In Liberia, Sierra Leone en Guinee begint het dagelijks leven weer zijn normale beloop te krijgen. Scholen gaan weer open en sommige gloednieuwe klinieken staan zelfs leeg. De uitbraak van het dodelijke ebolavirus lijkt een keerpunt te hebben bereikt. "Maar juich niet te vroeg."

Letterlijk leunen ze achterover, de lokale medewerkers van een gloednieuwe kliniek voor ebolaslachtoffers die The Washington Post onlangs fotografeerde.

Het kampement vol zoemende generatoren, chloorwaterpompen en bewakingscamera’s dat het Amerikaanse leger heeft opgebouwd in het Liberiaanse Tubmanburg mist maar één ding, stelde de krant sarcastisch vast: patiënten.

''Als ze de centra hadden gebouwd toen we ze nodig hadden, zouden het er zeker niet te veel zijn geweest", oordeelde Moses Massaquoi, de ebolagezant van de Liberiaanse overheid.

De reden voor de leegstand is bemoedigend: het aantal nieuwe besmettingen neemt zo fors af dat de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) deze week van "een keerpunt" in de crisis sprak.

In Liberia werden slechts acht nieuwe gevallen bevestigd. Ter vergelijking: op het dieptepunt raakten in het land wekelijks ruim vijfhonderd mensen besmet.

In Guinee gaat het ook de goede kant op: volgens recente cijfers kwamen er in een week twintig besmettingen bij. In Sierra Leone steeg het aantal gevallen met 117. Dat lijkt vrij veel, maar vergeleken met de piek van zo’n 750 is ook daar sprake van een forse afname.

Toch komen nog altijd donaties binnen op Giro555. Halverwege januari stond de teller op ruim 10 miljoen euro. Dat het bedrag blijft toenemen is maar goed ook, vindt Barbara Bosma van de Samenwerkende Hulporganisaties (SHO).

"Elke euro die erbij komt, is welkom." Want dat de klinieken niet meer vol slachtoffers liggen, wil nog niet zeggen dat het werk klaar is.

Niet alleen medische gevolgen

"Mensen denken bij ebola vooral aan de medische gevolgen, maar de impact gaat veel verder dan dat", zegt Bosma.

''Het is de eerste keer dat we een publieke actie hebben gevoerd voor de bestrijding van een ziekte. We moesten echt uitleggen wat het betekent als een samenleving stil komt te liggen." Naast de acute medische hulp is het belangrijk om nieuwe besmettingen te voorkomen.

Bijvoorbeeld door nabestaanden van overleden patiënten uit te leggen dat ze grote risico´s lopen als ze hun dierbaren wassen, een eeuwenoud gebruik dat door de uitbraak van ebola ineens niet meer kon. "Die voorlichting moet nu juist intact blijven", zegt Bosma.

''Je ziet dat mensen alweer losser worden in hun omgangsnormen en voorzorgsmaatregelen. Dat is ook een menselijke reactie: hè hè, het dieptepunt is geweest, we mogen weer gewoon leven." Juist onderschatting van de risico's was vanaf dag één echter een groot probleem.

'Niet te vroeg juichen'

Gezondheidscoördinator Marjan Kruijzen, die voor hulporganisatie Cordaid in Sierra Leone werkt, vindt het dan ook te vroeg om te juichen. "Het aantal nieuwe besmettingen neemt af, maar ik vind dat pas echt sprake is van een keerpunt als er geen gevallen meer bij komen", zegt ze.

Kruijzen ziet het dagelijkse leven weer normaler worden. ''Er zijn steeds meer mensen op straat, de markten zijn weer voller. Sinds vorige week zijn ook de roadblocks opgeheven en mensen maken daar volop gebruik van, bijvoorbeeld om weer bij familie op bezoek te gaan. Ik vind het daar zelf wat vroeg voor, maar ik kan het ook begrijpen. Men heeft de buik vol van ebola."

Juist dat mensen weer kunnen reizen, is volgens Kruijzen niet zonder gevaren. ''Aan de andere kant zie je dat de situatie min of meer onder controle is. De hygiëne heeft bovendien een flinke boost  gekregen. Iedereen in het land weet nu dat je regelmatig je handen moet wassen. Maar het risico is pas geweken als 42 dagen geen nieuw geval is geconstateerd. Dat is nog niet zo."

Grootste uitbraak ooit

Volgens de officiële cijfers heeft de ziekte sinds begin vorig jaar ruim 20.000 mensen besmet en meer dan 8600 mensen het leven gekost. Nooit eerder maakte de ziekte sinds de eerste bekende uitbraak in 1976 zo veel slachtoffers. De WHO was er totaal niet op voorbereid en zelfs ''compleet overweldigd door deze megacrisis’’, gaf chef Margaret Chan afgelopen week toe.

De organisatie kreeg veel kritiek te verduren op de langzame reactie en probeert daar naar eigen zeggen lering uit te trekken. Zo wil de WHO een noodfonds en een bijbehorend medisch crisisteam opzetten, dat bij een volgende epidemie snel kan worden ingezet om de uitbraak in te dammen.

Dat klinkt bekend, want in 2009 pleitte een internationale commissie ook al voor de oprichting van ''medische responsteams’’ die een soortgelijke taak moesten krijgen.

Aanleiding was destijds de Mexicaanse griep, waarvan op dat moment nog werd aangenomen dat die zeer gevaarlijk was. Toen de gevolgen van de griep echter reuze mee bleken te vallen, werd over de responsteams niks meer vernomen.

Economische dreun

Los van de slachtoffers heeft ebola de getroffen landen een flinke economische dreun gegeven. Hoewel ebola ironisch genoeg ook banen oplevert - denk aan de mannen die in de Amerikaanse kliniek op patiënten wachten - is de werkloosheid in de getroffen landen per saldo toegenomen en zijn hele bedrijfstakken stil komen te liggen.

Oxfam Novib pleit daarom voor een 'Marshallplan’ voor de regio, verwijzend naar de wederopbouwhulp die West-Europa na de Tweede Wereldoorlog van de Verenigde Staten kreeg.

"De wereld mag niet dralen bij het opzetten van een plan tot economisch herstel van de betrokken landen zoals het wel deed bij de aanpak van de Ebola uitbraak", vindt Oxfam.

Volgens David Nabarro, die namens de VN de bestrijding van de ziekte coördineert, is zo’n 3,5 miljard euro nodig om de regio in 2015 ebolavrij te kijgen en de economieën weer op de rails te zetten.

Vaccin

Of ebola in de toekomst nog eens zo kan huishouden, is niet alleen afhankelijk van de reactiesnelheid van organisaties als de WHO, maar ook van de wetenschap. Want uit de ebolacrisis kwam ook iets positiefs voort: de ontwikkeling van vaccins kwam in een stroomversnelling.

Zo is de Nederlandse farmaceut Janssen deze maand begonnen met het testen van een vaccin op mensen. In eerste instantie krijgen 72 vrijwilligers in Oxford het vaccin of een placebo toegediend, daarna moeten grotere proeven volgen.

Als het werkt, verwacht Janssen eind dit jaar al 2 miljoen doses te kunnen maken. Hulpverleners hopen echter dat de huidige ebola-uitbraak tegen die tijd voorbij is.

''Het risico bestaat dat we ze voor niets maken", erkent een woordvoerster van het bedrijf uit Tilburg. "Maar we vinden dit zo belangrijk dat we dat risico willen nemen." 

Want eventuele volgende ebola-uitbraken kunnen er misschien mee in de kiem worden gesmoord.

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend