Kabinet, werkgevers en vakbonden en milieuorganisaties hebben op hoofdlijnen een energieakkoord bereikt. De Sociaal-Economische Raad (SER) heeft dat vrijdag laten weten.

De hoofdlijnen, die donderdag al uitlekten, worden de komende weken verder uitgewerkt, doorgerekend en voorgelegd aan de betrokken onderhandelingspartijen, aldus de SER, die de onderhandelingen leidt. 

In zijn wekelijkse persconferentie stelde premier Mark Rutte dat ''er nu een belangrijke aanzet ligt voor een energieakkoord. Er zal nog een hoop werk te doen zijn, ook na augustus, maar een groot compliment aan SER-voorzitter Wiebe Draijer en alle betrokkenen''.

Het akkoord bevat afspraken over vermindering van CO2-uitstoot en energiebesparing. Het is onder meer de bedoeling oude kolencentrales vervroegd te sluiten en in te zetten op meer windenergie. 

"Een uiteindelijk akkoord moet afspraken bevatten over energiebesparing, schone technologie en klimaatbeleid", meldt de SER in een persbericht. "Uitvoering van de afspraken moet resulteren in een betaalbare en schone energievoorziening, werkgelegenheid en kansen voor Nederland in de schone technologiemarkten."

Concurrentiepositie 

Het energieakkoord moet de komende jaren zorgen voor miljarden aan investeringen en zal goed zijn voor duizenden extra banen. Het bedrijfsleven kan er volgens de betrokken partijen zijn concurrentiepositie door versterken en er ontstaan ook nieuwe mogelijkheden voor ondernemerschap.

Nederland heeft internationaal afgesproken te streven naar een volledig duurzame energievoorziening in 2050. De CO2-uitstoot moet dan gedaald zijn naar 80 tot 95 procent vergeleken met 1990.

Er wordt meer tijd genomen om te komen tot 16 procent hernieuwbare energie: de datum verschuift van 2020 naar 2023. Dit leidt tot een lastenverlichting voor burgers en bedrijven vergeleken bij het regeerakkoord. Nederland voldoet wel aan de EU-afspraak van 14 procent hernieuwbare energie in 2014.

Stimulansen

Volgens het principe-akkoord moet er eind dit jaar een fonds voor energiebesparing komen waarmee groepen burgers energiebesparingsmaatregelen kunnen nemen.

Ook wordt bekeken hoe energiebesparing door het bedrijfsleven verder kan worden gestimuleerd en ondersteund. Ook voor het opwekken van windenergie op zee en op land komen stimulansen. Oude kolencentrales, gebouwd in de jaren '80, zullen onder voorwaarden sluiten.

'Kan nog mislukken'

VVD-Kamerlid Rene Leegte benadrukt tegenover NU.nl dat er nog geen sprake is van een akkoord. "Het kan nog steeds mislukken."

Hij zegt dat het voor de VVD cruciaal is dat de energierekening voor burgers en MKB betaalbaar blijft. "Zij zullen het uiteindelijk moeten betalen. Het is de vraag wat zij uiteindelijk terug krijgen voor de hoge kosten", aldus de VVD'er. 

PvdA-Kamerlid Jan Vos noemt de investering in energiebesparing en windparken op zee de belangrijkste winst in het akkoord. Hij wil pas een definitief oordeel vellen als de partijen eind augustus tot definitieve overeenstemming zijn gekomen.

Grootvervuiler betaalt

GroenLinks geeft het akkoord een 'genade zesje'. "Er staan voor de hand liggende maatregelen in die goed zijn. Een ambitieus akkoord dat nieuwe energie en enthousiasme geeft voor een radicale trendbreuk van fossiel naar schoon is het echter niet", stelt Kamerlid Liesbeth van Tongeren.

"De fossiele grootvervuiler betaalt in Nederland nog steeds niet en de vergroener krijgt nog steeds nauwelijks de wind mee."

Het CDA vindt het gepresenteerde hoofdlijnenakkoord te vaag om te kunnen beoordelen. "De regering heeft beloofd dat het akkoord er uiterlijk vandaag zou zijn, maar schuift het nu door naar augustus wat doet vermoeden dat er nog veel financiële open eindjes zijn", aldus CDA-Kamerlid Agnes Mulder.

Te vroeg

Stientje van Veldhoven (D66) constateert dat in het hoofdlijnenakkoord de ambities van het regeerakkoord om in 2020 al 16 procent van de energie duurzaam op te wekken zijn losgelaten. 

Volgens haar is het veel te vroeg om te spreken van een akkoord. "Er ontbreekt een financiële bijsluiter, afspraken worden niet concreet gemaakt en nadere uitwerking volgt pas later. Dit is helaas nog lang geen akkoord."

De SP is niet onder de indruk van het akkoord. "Is dit alles?", zo twitterde Paulus Jansen, energiespecialist bij de partij. Volgens Jansen moeten de onderhandelaars nog hard werken om het akkoord tot een succes te maken.

Verheugd

De ondernemersorganisaties zijn verheugd over het akkoord . VNO-NCW en MKB-Nederland zien het akkoord als een "grote impuls voor de noodzakelijke verduurzaming van de Nederlandse economie".

"Het is een doorbraak dat bedrijfsleven, milieuorganisatie, vakbonden met het kabinet tot dit hoofdlijnenakkoord zijn gekomen", aldus de organisaties in een gezamenlijke verklaring.

FNV Bouw vice-voorzitter Charley Ramdas reageert voorzichtig positief op het SER-energieakkoord. "We moeten de berekeningen natuurlijk eerst afwachten, maar dit klinkt gewoon goed. 

"Voor FNV Bouw is de extra werkgelegenheid die ontstaat het allerbelangrijkst. Daarbij is het cruciaal dat het duurzame banen zijn en geen uitbuiting van werknemers. Het akkoord kan zo een perspectief bieden aan vaklieden, goede vakkrachten kunnen hiermee voor de bouwsector behouden blijven."

Nederland zet grote stappen richting een duurzame energievoorziening en een economie waarin veel minder energie wordt verspild, zo stellen de milieuorganisaties Greenpeace, Natuur & Milieu, Milieudefensie, Wereld Natuur Fonds, de Natuur en Milieufederaties, De Groene Zaak en Duurzame Energie Koepel in een gezamenlijke verklaring. Maar: "De vlag kan pas echt uit als de bijhorende maatregelen in de zomer zijn doorgerekend."

Realisme

FME-voorzitter Ineke Dezentjé Hamming-Bluemink reageert positief: "De uitgangspunten voor een uiteindelijk energieakkoord getuigen van realisme en een ambitieniveau dat past in de huidige economische tijd", aldus de voorzitter van de ondernemersorganisatie voor technologische industrie. 

"Met dit pakket wordt geïnvesteerd in de verduurzaming van gebouwen en wordt innovatie gestimuleerd. En is het van groot belang dat er voor de komende tien jaar duidelijkheid is. Het uiteindelijke Energieakkoord draagt bij aan meerjarige zekerheid en zal daarmee een positief effect hebben op investeringen en de werkgelegenheid in Nederland."

Titia Siertsema, voorzitter van de brancheorganisatie voor installatiebedrijven Uneto-VNI, is redelijk tevreden. "Op zich ben ik blij met het akkoord, al mag het tempo van de vergroening nog wel omhoog. De installatiebranche kan dat goed gebruiken." 

Winst

De grootste winst van de onderhandelingen, aldus Siertsema, is dat er nu niet meer wordt gesproken óf er energie bespaard moet worden, maar hóe dat bereikt gaat worden. Ze zet wel een kanttekening bij de financiële aspecten van het akkoord.

"Het is nog steeds niet helemaal duidelijk wie de rekening gaat betalen. Bij energiebesparing gaat de investering namelijk aan de winst vooraf."

Lees ook: 'Energieakkoord is een herhaling van zetten'