Het kabinet zal de voetbalsector als geheel geen 140 miljoen euro geven om de financiële problemen door de coronacrisis op te lossen. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wil dat er per club gekeken gaat worden wat er nodig is.

Minister Martin van Rijn, de KNVB, de Eredivisie en de Keuken Kampioen Divisie hadden vrijdag een overleg in Den Haag. Daarbij werd gesproken over het noodplan betaald voetbal dat de voetbalbond een maand geleden presenteerde aan het ministerie.

"Er komt geen sectorspecifieke steun, maar er wordt per club specifiek gekeken naar wat er al zelf is gedaan en eventueel nog nodig is voor de toekomst", reageert KNVB-directeur Eric Gudde. "De volgende stap is om per club inzichtelijk maken wat ze zelf al hebben gedaan, op basis van richtlijnen die we komende week samen gaan opstellen met het ministerie."

"Als laatste loket kan de Rijksoverheid een rol spelen. Zij hebben aangegeven hier open, constructief en welwillend naar te gaan kijken. Als betaald voetbal zijn we blij met deze volgende stap en we hebben alle vertrouwen dat we er gezamenlijk kunnen uitkomen."

De woordvoerder van Van Rijn zegt tegen de NOS dat de minister nadrukkelijk wil dat clubs eerst andere mogelijkheden onderzoeken. "Ze moeten eerst bij sponsors, banken, gemeenten en provincies kijken wat mogelijk is. Als er een bedrag overblijft, dan zullen wij als Rijk daarnaar gaan kijken."

Gudde vertelde een maand geleden bij het indienen van het noodplan dat er een vangnet van maximaal 140 miljoen euro nodig zou zijn van de regering als er een heel seizoen zonder publiek gespeeld zou moeten worden. Inmiddels is de situatie alweer anders, omdat het duidelijk is dat er in september weer fans in de stadions mogen zitten.

Minister Martijn van Rijn van Medische Zorg en Sport. (Foto: Pro Shots)