote plaatsen waar de Rijn doorstroomt, "overwegend droog en aanhoudend warm" blijft. Voor het Franse Verdun, waar de Maas doorstroomt, bestaat hetzelfde weerbeeld. "We zien dat er net als in Nederland pas vanaf eind volgende week kans is op neerslag. Het gehele stroomgebied blijft dus nog lang lasthouden van de droogte."

Als het water in de Rijn, waar de IJssel van aftakt, te laag komt te staan, wordt het waterpeil in het IJsselmeer en het Markermeer verhoogd. Die twee meren zijn een belangrijk reservoir voor het zoetwater in Nederland. In juni besloot minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) al dat het waterpeil in de zomer niet meer op een vast niveau moet worden gehouden. Op die manier blijft er in drogere tijden, zoals nu, genoeg drinkwater beschikbaar.

Het KNMI verwacht dat het neerslagtekort tijdens de huidige droogteperiode zal oplopen tot gemiddeld boven de tweehonderd millimeter. Daarmee behoort de droogteperiode tot een van de droogste ooit en dat is dus een uitzonderlijke situatie. Dat kan aan het eind van deze eeuw zomaar anders zijn, voorspelt het KNMI. Helemaal zeker is het niet, daarvoor moeten meer modellen duidelijkheid geven over de opwarming van de aarde, maar volgens het KNMI geeft de huidige droogte "een idee van de gemiddelde droogte die we in de toekomst kunnen verwachten als dit scenario uitkomt".