De maatregelen die na de zware overstromingen in 1993 en 1995 in Limburg zijn genomen, hebben nu erger leed doen voorkomen. Ondanks dat de provincie in zeker 110 jaar tijd niet zoveel water te verwerken kreeg als afgelopen week. Dat zegt Harold van Waveren, topadviseur waterveiligheid bij Rijkswaterstaat, in gesprek met NU.nl - zonder dat hij de enorme waterschade in bijvoorbeeld Valkenburg wil bagatelliseren.

Volg dit onderwerp Krijg meldingen van belangrijke ontwikkelingen rond de overstromingen in Limburg

In december 1993 overstroomden door aanhoudende regen grote delen van Limburg. Op meerdere plaatsen trad de Maas buiten haar oevers. Bekend zijn de beelden van dorpen als Itteren en Borgharen, waar de Maas vrijelijk door de straten stroomde. Anderhalf jaar later, in januari 1995, trof wateroverlast Limburg opnieuw. Wederom kwamen Itteren en Borgharen onder water te staan.

Sindsdien zijn langs de hele Maas maatregelen genomen: de Maaswerken. Om nieuwe overstromingen te voorkomen, moest de rivier de ruimte krijgen. De Maas werd verbreed en verdiept, kades en dijken werden versterkt, uiterwaarden verlaagd en hoogwatergeulen en waterbergingsgebieden aangelegd.

De Maaswerken zijn nog niet helemaal afgerond. Wat dat betreft was het hoogwater van de afgelopen week "de ultieme proef", zegt Van Waveren. Zo stroomde er vorige week meer water door de Maas dan tijdens de wateroverlast in 1993 en 1995. Toch leidde de extreem hoge waterstand in de rivier tot "aanzienlijk minder" problemen dan toen, zegt hij. Vooruitlopend op de evaluatie concludeert Rijkswaterstaat alvast voorzichtig dat de Maaswerken hun werk hebben gedaan.

Inwoners van het Limburgse Itteren worden geëvacueerd met behulp van een hovercraft tijdens de overstromingen in 1993.

Inwoners van het Limburgse Itteren worden geëvacueerd met behulp van een hovercraft tijdens de overstromingen in 1993.
Inwoners van het Limburgse Itteren worden geëvacueerd met behulp van een hovercraft tijdens de overstromingen in 1993.
Foto: ANP

Maas barst niet, Geul verandert in wildwaterrivier

Borgharen, Itteren en ook het (deels) geëvacueerde Venlo en Roermond hielden dit keer droge voeten, al ging het op veel plekken langs de Maas maar net goed. Op het hoogtepunt stroomde bij Maastricht 3.236 kubieke meter water per seconde door de Maas. Daarmee bleef de afvoer maar net onder de ontwerpafvoer (3.275 kubieke meter per seconde) van de Maaswerken, aldus Rijkswaterstaat. Noord- en Midden-Limburg zijn "door het oog van de naald gekropen", zei voorzitter Antoin Scholten van de Veiligheidsregio Limburg Noord zondag terecht.

Waar de Maasdorpen - op de gebieden die buiten de dijken liggen na - grotendeels gespaard bleven, werden inwoners langs beken als de Geul en de Gulp in Zuid-Limburg compleet overvallen door het wassende water. De Geul, normaal een kabbelend beekje, veranderde in een wildwaterrivier. De hoeveelheid water die vanuit de beken de Maas instroomde was "echt opvallend" te noemen. "Meer dan we tot nu toe hadden gemeten", zegt Van Waveren.

Met name Valkenburg aan de Geul werd zwaar getroffen. Door ernstige wateroverlast aan huizen zijn zo'n zevenhonderd gezinnen ontheemd geraakt. De totale schade aan het pittoreske stadje bedraagt circa 400 miljoen euro, zei burgemeester Daan Prevoo woensdag.

'Honderden huizen Valkenburg onbewoonbaar door onveilige soep'
142
'Honderden huizen Valkenburg onbewoonbaar door onveilige soep'

Aanpakken van beken is lastig

Het in bedwang houden van de Geul zal om andere oplossingen vragen dan voor de Maas. "Zeker waar de beek door bestaande woonkernen stroomt, is dat lastig", zegt Van Waveren. Bij neerslag in heuvelachtig gebied verzamelt water zich in het dal, waar de dorpen zijn. Een deel van de oplossing zal wellicht heuvelop gezocht moeten worden, beredeneert hij. Gedacht kan worden aan manieren om het water bij zware neerslag daar langer vast te houden, zoals in het grondwater, in bergingsgebieden of reservoirs.

Uiteindelijk is het aan Waterschap Limburg om met een eventueel plan van aanpak voor beken als de Geul te komen; Rijkswaterstaat gaat alleen over de grote rivieren zoals de Maas, maakt de topadviseur duidelijk.

De komende jaren gaat de provincie Limburg zeventien zwakke plekken in dijken en kades versneld aanpakken. Of de hoogwaterwerken daarna alweer op de schop moeten, is volgens Van Waveren op dit moment nog niet te zeggen. "We moeten het eerste beeld nog evalueren." Bij die evaluaties zal volgens hem ongetwijfeld ook gekeken worden hoe er in de toekomst moet worden omgegaan met de beken.

Van achteroverleunen zal in elk geval geen sprake zijn. "Dat kan in Nederland nooit", aldus Van Waveren.

Buurtbewoners maken kerkbanken schoon van de H.H. Nicolaas en Barbarakerk in Valkenburg die vorige week onder water kwam te staan.

Buurtbewoners maken kerkbanken schoon van de H.H. Nicolaas en Barbarakerk in Valkenburg die vorige week onder water kwam te staan.
Buurtbewoners maken kerkbanken schoon van de H.H. Nicolaas en Barbarakerk in Valkenburg die vorige week onder water kwam te staan.
Foto: ANP