Met nieuwe geautomatiseerde 'identificatiestraten' moeten vluchtelingen in Nederland sneller kunnen beginnen aan hun asielaanvraag. NU.nl liep een dag mee met de vreemdelingenpolitie in Amsterdam.

Een touringcar komt rond 9.00 uur 's ochtends aangereden bij de vreemdelingenpolitie in Amsterdam. In de bus zitten ongeveer twintig vluchtelingen.

Twee politieagenten stappen uit, met in hun kielzog een groepje Syrische mannen, een Syrische vrouw en een vijftal vrouwelijke Eritreeërs. De 19-jarige Bashir, een smalle Syrische jongen met een beugel, stapt met zijn vader Baseem uit.

Bashir en zijn vader komen uit Homs. Na een reis van twaalf dagen via onder andere Turkije en Macedonië is hij met de trein vanuit Duitsland in Amsterdam aangekomen. In de tijdelijke opvanglocatie aan de Flierbosdreef in Amsterdam-Zuidoost is hij ingelicht over wat hij gaat doen bij de politie.

"Ze gaan mijn vingerafdrukken afnemen zodat ik asiel kan aanvragen", zegt hij, terwijl hij met zijn vader en drie andere mannen met een agent een zij-ingang van het gebouw van de vreemdelingenpolitie inloopt.

De andere mensen, vooral mensen uit Syrië en Eritrea, wachten geduldig in en om de bus tot het moment dat ze ook naar binnen worden geroepen in groepjes van vijf.

“Landen worden behoorlijk overvallen door de groeiende vluchtelingenstroom”
Leo Lucassen

Noodzaak

De locatie waar vluchtelingen worden geïdentificeerd in Amsterdam is pas sinds een week volledig open. Samen met Budel en Rotterdam werd deze plek geopend om het aanmeldcentrum in Ter Apel te ontlasten. Binnen twee weken openen ook locaties in Zevenaar, Veenhuizen en Leusden.

Leo Lucassen, hoogleraar migratiegeschiedenis aan de Universiteit van Leiden, begrijpt de noodzaak van nieuwe registratiepunten en noodopvang, maar stelt dat dit al langer geleden had moeten gebeuren. "Landen worden behoorlijk overvallen door de groeiende vluchtelingenstroom, terwijl als er beter zou zijn geluisterd, men zich beter had kunnen voorbereiden." 

"In Syrië was al veel langer bekend wat Assad zijn eigen bevolking aandeed en dat dit vluchtelingenstromen zou kunnen opleveren. De Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen had hier al jaren geleden voor gewaarschuwd. Nu zit je met de grootst mogelijke problemen."

Identificatiestraat

Bij de vreemdelingenpolitie wordt beaamd dat er relatief weinig voorbereidingstijd was voor het openen van nieuwe identificatiepunten. "Asielproblematiek was maar een klein onderdeel van wat de vreemdelingenpolitie deed, maar nu is dat het grootste deel geworden", zegt Mattie Matiasen. De agent is teamleider van de Amsterdamse afdeling van de vreemdelingenpolitie. Samen met brigadier Corine Pos staat hij in een kamer waar drie grote metalen palen staan met beeldschermen. Pos: "Tot tien dagen geleden was dit nog een opslagruimte, nu is dit de 'identificatiestraat.'"

Pos demonstreert bij een van de palen hoe vingerafdrukken digitaal worden afgenomen. Ze legt eerst haar duimen en daarna haar andere vingers op een glasplaat. Vier lichtjes springen op groen en haar vingerafdrukken worden geregistreerd. Ook toont de agente hoe met UV-licht een paspoort op echtheid kan worden gecontroleerd. Dat is echter niet altijd mogelijk. "Syriërs hebben bijna altijd documenten bij zich, maar Eritreeërs bijna nooit", stelt Pos.

Na het digitale gedeelte worden aan de overkant traditionele vingerafdrukken afgenomen met behulp van een stempelkussen en een vel papier. Dit wordt ingescand en vergeleken met een Europese database. Als een vluchteling zich al heeft geregistreerd in een ander land, wordt dat getoond. De vluchteling kan dan worden teruggestuurd.

Ook Bashir en Baseem zullen straks door de 'identificatiestraat' komen, maar uit privacyoverwegingen, mogen daar geen journalisten bij aanwezig zijn.

“In het gesprek zeggen ze dan dat ze hebben betaald om hier te komen”
Agent Matiasen

Mensensmokkelaars

Tijdens de identificatie worden naast vingerafdrukken ook foto's genomen, en worden de vluchtelingen ook kort ondervraagd door agenten over hun reis. Niet alleen kan zo de identiteit worden vastgesteld, maar ook krijgt de vreemdelingenpolitie inzicht in de werkwijze van mensensmokkelaars.

"Als het gaat om concrete tips is zo'n proces zeker nuttig", stelt hoogleraar Lucassen. "Als ze er op die manier achter komen dat er bijvoorbeeld een vrachtwagen met vluchtelingen staat bij Oldenzaal, kan daar direct iets gedaan worden en kunnen situaties zoals met de vrachtwagen in Oostenrijk worden voorkomen."

Lucassen vindt echter niet dat dit soort interviews met vluchtelingen moeten worden gebruikt om smokkelaarsnetwerken in kaart te brengen of op te rollen. "Het in kaart brengen van dit soort netwerken is hopeloos. Het is net als de 'war on drugs' in Amerika. Zolang de vraag er is, zullen er altijd netwerken zijn. Als er dan een netwerkje wordt opgerold, staat binnen de kortste tijd weer een ander klaar."

Agent Matiasen zegt dat er door de gesprekken al aanwijzingen zijn van mensensmokkel. "In het gesprek zeggen ze dan dat ze hebben betaald om hier te komen." Hij wil echter nog niet ingaan op welke onderzoeken er naar mensensmokkel lopen.

Kortere wachttijd

Door de uitbreiding van de identificatielocaties kunnen nu de biometrische gegevens van in totaal 550 vluchtelingen per dag worden vastgelegd en hoeven de vluchtelingen zelf minder lang te wachten om geregistreerd te worden. In de ruimte vindt nog geen uitgebreid verhoor plaats. Dat gebeurt pas als de vluchtelingen naar de IND gaan. De vluchtelingen krijgen wel al een zogeheten V-nummer, een vreemdelingennummer dat ze gebruiken voor hun verdere verhoor bij de IND.

Bij de registratie werken ook mensen in politie-uniform. Syriërs die in aanraking zijn gekomen met regeringssoldaten in hun land, zouden hiervan kunnen schrikken, maar brigadier Pos vindt dat meevallen. "Tot nu toe hebben wij weinig gemerkt van mensen die moeite hebben met autoriteit. Verder is het gedrag van mensen heel wisselend. Sommige mensen zijn rustig en tonen zich dankbaar, anderen zijn iets assertiever en vragen bijvoorbeeld om eten."

Met hun 'V-nummer' op zak komen vader Baseem en zoon Bashir naar buiten. Ze stappen de bus in. Baseem, die als ingenieur in Homs werkte, heeft zijn drie dochters en vrouw noodgedwongen moeten achterlaten en zegt dat hij ze graag naar Nederland wil halen als de reis veiliger wordt. Waar ze daarna naartoe gaan? Ze weten het nog niet, maar het maakt ze weinig uit. Baseem: "Ik zou overal in Nederland kunnen wonen, als mijn vrouw en kinderen ook maar hier zijn."

Als alle mensen zijn geregistreerd, rijdt de bus met vluchtelingen weer terug naar Amsterdam-Zuidoost. Het is weer even rustig bij de vreemdelingenpolitie, maar de volgende bus komt er alweer bijna aan. Aan het eind van de dag zijn hier negentig vluchtelingen geïdentificeerd.

Lees meer achtergrondverhalen in NUweekend