Napoli heeft zich zaterdag mede dankzij een historische treffer van Dries Mertens geplaatst voor de finale om de Coppa Italia. Een 1-1-gelijkspel thuis tegen Internazionale was toereikend nadat de uitwedstrijd in februari met 0-1 werd gewonnen.

In de finale speelt Napoli woensdag tegen Juventus, dat vrijdag AC Milan uitschakelde. De eerste wedstrijd in Italië sinds de corona-onderbreking eindigde in Turijn in 0-0. Na de 1-1 in Milaan was dat voldoende voor de ploeg van Matthijs de Ligt.

Dries Mertens was de gevierde man bij Napoli. Met de gelijkmaker tekende de 33-jarige Belg voor zijn 122e doelpunt voor de Napolitanen, waardoor hij zich clubtopscorer aller tijden mag noemen. Dat record deelde hij met Marek Hamsik (121), die op zijn beurt Diego Maradona (115) van de troon stootte.

Mertens speelt sinds 2013 voor Napoli. De Italiaanse club nam hem destijds voor 13 miljoen euro over van PSV.

Vreugde bij Napoli na de goal van Dries Mertens. (Foto: Getty Images)

Eriksen trefzeker voor Internazionale

Internazionale, met Stefan de Vrij in de basis, kwam in het Stadio San Paolo al na drie minuten op voorsprong dankzij een bijzonder doelpunt van Christian Eriksen. De Deen werkte de bal uit een corner met het nodige effect in één keer in het doel.

Vier minuten voor rust schoot Mertens zich de recordboeken in. De aanvaller rondde op aangeven van Lorenzo Insigne een snelle aanval af.

De finale tussen Napoli en Juventus wordt, uiteraard zonder publiek, woensdag in Rome gespeeld. Napoli won het bekertoernooi vijf keer, Juventus is recordhouder met dertien eindzeges.