Zeeland is een van de gebieden waar watersporters vaak in de problemen komen. Zij gaan lang niet altijd goed voorbereid het water op, merkt de KNRM.

Met het oog op het vakantieseizoen heeft de reddingmaatschappij een kaart gemaakt met de gebieden waar watersporters het vaakst hulp nodig hebben. De Zeeuwse wateren zijn een van deze 'hotspots'. De andere vier zijn de noordkant van het IJsselmeer, een deel van de Waddenzee, de Randmeren (IJmeer, Gooimeer en Eemmeer) en de Biesbosch.

Motorproblemen zijn de belangrijkste reden waarom watersporters de hulp moeten inroepen van de KNRM. Verder gaat het vaak om 'vastlopers': boten die aan de grond lopen door bijvoorbeeld verkeerd navigeren of wind.

Niet uit de boot op het Veerse Meer

Ook op de Zeeuwse wateren moet de KNRM regelmatig uitvaren om vastgelopen boten los te slepen. De reddingdienst adviseert watersporters eerst zelf te proberen hun boot los te duwen, of zich te laten wegslepen door andere pleziervaarders. Een uitzondering geldt voor het Veerse Meer, ook een bekende vastloopplek. Vanwege de oesters op de bodem wordt afgeraden om buiten te boot te gaan. Wie er strandt, kan beter een beroep doen op passanten. Als dat niet lukt, kan alsnog om een reddingboot worden gevraagd.

In de coronajaren zijn er veel nieuwe watersporters bijgekomen. De KNRM merkt dat niet iedereen even op de hoogte is van alle regels en goed voorbereid het water op gaat. De reddingmaatschappij is een campagne begonnen om watersporters te vertellen wat ze moeten doen bij pech of in noodsituaties, maar ook hoe ze die kunnen voorkomen. Er worden onder meer flyers verspreid in jachthavens.