Het kabinetsvoornemen om Noord-Holland, Utrecht en Flevoland samen te voegen zorgde voor ophef in het provinciaal bestuur. Minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken besloot deze week uiteindelijk af te zien van de plannen.

Waarom wilde het kabinet de drie provincies samenvoegen?

Het voorstel voor een 'superprovincie' paste in een bredere ambitie van het kabinet van VVD en PvdA om het openbaar bestuur in Nederland kleiner en efficiënter te maken. Met name de VVD hamert al langer op het efficiënter inrichten van bestuurlijk Nederland. Voor veel van deze ambities ontbreekt echter draagvlak, zowel in Den Haag als in de provincies en gemeenten.

Zo was het plan oorspronkelijk dat gemeenten minimaal 100.000 inwoners moeten hebben en dat het aantal politici op regionaal en gemeentelijk niveau naar beneden moet. Uiteindelijk zouden de provincies moeten opgaan in vijf landsdelen waar ook de waterschappen onder gaan vallen.

Daarnaast moest het aantal provinciale en gemeentelijke bestuurders worden beperkt. Veel van deze plannen zijn in de wacht gezet of afgezwakt.

Het idee om juist Noord-Holland, Utrecht en Flevoland samen te voegen, kwam voort uit de intensieve samenwerking die daar nu al plaatsvindt op het gebied van infrastructuur en economische samenwerking. Een samenvoeging zou dat makkelijker moeten maken. Denk bijvoorbeeld aan de aanpak van vervoersknelpunten of de ontwikkeling van economische gebieden.

Waar zaten de knelpunten?

De provincies, ironisch genoeg met vooral Commissarissen van de Koning van VVD-huize, waren tegen. Dit lieten zij in april in een gezamenlijke persconferentie weten. Zij vonden dat Plasterk niet voldoende heeft beargumenteerd dat de samenvoeging profijt oplevert.

Ook zou in het plan van de minister visie ontbreken over waar de fusies uiteindelijk toe zouden moeten leiden. 

Een ander belangrijk knelpunt bleek de politieke realiteit. Het kabinet moest, net als bij veel andere plannen, steun zoeken bij oppositiepartijen. Aangezien de steunpilaren D66, ChristenUnie en SGP het op dit punt niet eens zijn, keek de minister hiervoor naar de 'leenstelselcoalitie' van D66 en GroenLinks.

Deze partijen hielpen Onderwijsminister Jet Bussemaker aan een politiek akkoord over het vervangen van de basisbeurs voor studenten door een leenstelsel.

Maar ook deze partijen hebben hun wensen. Zo wil GroenLinks dat er extra geld beschikbaar komt voor natuur in deze superprovincie. Zowel D66 als GroenLinks ervaarden de onderhandelingen met het kabinet als stroef.

Ze staan open voor het idee van een nieuwe bestuurlijke indeling, maar vinden dat het kabinet in de plannen weinig visie toont op de bestuurlijke inrichting van Nederland.

Een ander probleem is de weerstand binnen VVD en PvdA. Vooral de PvdA heeft afgelopen maanden flinke klappen gekregen en nog een oproer zou extra schade betekenen bij de Provinciale Statenverkiezingen in 2015.

Waarom wilde Plasterk toch doorzetten?

Met name premier Mark Rutte hamert al jaren op de aanpak van de 'bestuurlijke obesitas'. Dat hij onlangs al aanschoof bij een overleg om politieke steun te verwerven voor de superprovincie, liet zien dat dit voor hem een belangrijk punt was.

Plasterk voert als dienaar van de Kroon het regeerakkoord uit en probeerde daarom, ondanks het verzet binnen de provincies, zijn plannen door te zetten. Toch werd er in Den Haag al serieus rekening gehouden met het scenario dat het hele project op de lange baan wordt geschoven. Nu blijkt dat het kabinet de plannen definitief van tafel veegt.

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend