Het kost een paar centen, bijna twee miljard zelfs, maar dan heb je ook een geheel vernieuwd Amsterdam CS. 

Waar niemand elkaar meer van de sokken loopt, trams en bussen niet langer als een onoverzichtelijke kluwen af en aan rijden, ruim 14.000 fietsen netjes in een stalling verdwijnen en het aangenaam winkelen is.

De opknapbeurt van het station en alles eromheen, waarmee in 1997 al een begin is gemaakt, is hard nodig, stelt de Amsterdamse stedenbouwkundige Ton Schaap. 

Volgens hem was het CS lange tijd het meest liefdeloos behandelde gebouw van Nederland, met lage plafonds en donkere gangen. ''Gezien de belangrijke functie is het de moeite waard het weer bij de tijd te brengen'', zegt hij. 

''Gebouwen zijn net mensen'', vindt architect Kees Tak, die met Jan Benthem verantwoordelijk is voor de restauratie van het hoofdgebouw. ''Ze worden oud, krijgen rimpels en gaan scheurtjes vertonen.''

En oud ís het Centraal Station. Op 15 oktober bestaat het precies 125 jaar. NS en Prorail vieren dat de hele maand met enkele festiviteiten en rondleidingen voor reizigers en bezoekers.

'Een betreurenswaardige dwaasheid'

In 1869 neemt de gemeenteraad van Amsterdam met 21 tegen 15 stemmen het voorstel van minister Thorbecke aan om op het Open Havenfront een centraal station te laten bouwen. Een vreemde plek, want dat is voornamelijk water. 

De Kamer van Koophandel noemt het zelfs ''een betreurenswaardige dwaasheid''. Maar een centrale raadscommissie komt tot de conclusie dat het de enig juiste locatie is, ''omdat in onzen dagen de scheepvaart niet kan bloeien zonder gevoed te worden door de spoorwegen''.

Er wordt een kunstmatig eiland aangelegd en architect Pierre Cuypers krijgt de opdracht voor die plek een station te ontwerpen. Hij laat zich dat geen twee keer zeggen en zorgt voor een ontwerp waarover men aan het eind van de negentiende eeuw niet uitgepraat raakt. 

In een tijd dat stations niet meer zijn dan houten gebouwtjes, waarvan er ook wel eens eentje afbrandt, ontwerpt Cuypers een monumentaal pand van 300 meter breed met torens aan weerszijden. 

Muur tussen stad en IJ

Het station onttrekt het water van het IJ, de perrons en de spoorwegoverkapping volledig aan het zicht. Ontevreden Amsterdammers spreken zelfs van een muur tussen de stad en het IJ. 

Het middendeel, met de vertrekhal, plaatst Cuypers bewust in de as van het Damrak, dat daarmee als een rode loper naar het station leidt.

De bouw, die in 1882 begint, verloopt niet erg voorspoedig. De overkapping van de sporen vertoont verzakkingen. Het herstel kost niet alleen extra geld, maar vertraagt de bouw met drie jaar, waardoor het station pas op 15 oktober 1889 kan worden geopend.

De gevel en het interieur zijn rijk voorzien van schilderingen, lambriseringen, beeldhouwwerk en houtsneden. Dat moet aantonen hoe belangrijk de spoorwegen zijn voor handel, vervoer en nijverheid. 

En in zijn totaliteit is het als nationaal gebouw in de hoofdstad symbool bij uitstek van het belang van de spoorwegen voor de economische en maatschappelijke bloei van Nederland.

60 jaar Amsterdam Centraal in 1949 (Video van Beeld&Geluid):

6830 kilometer rails

Met de komst van het station is het water niet langer de levensader van de stad, het centrum van handel. Daardoor moet de infrastructuur van de stad ingrijpend worden aangepast; voor een goede aansluiting op het station worden straten doorgetrokken en grachten gedempt.

Tram en wagen, en later de auto, gaan het straatbeeld bepalen. Het station blijkt een economisch succes en volgens menigeen is het zelfs de redding van de stad geweest.

In de loop der jaren breidt het verkeer per trein zich gestaag uit tot 6.830 kilometer rails vandaag de dag. Nergens in de EU wordt een spoorwegennet zo druk gebruikt als hier, met ruim een miljoen reizigers per dag. 

De baanvakken CS-Sloterdijk en CS-Muiderpoort zijn het drukst met jaarlijks respectievelijk ruim 45 miljoen en 35 miljoen reizigers. Dat heeft zijn weerslag op het Centraal Station van Amsterdam, dat al diverse keren is verbouwd.

''Tijdens de oplevering waren er 300 reizigers per dag  en binnenkort zullen dat er 300.000 zijn'', zegt architect Tak. Met als gevolg dat nu de meest ingrijpende verbouwing ooit noodzakelijk is. 

Oude glorie

''Het gebouw moet zoveel mogelijk zijn oude glorie behouden, maar tegelijk moet je je wel realiseren dat de huidige tijd ook nieuwe eisen stelt. Je moet nu bijvoorbeeld veel meer rekening houden met de veiligheid. Dus moet je zorgen voor goede verlichting, een goede doorstroming en vluchtwegen", aldus Tak.

"Tegelijk moet het gebouw zoals Cuypers het heeft ontworpen volledig tot zijn recht blijven komen. Cuypers was een hele bijzondere architect en het station staat op een hele specifieke plek. Dat soort zaken moet je koesteren, want die kosten niets."

"Achter de gevel begint echter de verandering. Er komen onder andere drie tunnels, twee snelle doorgangen aan de zijkanten en in het midden een zone waar je zonder ov-chipkaart doorheen kunt lopen naar de pont over het IJ.''

Als alles eenmaal klaar is, is het plein het domein van voetgangers, fietsers en trams, ziet het gebouw er aan de voorkant uit zoals het er altijd heeft uitgezien en begint en eindigt zowel de Noord-Zuidlijn als de HSL er. 

Het CS heeft dan een fietstunnel onder de sporen, die begin volgend jaar klaar moet zijn, een nieuwe overkapping, een metrohal, een busstation aan de achterkant bij het IJ in plaats van aan de voorkant en een geheel nieuwe, moderne hal. 

Van afwerkplek naar wandelpromenade

Deze zogenoemde IJhal, een ontwerp van architectenbureau Benthem-Crouwel, heeft een overkapping van 365 meter lang. 

Daarmee wordt dit gedeelte, dat ooit een beruchte afwerkplek was, een overdekte wandelpromenade met winkeltjes en horecagelegenheden van fastfood tot chique.

Auto's verdwijnen in een tunnel, bussen rijden over het dak van de hal. Het eerste deel van de nieuwe hal, inclusief tientallen winkels, zou begin volgend jaar in gebruik moeten worden genomen. Maar dan moet alles volgens plan verlopen en dat is bij dit soort enorme projecten zelden het geval. 

''Het zal zeker nog vele jaren duren voordat het helemaal af is'', zegt architect Tak. ''Het moet namelijk beetje bij beetje. Als je het in één keer wilt doen, gaat het wel een stuk sneller, maar dan zou je het hele station voor lange tijd moeten platleggen. Dat kan eenvoudig niet.''

Amsterdam Centraal vanuit de lucht: Video over de huidige vernieuwingen aan het stationsgebied:

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend