Ruim 2.500 Spaanse agenten moeten zondag in Madrid de veelbesproken return tussen Boca Juniors en River Plate in de finale van de Copa Libertadores goed laten verlopen. De politie gaat er alles aan doen om de supporters van beide clubs te scheiden.

Zo wordt de Paseo de la Castellana, die van het centrum van Madrid naar het stadion Santiago Bernabéu loopt, al uren voor de wedstrijd afgesloten.

Aartsrivalen Boca en River mogen al jaren geen fans meenemen als ze bij elkaar op bezoek gaan. In Madrid zijn beide supportersgroepen wél welkom.

De Spaanse politie verwacht dat duizenden supporters hun favorieten ruim 10.000 kilometer achterna reizen van Buenos Aires naar Madrid. Het duel is ook populair bij Argentijnen die in Europa wonen. Bijna alle 85.000 beschikbare kaartjes zijn al verkocht.

De return zou vorige week zaterdag in het stadion van River afgewerkt worden, maar dat ging niet door na een aanval op de spelersbus van Boca. Daarbij werd traangas gebruikt en sneuvelden veel ruiten. Enkele spelers raakten gewond.

Clubs aanvankelijk niet akkoord

Boca wilde de wedstrijd vanwege de chaos helemaal niet meer spelen en River ging in beroep tegen het besluit om de wedstrijd naar Madrid te verplaatsen, net als tegen een boete van 400.000 euro en twee duels zonder publiek.

Beide clubs zijn nu echter toch akkoord met de return op Spaanse bodem, die om 20.30 uur begint. De spelers stapten woensdag op het vliegtuig naar Madrid.

Het eerste duel tussen beide clubs ging wel door en eindigde in 2-2.

Het is de eerste keer in de 58-jarige geschiedenis van de Copa Libertadores dat de finale tussen Boca Juniors en River Plate gaat. De winnaar plaatst zich voor het WK voor clubs, waar ook onder meer Real Madrid aan meedoet.