Olympisch kampioen Yannick Agnel heeft dinsdag bij de wereldkampioenschappen in Barcelona ook de wereldtitel op de 200 meter vrije slag veroverd. 

De Fransman zegevierde in een tijd van 1.44,20. Hij bleef hiermee de Amerikaan Conor Dwyer (1.45,23) duidelijk voor. Het brons was voor de Rus Danila Izotov in 1.45,59.

De Amerikaanse titelverdediger Ryan Lochte werd vierde in 1.45,64. Sebastiaan Verschuren haalde op dit nummer de finale niet.

Hij zag af van een swim-off om als achtste naar de eindstrijd te mogen. De Nederlander gaf de voorkeur aan de 100 meter vrij.

Bij de vrouwen maakte Missy Franklin dinsdag haar status als beste zwemster waar op de 100 rugslag.

De olympisch kampioene uit de VS won het goud in een tijd van 58,42. De Australische Emily Seebohm zwom in 59,06 naar het zilver. De derde plaats was voor de Japanse Aya Terakawa in 59,23.

Indrukwekkend wereldrecord

Op de 1500 meter vrij zwom de Katie Ledecky in een indrukwekkend wereldrecord naar het goud. De Amerikaanse tikte aan in 15.36,53 en dook daarmee maar liefst zes seconden onder de mondiale toptijd van haar landgenote Kate Ziegler uit juni 2007.

Ook de Deense Lotte Friis bleef met 15.38,88 onder het oude record. Ze lag lang op kop, maar werd in de slotfase ingehaald door Ledecky. De Nieuw-Zeelandse Lauren Boyle pakte het brons in 15.44,71.

Grevers

De Amerikaan Matt Grevers eiste ook de gouden plak op bij de 100 meter rugslag. De olympisch kampioen tikte in een tijd van 53,92 als eerste aan. Hij bleef daarmee zijn landgenoot David Plummer voor, die een tijd van 53,12 nodig had.

De Fransman Jeremy Stravius eindigde in 53,21 als derde. Hij won bij de WK van 2011 samen met zijn landgenoot Camille Lacourt de titel.

Bastiaan Lijesen wist zich op dit onderdeel net niet te kwalificeren voor de finale.

Meilulyte

Op de 100 meter schoolslag werd de pas zestienjarige Ruta Meilutyte wereldkampioene. De Litouwse slaagde er niet in haar eigen wereldrecord aan te scherpen. Dat bracht ze in de halve finale op 1.04,35. Voor het goud volstond 1.04,42.

De Russin Joelia Efimova bleef met 1.05,02 aardig dicht in de buurt. De Amerikaanse Jessica Hardy, tot maandag de snelste vrouw ter wereld in deze discipline, finishte in 1.05,52 als derde. De Nederlandse vertegenwoordigster Moniek Nijhuis kon zich niet bij de beste acht scharen.