Rotterdammer Ahmed K. (29) reed met snelheden tot 168 kilometer per uur door de bebouwde kom van Vlissingen achter iemand anders aan. Bij die achtervolging, waarbij K. op zeker moment ook nog inhaalde, reed hij de Vlissingse Inge Caljouw (42) dood. Na eerst een straf van vier jaar, kreeg hij dinsdag in hoger beroep 2,5 jaar. Het hof vindt niet dat er sprake was van een straatrace.

Het ongeluk gebeurde op 10 juni 2020. K. zat die dag in zijn witte Volkswagen Golf op de Badhuisstraat in Vlissingen voor het stoplicht. Voor hem stond een identieke witte Golf. Die spoot ervandoor.

K. ging erachteraan. Via de Badhuisstraat over de Burgemeester Van Woelderenlaan. Op het einde van die lange laan keerden de wagens en begon K. de ander in te halen. Vijftien mensen waren getuige van de race. Allemaal spraken ze over de enorme snelheden die de twee haalden. Gierende banden, loeiende motoren, toeren maken, motoren janken, bumper aan bumper: het zijn maar enkele van de uitlatingen van de getuigen.

Bij de kruising met de Paauwenburgweg stak Inge Caljouw met haar handbike over. K. reed tegen haar aan. De gehandicapte vrouw brak alles wat er te breken viel. Ze werd in het ziekenhuis meteen geopereerd, maar vier dagen later overleed ze aan haar verwondingen.

Het hof oordeelde dinsdag dat de twee niet verwikkeld waren in een straatrace: "Afgezien van het achter elkaar aan rijden met hoge snelheid is niet gebleken dat de auto's herhaaldelijk of over een langer stuk naast elkaar hebben gereden, elkaar probeerden af te snijden, of elkaar meerdere keren inhaalden." Ook nam het hof mee dat de twee elkaar niet kenden en geen race-afspraak hadden gemaakt.

Het Openbaar Ministerie had betoogd dat er sprake was van doodslag, door zo te rijden. Dat vond het hof niet. Wel oordeelde het dat K. roekeloos reed, de zwaarste mate van schuld aan een ongeval.