Engeland, Wales, Schotland, Noord-Ierland en Ierland willen samen het WK voetbal van 2030 organiseren. De vijf landen gaan de komende maanden de haalbaarheid onderzoeken en een officieel 'bid' voorbereiden. Engeland is ook bereid om komende zomer meer EK-duels te organiseren.

De Britse regering onder leiding van premier Boris Johnson steunt de kandidaatstelling voor het WK en trekt 2,8 miljoen pond (omgerekend ruim 3,2 miljoen euro) uit voor de voorbereidende activiteiten. Daarnaast reserveert de regering 25 miljoen pond voor de ontwikkeling van het voetbal, vooral bedoeld om zo'n zevenhonderd nieuwe velden aan te leggen.

Engeland huisvestte het WK van 1966. Destijds werd voor eigen publiek de wereldtitel veroverd. Volgend jaar is het WK in Qatar en in 2026 organiseren de Verenigde Staten, Mexico en Canada de mondiale eindronde.

"We willen het voetbal in 2030 naar 'huis' brengen", zegt Johnson dinsdag in The Sun. "Groot-Brittannië is de thuisbasis van het voetbal. Het zou geweldig zijn voor het land. Dit is de juiste plaats en de juiste tijd."

Mogelijk meer EK-duels in Engeland

Johnson laat ook weten dat Engeland bereid is om komende zomer meer wedstrijden van het EK te huisvesten. Het EK eindigt in Londen, waar op Wembley de halve finales en finale worden gespeeld.

In Londen zijn ook drie groepswedstrijden en één duel uit de achtste finales, maar Johnson is bereid meer EK-duels op Wembley te laten spelen als andere gastlanden vanwege de coronapandemie in de problemen komen.

Groot-Brittannië gaat in Europa aan kop wat betreft het aantal gezette coronavaccins. Johnson presenteerde afgelopen maand een routekaart, die laat zien hoe de Britten de komende weken en maanden steeds meer hun normale leven terugkrijgen.

"Als ze willen dat we meer EK-wedstrijden huisvesten, dan zijn we daar zeker voor in. We praten daarover met de UEFA", zegt de Britse premier. Het EK vindt vooralsnog plaats in twaalf landen, waaronder Nederland met Amsterdam.

In de Johan Cruijff ArenA zijn komende zomer vier duels. Begin april moet duidelijk worden of alle gastlanden wedstrijden kunnen huisvesten en of daar publiek bij aanwezig kan zijn.