De achttien Eredivisie-clubs hebben vorig jaar in de maanden oktober, november en december samen 11 miljoen euro voorschot aan loonsubsidie van de Nederlandse overheid gekregen. Dat komt maandag naar voren in het register van het UWV over de derde periode van de steunregeling.

Het bedrag valt bijna 50 procent lager uit dan de 20 miljoen euro aan voorlopig voorschot dat de Eredivisie-clubs in de tweede NOW-periode (juni tot en met september 2020) kregen. In de eerste periode (maart, april, mei) ging het om een bedrag van 25 miljoen.

Een oorzaak van het verschil zou kunnen zijn dat de tegemoetkoming van maximaal 90 procent van de loonkosten naar maximaal 80 procent is verlaagd.

NOW staat voor Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid. Bedrijven kunnen door deze regeling bij ten minste 20 procent omzetverlies een tegemoetkoming van de overheid krijgen om hun personeel te kunnen betalen. Ook clubs uit het betaalde voetbal komen in aanmerking voor deze regeling.

Ajax ontving in de derde periode het grootste voorschot van alle Eredivisie-clubs (2.893.161 euro), gevolgd door Feyenoord (1.282.677 euro) en PSV (860.604 euro). In de periode daarvoor ontving PSV met 2,5 miljoen het grootste voorschot.

Ajax betaalde het ontvangen voorschot terug, omdat het door onder meer de transfer van Sergiño Dest naar FC Barcelona (18 miljoen euro) van afgelopen zomer geen aanspraak maakte op steun.