Er wordt vanaf maart dit jaar tot en met september 2016 ruim 1,1 biljoen euro in de Europese economie gepompt door de Europese Centrale Bank

De centrale bank wil zo de economie in de eurozone aan de praat krijgen en de inflatie aanjagen. ECB-president Mario Draghi maakte deze plannen op 22 januari bekend.

De financiële ruimte die banken krijgen met het opkoopprogramma, moet langzaam maar zeker doorsijpelen in de reële economie, zoals meer (risicodragend)krediet aan bedrijven en een toenemende consumptie. 

Dit merken burgers van het opkoopprogramma van deze ongekende omvang:

Hypotheken: rente zakt nog verder

De rente die de overheid betaalt op zijn tienjaarsleningen is vaak gekoppeld aan de hypotheekrente. Die rente stond al historisch laag en is nog verder gezakt na de aankondiging van Draghi.

Mensen die nu dus op het punt staan om een huis te kopen of hun hypotheek over kunnen sluiten, profiteren hiervan.

Twee jaar geleden stond de gemiddelde hypotheekrente van twintig jaar vast op ruim 5 procent, nu is dat bijna 2 procent lager en dat kan nog verder dalen.

Sparen nog minder aantrekkelijk

Spaarders zijn al geruime tijd de dupe van de lage rente want ook de spaarrente beweegt mee met die van de staatsobligaties.

De grootbanken betalen al geruime tijd iets meer dan 1 procent rente op spaargeld en duikt daar naar verwachting dit jaar zelfs onder. Daar moet de inflatie nog vanaf worden gehaald om op de reële rente uit te komen.

Spaargeld wordt in 2015 vanaf een bedrag van 21.330 euro '(42.660 euro voor fiscale partners) met 1,2 procent belast. Het wordt dus nog onaantrekkelijker om geld op een spaarrekening te laten staan.

Beleggen: Stijgen de koersen?

Als staatsobligaties niet veel rendement opleveren, hebben banken nog de mogelijkheid om hun geld bij de ECB te stallen. Maar daar had de centrale bank al een stokje voor gestoken door de rente die banken krijgen historisch laag te zetten of zelfs negatief te maken.

Dan blijft er nog een optie over: aandelen. Het is de verwachting dat langzaam maar zeker de vraag naar aandelen zal toenemen met als gevolg dat de koersen stijgen. Het risico hierbij is dat de aandelen overprijsd worden en er luchtbellen op de aandelenmarkten ontstaan. 

Pensioen: Lage rente blijft nadelig

Pensioenfondsen beleggen veel in aandelen. Een stijgende aandelenmarkt levert de fondsen dus meer op.

Maar zij hebben ook last van de historisch lage rente. Pensioenfondsen moeten hogere buffers aanhouden om aan de toekomstige verplichtingen te kunnen voldoen, dat heeft een drukkend effect op de dekkingsgraad.

Zodra de dekkingsgraad, die de verhouding aangeeft tussen het vermogen en de toekomstige verplichtingen, beneden een bepaald niveau komt, mogen pensioenen niet meestijgen met de inflatie (indexeren) of moet er zelfs worden gekort.

Naar verwachting wegen de hogere aandelenwinsten niet op tegen de lasten van de lage rente.

Wisselkoers: Goedkope euro gunstig voor export

De euro daalt al geruime tijd ten opzichte van andere grote valuta zoals de Amerikaanse dollar. Dat komt door de trage economische groei in Europa en het vlotte herstel in de Verenigde Staten.

De steunmaatregelen van de ECB versterken dat effect want er komen met het opkoopprogramma meer euro's op de markt. Omdat de vraag niet stijgt, daalt de waarde. De Britse pond en de Japanse yen stijgen ook in waarde ten opzichte van de euro.

Dat is nadelig voor landen die veel goederen en diensten in een andere valuta afrekenen. Vooral de Zuid-Europese landen Griekenland, Spanje en Frankrijk importeren meer dan dat zij exporteren en moeten bij een dalende koers steeds meer euro's betalen voor dezelfde buitenlandse spullen. 

Voor landen die veel verkopen aan landen buiten de eurozone is een lage gezamenlijke munt gunstig. Nederland en Duitsland zijn exportlanden bij uitstek. Producten worden voor landen die niet met euro's betalen goedkoper, waardoor uitvoer stijgt.

Vakanties buiten de eurozone worden om dezelfde reden ook duurder.   

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend