Minister Edith Schippers (VWS) begrijpt dat sporters graag meer financiële steun zouden krijgen. Maar zij is er trots op dat juist in deze tijden van forse bezuinigingen het geld voor de sport niet is verminderd en dat er aandacht is voor hoe het verder moet na de sportieve carrière.

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport trekt jaarlijks tientallen miljoenen euro’s uit voor topsporters, zo laat de minister via haar woordvoerder weten.

De laatste tien jaar steeg dat budget van 20 naar 37 miljoen. Ook krijgen sporters een maandelijkse toelage uit een speciale regeling (10 miljoen euro) waardoor ze zich volledig op hun sport kunnen richten.

Met dat geld worden de toppers gestimuleerd hun sport te combineren met een studie of opleiding, zodat zij goed voorbereid zijn op hun leven na de actieve carrière.

Het verwijt van judoka Henk Grol dat de overheid geen oog heeft voor de topsporters na hun sportieve carrière gaat de bewindsvrouw dan ook te ver. Volgens VWS is het niet uitsluitend een verantwoordelijkheid van de overheid, maar ook van de sporters zelf om na te denken over later.

Regelingen

Schippers wijst verder onder meer op het bestaan van het programma 'Goud op de Werkvloer' van NOC*NSF en Randstad, dat topsporters begeleidt naar een passende baan. Tot december 2012 lukte dat bij 167 personen, tot en met 2016 (de Olympische Spelen in Rio de Janeiro) moeten er daar nog eens 175 bij komen.

En hoewel de bewindsvrouw geen aparte belastingregels voor topsporters wil maken, wijst zij er wel op dat er diverse regelingen zijn om geld, bijvoorbeeld de bonus voor een olympische medaille, op een geblokkeerde rekening weg te zetten zonder dat de sporters op hun inkomen of toelage worden gekort.

Lees ook: Grol: 'Topsporters verdienen veel meer steun van de overheid'

Lees ook de column van Thijs Zonneveld: Voor een duppie op de eerste rij