Moet de internationale gemeenschap Islamitische Staat (IS) in Libië militair gaan aanpakken?

De roep om internationaal ingrijpen klinkt steeds luider sinds de Libische tak van de terreurgroep 21 koptische christenen uit Egypte heeft onthoofd.

Italië en Egypte hebben zich al positief uitgelaten over een coalitie onder VN-mandaat tegen IS in Libië.

"We moeten samenwerken om het terrorisme te verslaan", zei de Egyptische president Abdel Fattah al-Sisi deze week tegen de Franse zender Europe 1.

Wat is er toch allemaal mis in het Noord-Afrikaanse land, waar eind 2011 na de val van het dictatoriale Kaddafi-regime nog euforie heersde en er hoop was op vrijheid en democratie?

Dat ook buiten Syrië en Irak steeds meer rekening moet worden gehouden met wreedheden van IS bleek afgelopen zondag ondubbelzinnig.

De Libische tak van de extremistische groep publiceerde een video met daarop de executie van 21 koptische christenen uit Egypte.

"We staan ten zuiden van Rome'', zei één van de beulen op de videoband. Veel Italiaanse media en politici sloegen alarm over die waarschuwing. Maar de Nederlandse journalist Hans Jaap Melissen, schrijver van het begin dit jaar verschenen boek IS, tot alles in staat haalt zijn schouders op over het dreigement.

"Als je ten zuiden van Rome staat, hoeft dat nog niet te betekenen dat je op het punt staat Italië binnen te vallen. Ook in Zuid-Afrika zit je ten zuiden van Rome."

Volgens Melissen, die Libië goed kent door zijn verslaggeving in het Noord-Afrikaanse land, probeert IS met de onthoofding van de koptische christenen en andere wreedheden de westerse landen te verleiden tot een tegenreactie.

"De strijders van Islamitische Staat willen dat de Europeanen naar hen toe komen. IS hoopt op een einde der tijden gevecht tussen de kruisvaarders en moslims. Dat past in hun filosofie."

Video: IS: 'We staan ten zuiden van Rome'

Onder kolonel Muammar Kaddafi, die Libië ruim veertig jaar met ijzeren hand regeerde, hadden radicale moslimgroepen in het Noord-Afrikaanse land weinig speelruimte.

"Toch waren die er toen ook al", weet Melissen. Na de Amerikaanse bezetting van Irak in 2003 sloten opvallend veel inwoners van de Oost-Libische stad Derna zich aan bij de Iraakse tak van al-Qaeda aan om tegen de Amerikanen te vechten."

Later trokken radicale moslims vanuit Libië naar Syrië om daar het regime van president Bashar al-Assad te bestrijden. Maar honderden keerden vorig jaar terug naar hun eigen land.

"Veel mensen vroegen zich af wat de reden was. Hadden ze heimwee of waren die jongens wat anders van plan? Al vrij snel werd duidelijk dat ze de chaos in Libië wilden aangrijpen om hun positie daar te versterken."

Libië is na de rebellie tegen Kaddafi, die in augustus 2011 met steun van de NAVO is verdreven, tot anarchie vervallen

“Diverse factoren maken Libië een aantrekkelijke plek voor radicale moslimstrijders.”
Hans-Jaap Melissen

Het land heeft twee rivaliserende regeringen. De officiële regering zit in het oostelijk van Derna gelegen Tobruk. Een islamitische tegenregering zetelt in Tripoli. Daarnaast zijn er tal van milities die op eigen houtje opereren.

Strijders van IS opereren steeds vaker buiten hun traditionele bolwerk Derna. De zwarte vlag van de terreurgroep is ook al opgedoken in Benghazi en Libische media meldden afgelopen week dat IS inmiddels ook de havenstad Sirte stevig in handen heeft.  

"IS gedijt heel goed in gebieden waar de chaos regeert", legt Melissen uit. "Als er bijvoorbeeld mensen in Den Haag een filiaal van IS willen oprichten, steekt de overheid daar een stokje voor. In een land als Libië ligt dat anders. Er is geen centrale overheid die ingrijpt. Bovendien ligt het land vol met wapens uit het tijdperk van Kaddafi. Die factoren maken Libië ook een aantrekkelijke plek voor radicale moslimstrijders uit andere landen."

In oktober vorig jaar zwoer een groep radicale moslims in Derna trouw aan IS en haar leider Abu Bakr al-Baghdadi.

Maar hoe sterk de banden zijn tussen de jihadisten in Derna en de IS-top in al-Raqqa in Syrië is, is onduidelijk. "Waarschijnlijk hanteren ze een soort franchise-systeem, zoals ook MacDonalds doet", zegt Melissen. 

"De Libiërs hebben de formule van IS in Syrië en Irak overgenomen. Dat zie je bijvoorbeeld aan de video van de onthoofding van de koptische christenen. Die is in IS-stijl gemaakt."

De oorlogsverslaggever laat weten dat het voor radicale moslimgroepen aantrekkelijk is de naam IS te voeren. IS heeft door haar successen veel aantrekkingskracht. Filialen van de terreurgroep kunnen daardoor makkelijker strijders rekruteren.

Hoe reëel zijn de gevaren voor Europa?

Hoewel Melissen niet verwacht dat grote groepen strijders van IS de oversteek van Noord-Afrika naar Zuid-Europa zullen maken, begrijpt hij dat Europese politici zich uit veiligheidsoverwegingen zorgen maken over de opmars van IS in Libië.

Ook voor westerse bedrijven met belangen in de Libische olie-industrie zijn de activiteiten van IS verontrustend.

Melissen: "En dan heb je natuurlijk ook nog de vluchtelingenproblematiek. Zo lang het in Libië een chaos blijft, zijn  er geen mogelijkheden om de toestroom van migranten uit het land naar Zuid-Europa in te dammen. In Libië zijn geen autoriteiten die controleren op illegale migratie."

Moet de internationale gemeenschap IS in Libië militair aanpakken?

Op de vraag hoe de internationale gemeenschap de expansie van IS in Libië tot stand moet brengen, heeft Melissen geen pasklaar antwoord.

"De internationale gemeenschap heeft Libië na de val van Kaddafi aan zijn lot overgelaten. Wat dat betreft is er een parallel met Irak. Ook in Irak is door de Amerikanen nooit goed nagedacht over hoe het verder moest na de val van dictator Saddam Hussein."

Over het effect van een grote internationale militaire actie in Libië is de oorlogsverslaggever sceptisch. Hij wijst erop dat zo’n operatie veel mensenlevens kan eisen en dat dan het risico bestaat dat IS en rivaliserende groepen daardoor in elkaars armen worden gedreven.

"Ook moet je er rekening mee houden dat het draagvlak in westerse landen voor een grote militaire interventie snel zal afnemen, als er slachtoffers vallen onder de militairen van landen uit zo’n coalitie", zegt Melissen.

"Een internationale coalitie zou zich het best kunnen beperken tot het geven van steun aan Libische milities die tegen IS vechten. De vraag is alleen of er in Libië op dit moment milities zijn met wie je kunt samenwerken."

Meer over IS in ons dossier                  

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend