Hoe kon zedendelinquent Michael P. vrij rondlopen en wat is er aan te doen?

De 27-jarige Michael P., die verdacht wordt van betrokkenheid bij de dood van de 25-jarige Anne, zat een lange straf uit voor gewelds- en zedendelicten. Sinds het begin van 2017 werd hij behandeld in de kliniek Altrecht Aventurijn in Den Dolder. Hoe kan het dat hij de vrijheid had om naar buiten te gaan en had dit niet voorkomen moeten worden?

Het is oktober 2011 als in de rechtbank van Arnhem het vonnis wordt uitgesproken tegen Michael P. Hij wordt schuldig verklaard aan de dubbele verkrachting van twee minderjarige meisjes onder dreiging van een imitatiewapen in Nijkerk in 2010. De rechtbank acht ook bewezen dat hij in dezelfde periode betrokken is bij vijf gevallen van gewelddadige beroving. 

De rechtbank zegt dat de samenleving zo lang mogelijk tegen de verdachte beschermd moet worden "met name vanwege het ernstige en gruwelijke karakter van de verkrachtingen", aldus de rechter.

Daar bovenop komen de verklaringen dat P. trots is op de verkrachtingen en blij is dat een droom was uitgekomen. P. krijgt zestien jaar cel, maar geen tbs. In hoger beroep wordt dit elf jaar.

Tbs

De rechter legt P. geen tbs op omdat deskundigen geen inzicht hebben kunnen krijgen in zijn persoonlijkheid, omdat hij heeft geweigerd mee te werken aan een onderzoek in het Pieter Baan Centrum (PBC). In het AD zegt advocaat David Moszkowizc, die P. tijdens het hoger beroep bijstond dat P. absoluut geen tbs wilde en daarom ieder onderzoek weigerde. Uitspraken die hij tegen NU.nl ontkent omdat dit tegen zijn beroepsgeheim zou ingaan. Het AD blijft achter het verhaal staan.

“Als meneer P. in een tbs-kliniek had gezeten na het uitzitten van zijn straf, dan was hij nu nooit vrij geweest.”
Richard Korver, advocaat

Al heeft P. al dan niet bewust niet meegewerkt, een rechter blijft de mogelijkheid houden om tbs op te leggen. "De rechter moet dan wel een indicatie hebben dat de verdachte psychisch niet in orde is", legt een woordvoerder van de Raad voor de rechtspraak uit. Dat kan zijn op basis van een eerdere veroordeling, of andere situaties die tijdens het onderzoek naar voren zijn gekomen. 

Utrechtse serieverkrachter

In de praktijk gebeurt dit echter nauwelijks. Dat is ook de constatering van Richard Korver, advocaat en landelijk voorzitter van het advocatennetwerk voor gewelds- en zedenslachtoffers. "Iemand die vanuit het niets vier meisjes verkracht, er één aan een boom vastbindt en in het bos achterlaat, schreeuwt om een duiding van de psyche. Maar als die persoon daar niet aan meewerkt dan vinden heel veel rechters toch dat ze geen tbs kunnen opleggen. En dit is geen fictief voorbeeld, maar dit was het geval bij de Utrechtse serieverkrachter." 

Het OM zag geen kans om tbs te eisen tegen serieverkrachter Gerard T. omdat hij net als P. weigerde mee te werken aan een psychologisch onderzoek. "En volstrekt logisch als je kunt kiezen tussen een paar jaar zitten of een longstay (een verblijfsafdeling in een tbs-kliniek voor lange duur red.)", aldus Korver.

"Dus als je een einde maakt aan die keuzemogelijkheid zal de bereidheid om mee te werken mijns inziens stijgen. Als je echt grote stappen wilt zetten dan moet de wetgever dat gaan regelen."

Wet

Foort van Oosten zegt namens de VVD te onderzoeken of de huidige wet moet worden uitgebreid of dat die moet worden aangescherpt zodat rechters de mogelijkheid krijgen om zonder advies van deskundigen tbs op te leggen. Ook wordt er al langere tijd bij de Eerste Kamer op aangedrongen de wet forensische zorg aan te nemen. Die ziet erop toe dat het voor rechters makkelijker wordt om eerdere medische documentatie over verdachten op te vragen om op basis daarvan alsnog tbs te kunnen opleggen. 

"Bij een blanco strafblad heeft dat echter geen nut", aldus Korver. "Het moet in de wet worden vastgelegd dat een rechter iemand tbs kan opleggen als de verdachte weigert mee te werken en het misdrijf schreeuwt om een uitleg van de psyche."


Advocaat Richard Korver (Foto: ANP)

Een rechter kan ook bij weigering bevelen dat iemand alsnog wordt onderzocht door het PBC. Volgens de kliniek kan observatie tijdens een opname, vraaggesprekken met mensen uit de omgeving van de verdachte en informatie uit het strafdossier voldoende informatie opleveren voor een rapportage. "Dat klopt. Dat werkt bij eenderde van de weigerachtigen, maar bij tweederde dus niet."

Vrijheden

Welke vrijheden P. precies had in de geestelijke forensisch psychiatrische kliniek Altrecht Aventurijn in Den Dolder is niet geheel duidelijk. Zelf laat de kliniek in een verklaring op de website weten dat de vrijheden van een patiënt afhangen van de voortgang in de behandeling. Een zogenaamde risicotaxatie.

De reden dat P. in de kliniek zat, is dat veroordeelden op ongeveer tweederde van hun straf worden voorbereid om terug te keren in de maatschappij. De zorg die P. nodig had, kon echter niet in de gevangenis worden gegeven.

Het verschil met een tbs-kliniek is, volgens Korver dat de kliniek in Den Dolder geen gevangenis is. "En straf is eindig", legt de advocaat uit. "Een behandeling is pas eindig als het behandelresultaat is bereikt. Als meneer P. in een tbs-kliniek had gezeten na het uitzitten van zijn straf, dan was hij nu nooit vrij geweest."

Lees meer achtergrondverhalen in NUweekend

Lees meer over:

Columns Pieter Derks

Columns Pieter Derks
Cabaretier Pieter Derks duidt en verwerkt maandelijks het nieuws van de voorbije weken. 

Over NUweekend

Over NUweekend
Op NUweekend vindt u iedere week een selectie achtergrondverhalen, analyses of mooie interviews.
Tip de redactie