Internazionale heeft maandagavond ten koste van Bayer Leverkusen de halve finales van de Europa League bereikt. De ploeg van Stefan de Vrij was dankzij een sterke openingsfase met 2-1 te sterk voor de formatie van trainer Peter Bosz.

Inter stond na iets meer dan twintig minuten al met 2-0 voor in de Merkur Spiel-Arena in Düsseldorf door doelpunten van Nicolò Barella en Romelu Lukaku. Vlak daarna volgde de aansluitingstreffer van Kai Havertz, maar Inter hield na rust vrij eenvoudig stand en voegde zich bij de laatste vier.

De Vrij stond zoals gebruikelijk aan de aftrap bij Inter en maakte de negentig minuten vol. Bij het Leverkusen van Bosz was er een basisplek voor oud-Ajacied Daley Sinkgraven, die in de 68e minuut werd gewisseld voor de Braziliaan Wendell.

De Europa League wordt deze maand vanwege de coronacrisis in toernooivorm afgemaakt, met Duitsland als speelland. De wedstrijden van de kwartfinales tot en met de finale worden net als in de Champions League over één duel beslecht.

De andere affiches in de kwartfinales van de Europa League zijn Shakhtar Donetsk-FC Basel - de winnaar speelt tegen Inter - en Wolverhampton Wanderers-Sevilla. Die wedstrijden staan dinsdagavond op het programma. De duels in de halve finales volgen zondag en maandag en de finale is op vrijdag 21 augustus.

Romelu Lukaku werkt de bal met moeite in het doel en tekent voor de 2-0. (Foto: Getty Images)

Inter maakt in openingsfase verschil tegen Leverkusen

Inter was in de eerste twintig minuten veel te sterk voor Leverkusen en die dominantie leidde na een kwartier ook al tot de 1-0. Na een afgeketst schot van Lukaku kwam de bal bij middenvelder Barella, die met de buitenkant van zijn voet fraai raak schoot in de linkerhoek.

Leverkusen was amper bekomen van de openingstreffer of de 2-0 was een feit. Lukaku kreeg de bal aangespeeld in het strafschopgebied, maakte zich goed breed en raakte de bal in de draai net hard genoeg om te scoren. Vlak daarna had de Belg ook de 3-0 moeten maken, maar hij stuitte van dichtbij op Lukás Hrádecký.

Tot dan toe had Leverkusen vrijwel niks laten zien en de aansluitingstreffer in de 25e minuut viel dan ook volledig uit het niets. Havertz kreeg de bal met wat fortuin in zijn voeten en zag zijn inzet van dichtbij via de benen van Samir Handanovic in het dak van het doel verdwijnen.

De spectaculaire openingsfase leek vlak daarna compleet toen scheidsrechter Carlos Del Cerro Grande naar de stip wees na hands van Sinkgraven. Uit de herhaling bleek echter dat de linksback de bal op zijn schouder kreeg, dus na ingrijpen van de VAR draaide de arbiter zijn eigen beslissing terug.

Na rust kreeg Leverkusen wat meer de bal, maar de beste kansen bleven voor Inter, dat via Alexis Sánchez en Lukaku verzuimde om het duel op slot te gooien. In de laatste minuut werd nog voor de tweede keer een penalty van Inter ingetrokken na ingrijpen van de VAR, maar de ploeg van Antonio Conte werd ook in de zes minuten blessuretijd niet meer aan het wankelen gebracht.