Een dag na de gemeenteraadsverkiezingen maken de partijen de balans op. Wie zijn de winnaars en wie zijn de verliezers? NU.nl maakt een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen.

Bekijk hier de uitslag in jouw gemeente

Lokale partijen

Opnieuw zijn de lokale partijen als grootste uit de bus gekomen. Sterker nog, de lokale partijen zijn weer groter geworden dan vier jaar geleden. Met 33 procent voor de lokalo’s in 2018 is dat een stijging van 5 procentpunt ten opzichte van 2014 toen zij 28 procent van de stemmen binnenhaalden.

Hoewel in sommige gemeenten lokale partijen verliezen hebben geleden, mag gerust gesteld worden dat deze politieke stroming de gemeenteraadsverkiezingen met afstand hebben gewonnen.

De winst van de lokale partij Groep de Mos van oud-PVV-Kamerlid Richard de Mos in Den Haag is misschien wel een van de opmerkelijkste overwinningen.

Lokale partijen

  • 2014:
    2.602 zetels (27,77 procent)
    2018:
    2.888 zetels (32,8 procent)

CDA

Van de landelijke partijen is het CDA opnieuw de grootste geworden, maar de partij levert wel raadszetels in. In 2014 haalden de christendemocraten 14,4 procent van de stemmen, in 2018 is dat 13,5 procent: een verlies van ongeveer zestig raadszetels.

CDA-leider Sybrand Buma viert het verlies als een overwinning met de gedachte dat het CDA zich heeft weten te handhaven. Dat is een omslachtige manier om je verlies te erkennen. Partijleider Buma zei woensdagavond nadat de eerste exitpolls binnen waren dat het CDA lokaal, net als nationaal, bereid is "verantwoordelijkheid te nemen waar dat kan."

CDA

  • 2014:
    1.498 zetels (14,43 procent)
    2018:
    1.292 zetels (13,5 procent)

VVD

Even dacht de VVD voor het eerst in de geschiedenis bij de gemeenteraadsverkiezingen de grootste landelijke partij te worden. Maar dat is net niet gelukt.

De partij van Mark Rutte mag wel één van de winnaars genoemd worden. De liberalen winnen ongeveer 125 raadszetels en haalden 13,3 procent van de stemmen. Vier jaar geleden was dat nog 12,2 procent. Dat de VVD niet de grootste is geworden, is voor Rutte "geen tegenvaller". "Want de uitslag is heel mooi en ik gun het het CDA zeer."

VVD

  • 2014:
    1.098 zetels (12,21 procent)
    2018:
    1.111 zetels (13,3 procent)

D66

"We gaan zeker inleveren", voorspelde de D66-lijsttrekker in Utrecht al. Alleen met hoeveel was de vraag. De partij wist vier jaar geleden meer raadszetels in de wacht te slepen en kon zichzelf de grootste noemen in steden als Utrecht, Den Haag en Amsterdam.

Die lijn wisten de democraten niet door te trekken en ze moeten het doen met overwinningen in Leiden, Gouda en Amersfoort. Het totale verlies staat op 169 zetels.

Pechtold moest de sfeer er op de verkiezingsavond een beetje inhouden en herinnerde de aanwezigen eraan dat de partij nog steeds op het podium staat. "We hadden goud, maar hebben in veel gemeenten nu zilver", aldus Pechtold.

Vraag het een sporter en je krijgt heel andere kwalificaties wanneer zij spreken over dit edelmetaal. Wielrenster Marianne Vos verwoordde een zilveren medaille op het WK veldrijden ooit als volgt: "Natuurlijk is het een medaille, maar ik ben wel de eerste verliezer."

D66

  • 2014:
    825 zetels (12,06 procent)
    2018:
    595 zetels (8,9 procent)

GroenLinks

Is GroenLinks de grote winnaar van deze verkiezingen? Als je de 'overwinningsspeech' van partijleider Jesse Klaver mag geloven wel. Het was volgens hem een "historische avond".

Natuurlijk viel er ook iets te vieren, de partij werd de grootste in grote steden als Amsterdam, Utrecht en Nijmegen. Maar er valt genoeg af te dingen op de uitslag.

De partij maakte weliswaar een sprong van 5 naar 8,5 procent van de stemmen, maar is daarmee nog steeds kleiner dan 'verliezer’ D66 (8,9 procent).

De PvdA behaalde vier jaar geleden zelfs meer stemmen dan GroenLinks in 2018, terwijl die verkiezingsuitslag voor de sociaaldemocraten als rampzalig in de boeken staat.

Bij de leiderschapswissel in 2015 zei afzwaaiend fractievoorzitter Bram van Ojik tegen zijn opvolger Klaver dat je weinig aan een overwinning hebt als alle linkse partijen in totaal op verlies staan.

GroenLinks

  • 2014:
    354 zetels (5,38 procent)
    2018:
    517 zetels (8,5 procent)

PvdA

Bij de PvdA hadden ze misschien gehoopt op een klein herstel. Partijleider Lodewijk Asscher durfde wel vooraf te stellen dat zijn partij het deze verkiezingen beter zou doen dan die van de Tweede Kamer vorig jaar (29 zetels verlies).

Dat lukte. De partij kreeg 7,5 procent van de stemmen tegenover een kleine 6 procent vorig jaar, maar de PvdA moest ten opzichte van de vorige gemeenteraadsverkiezingen opnieuw inleveren. De dalende trend die zich al in 2006 inzette, is nog niet gekeerd.

Je mag concluderen dat de leiderschapswissel van Diederik Samsom naar Asscher nog niet heeft opgeleverd waar ze bij de PvdA op hoopten.

Dit jaar mag de PvdA zich in geen enkele noemenswaardig grote gemeente tot grootste partij kronen. Dat is pijnlijk voor een van oudsher bestuurderspartij.

PvdA

  • 2014:
    799 zetels (10,25 procent)
    2018:
    548 zetels (7,4 procent)

SP

Het leed op links wordt voltooid door de SP. De socialisten leveren 85 raadszetels in ten opzichte van vier jaar geleden. Lilian Marijnissen werd in december gekozen als nieuwe fractieleider, ze kreeg dus genoeg tijd om de campagne vanaf het begin naar haar hand te zetten.

Dat lukte onvoldoende. Bij het zien van de eerste uitslagen dacht Marijnissen "oeps". "Er is voor ons duidelijk werk aan de winkel in de grote steden." Een understatement, want in elk van de vier grootste gemeenten halveerde de partij in het aantal zetels.

Het is een schrale troost dat het SP-bolwerk Oss weer is terugveroverd door de socialisten. De pijnlijke oppositiejaren lijken daarmee in de geboortestad van Marijnissen achter de rug.

SP

  • 2014:
    440 zetels (​6,6 procent)
    2018:
    288 (4,4 procent)

PVV

Als we naar de cijfers kijken, zien we dat de PVV ongeveer zestig raadszetels wint, maar Geert Wilders zal ongetwijfeld gehoopt hebben op een grotere winst in de dertig gemeenten waar zijn partij meedeed.

De partij, die tweede werd bij de Tweede Kamerverkiezingen, haalde slecht 1,4 procent van de stemmen. Met name de uitslag in Rotterdam is pijnlijk voor de PVV. Wilders gaf toe dat hem dat tegenviel.

De havenstad had dé gemeente moeten worden waar de PVV een grote score moest boeken, maar haalde slechts 3,7 procent van de stemmen; goed voor 3 raadszetels. Denk haalde er bijna het dubbele: 7,2 procent.

In Den Haag en Almere, waar de partij wel al meedeed aan de raadsverkiezingen, verloor de PVV. In Almere werden dat drie zetels en in Den Haag verloor de partij maar liefst vijf zetels.

De partij moet nu toezien hoe oud-PVV'er De Mos de verkiezingen heeft gewonnen.

Denk

Voor Denk waren dit de eerste gemeenteraadsverkiezingen en de partij haalt uit het niets 21 zetels. Van de veertien gemeenten waar Denk op het stembiljet stond, lukte het de partij alleen in Alkmaar niet om een raadszetel te bemachtigen.

De partij scoorde goed in de grote steden met grote groepen Nederlanders met een migratieachtergrond. In Amsterdam gaat de partij met drie zetels de raad in, datzelfde geldt voor Rotterdam waar de partij 1 zetel meer haalt dan Nida, de lokale op de islam geïnspireerde partij. In Schiedam werd Denk zelfs de tweede partij.

De volgende stap is wat Denk-leider Tunahan Kuzu betreft besturen. "We willen niet een partij zijn die van de zijlijn staat te schreeuwen, we willen ook een partij zijn die verantwoordelijkheid draagt."

Forum voor Democratie

Thierry Baudet riep de kiezers in aanloop naar de verkiezingen op om vooral niet op een landelijke partij te stemmen, behalve in Amsterdam. Want dat was de enige gemeente waar FvD op de kieslijst stond. De partij kreeg veel aandacht in de media, maar wist uiteindelijk drie zetels te halen.

Lees meer achtergrondverhalen in NUweekend