De gemeente Goes krijgt in de nieuwe verzetsstrijdersbuurt in het oosten van de stad twee straten die vernoemd zijn naar verzetsstrijders.

Een van de straten wordt op initiatief van de Heemkundige Kring vernoemd naar Nicolaas Corstanje. Corstanje vocht in het begin van de oorlog als militair tegen de Duitsers, na de bezetting was hij actief in het verzet. In 1944 werd de Goesenaar op de Waalsdorpervlakte doodgeschoten.

Kort na de oorlog wilde de gemeente al een straat naar Corstanje vernoemen, maar zijn ouders wilden dat destijds niet. Zijn drie nog levende zussen stemmen er wel mee in.

In de nieuwe verzetsstrijdersbuurt komt ook een Kloostermanpad, vernoemd naar Daan Kloosterman en zijn vrouw Maatje Kloosterman-van Willegen, die een wolwinkel hadden in de Lange Vorststraat in Goes. Tijdens de oorlog had Kloosterman de grootste verzetsgroep in Goes met 62 leden, zijn vrouw verrichte verschillende hand- en spandiensten voor het verzet.

De straat is ook een eerbetoon aan Piet Kloosterman, de neef van Daan, die woonde in Nisse. In het dit jaar verschenen boek Breekbare helden van Carla Rus wordt hij 'de aartsvader van het Zeeuwse verzet' genoemd.

De verzetsstrijdersbuurt in Goes-Oost gaat binnenkort op de schop en wordt opnieuw ingericht. Veel van de oude huizen worden gesloopt en er komen nieuwe huurwoningen voor in de plaats.