De gemeente Vlissingen heeft 15,6 miljoen euro overgehouden in het jaar 2017. Van dat bedrag gaat 14,3 miljoen naar de algemene reserve, die daardoor uitkomt op 143,3 miljoen euro in de min.

Wethouder John de Jonge is er snel bij om het overschot te nuanceren. ''Het komt vooral door boekhoudkundige maatregelen. Het is niet zo dat we 15 miljoen euro winst hebben gemaakt. Anders zou het snel de goede kant opgaan.''

Het overschot van miljoenen is grotendeels te verklaren door een herziening van de grondexploitaties, een voorziening voor frictiekosten die is vrijgevallen en een extra algemene uitkering van de overheid. Vlissingen ontvangt die uitkering omdat het een Artikel-12 gemeente is. Die status verkreeg de gemeente omdat er langere tijd een financieel tekort op de begroting was. In ruil voor de uitkering verliest Vlissingen haar financiële zelfstandigheid.

Financiële huishouding

Vlissingen trekt twee ton uit voor het onderhoud van de Sloebrug en 147.000 euro gaat naar het participatiebudget. In 2017 is de langlopende schuld van de gemeente met twee miljoen euro afgenomen van 211 naar 209 miljoen euro.

Vlissingen is in het kader van haar Artikel 12-status al jaren fors aan het bezuinigen. Daarnaast wordt geprobeerd om meer inkomsten te genereren, onder meer door het verhogen van de belastingen. Vlissingen is nog zeker tien jaar bezig met het saneren van haar financiële huishouding. Belangrijkste doel is om de negatieve algemene reserve weg te werken. In 2029 moet er twee miljoen euro positief in die spaarpot zitten.