Volgens het rapport Energy (r)evolution van Greenpeace kan de wereld in 2050 volledig op duurzame energie draaien. Drie deskundigen aan het woord aan de hand van drie vragen.

Hoe realistisch is een wereld zonder fossiele brandstoffen?

''We weten allemaal dat we een keer van fossiele brandstoffen af moeten, daarover bestaat geen verschil van mening", zegt hoogleraar milieu en beleid Pieter Leroy (Radboud Universiteit). ''De beschikbaarheid houdt ooit op, bovendien zorgt de CO2-uitstoot voor klimaatproblemen. Alleen kunnen we het grondig oneens zijn over de termijn waarop dat moet gebeuren. 2030? 2050? 2080?

Veel specialisten, ook ik, hebben hun twijfels of 2050 haalbaar is. Dan moeten op de eerste plaats alle overheidssubsidies op fossiele energie op korte termijn worden afgebouwd. In veel landen worden de olie- en steenkoolindustrie nog fors geholpen. Een voorbeeld is de vergunning die Shell heeft gekregen om in het Noordpoolgebied te boren. Geef je die niet af, dan raakt de hoeveelheid beschikbare olie beperkt en schiet de prijs omhoog. Alternatieven worden dan vanzelf interessanter."

“Voor de luchtvaart is nog geen techniek beschikbaar om biobrandstof te ontwikkelen.”
Klimaatexpert Donald Pols

Klimaatexpert Donald Pols van het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) vindt 100 procent hernieuwbare energie een onwaarschijnlijk toekomstbeeld. ''90 of 95 procent kan ik me nog voorstellen. Sommige sectoren zijn te zeer afhankelijk van fossiele brandstof.

Staalsmelterijen zullen bijvoorbeeld veel moeite hebben om over te stappen, maar ik denk nog veel eerder aan vracht- en luchtvervoerders. Voor de luchtvaart is nog geen techniek beschikbaar om biobrandstof te ontwikkelen. Het beeld rijst op dat Greenpeace er vanuit gaat dat die er vanzelf wel komt. Scenario’s bevatten altijd onzekerheden, maar in dit geval heeft Greenpeace duidelijk de optimistische kant van de onzekerheid opgezocht."

Emeritus energiehoogleraar Wim Turkenburg sluit zich bij Pols aan. ''Heel veel veronderstellingen uit het rapport moeten nog worden waargemaakt. In principe kan 100 procent duurzame energie haalbaar zijn, dat ben ik met Greenpeace eens. Al denk ik dan eerder aan 2080 of 2100.

In oude scenario’s was daarbij nog een rol weggelegd voor biomassa. Omdat die ook niet altijd duurzaam is, heeft Greenpeace die in dit rapport buitengesloten. In dit scenario wordt 57 procent van alle stroom straks gewonnen uit zonnecellen en windturbines. Dat is een zeer groot aandeel, waarvoor je moet werken aan enorme energieopslagsystemen. Waar zet je die neer? Dat is nog niet zo eenvoudig.

“Het rapport scherpt de geest.”
Energiehoogleraar Wim Turkenburg

Bovendien hanteert Greenpeace een onwaarschijnlijke aanname wat betreft CSP, Concentrated Solar Power. Het is in het rapport een van de pijlers van de energievoorziening. Maar CSP is alleen in zeer zonnige gebieden te winnen, zoals de Sahara, en de ontwikkeling ervan gaat minder snel dan aanvankelijk gedacht."

Is het rapport daarmee misleidend?

Nee, vinden zowel Leroy, Turkenburg als Pols. Volgens Turkenburg is het zeker serieus te nemen. ''Diverse organisaties komen met scenario’s die de grenzen van het energieveld laten zien. De International Energy Agency (IEA) doet dat ook, mede door Greenpeace is het IEA nu veel realistischer dan tien jaar geleden. Er is nu eenmaal veel mogelijk en het is niet erg dat Greenpeace een beetje provoceert om dat duidelijk te maken. Het rapport scherpt de geest."

Leroy vindt dat Greenpeace juist een belangrijke bijdrage levert aan de energiediscussie. ''Het is goed om een scenario te overleggen. Of dit realistischer is dan een ander scenario, is onmogelijk te zeggen. Te veel variabelen zijn ongewis, maar het is niet heel extreem wat Greenpeace schetst. Behalve misschien dat Greenpeace ook geen biomassa en kernenergie als overgang accepteert.

“Greenpeace laat zien dat het theoretisch mogelijk is om de toekomst op duurzame energie te baseren.”
Klimaatexpert Donald Pols

En hoewel het rapport volgens mij te optimistisch is, is Greenpeace wel eerlijk genoeg om te vermelden welke inspanningen er allemaal nodig zijn om fossiele energie volledig uit te sluiten."

Pols wijst erop dat Greenpeace zeer gerenommeerde instituten in de arm heeft genomen om tot dit rapport te komen. "Op de kwaliteit valt daarom niet veel af te dingen, op de aannames wel. Aan de andere kant: het vormgeven van de toekomst is mensenwerk. Greenpeace laat zien dat het theoretisch mogelijk is om de toekomst op duurzame energie te baseren.

Gevaarlijker vind ik de organisaties die pretenderen de werkelijke toekomst te schetsen. Een statement uit een Shell-scenario is dat we in 2050 met zekerheid nog voor 80 procent fossiele energie zullen gebruiken. Dat is echt misleiding."

Afgezien van de besparingen, rekent Greenpeace voor dat er jaarlijks voor 1660 miljard dollar aan investeringen nodig zijn om tot volledig duurzame energiewinning te komen. Heeft de wereld dat ervoor over?

Turkenburg: ''Dat zijn bedragen waar we niet van wakker hoeven te liggen, conventionele methoden zijn momenteel niet veel goedkoper. Maar ook hiervoor geldt dat de kosten moeilijk te voorspellen zijn. Dalen de kosten voor technologieën of zullen ze juist stijgen? En als we straks met een overschot aan fossiele energie zitten, zullen die prijzen dalen en komt de concurrentiepositie van duurzame energie in gevaar."

“Oorlogen, een meteorietinslag of wereldhongersnood kunnen straks zo maar tot andere prioriteiten in de wereld leiden.”
Klimaatexpert Donald Pols

''Op die mogelijkheid gaat Greenpeace inderdaad niet in", zegt Pols. ''Als je dit voorlegt, zal het antwoord zijn dat daar wereldwijd beleid op moet worden gemaakt. Maar er zijn altijd landen die er voordeel bij hebben om daar niet in mee te gaan, zoals China, Rusland, Venezuela en het Midden-Oosten: landen met een grote voorraad fossiele energie.

En dan is er nog iets: er kan in de tussentijd zo veel gebeuren dat we onmogelijk kunnen voorspellen hoeveel geld we ervoor over hebben. Oorlogen, een meteorietinslag of wereldhongersnood kunnen straks zo maar tot andere prioriteiten in de wereld leiden."

Leroy wijst er in dat verband op dat de klimaatkoorts momenteel niet al te hoog is. "Er is weinig 'sense of urgency’, politici zijn met andere dingen bezig. De klimaatverandering is nog niet zichtbaar genoeg om mensen te mobiliseren. Er is onwil bij overheden, maar ook bij bedrijven. Een economie bouwen op andere energie, betekent dat grote delen van de landbouw-, transport- en energiesector moeten worden omgezet. Dat duurt wel even.

Van de andere kant: als je bedenkt wat we sinds 1900 hebben geïnvesteerd om auto’s te laten rijden, inclusief technologie, benzine en infrastructuur, kom je ook tot een gigantisch bedrag. Van de cijfers die Greenpeace communiceert, schrik ik daarom niet echt."