UEFA wil VAR vanaf volgend seizoen invoeren in Europese bekertoernooien

De UEFA wil vanaf volgend seizoen videoarbitrage gebruiken in de Europese bekertoernooien. De VAR moet tijdens het duel om de Europese Super Cup debuteren.

UEFA-voorzitter Aleksander Ceferin heeft zich de laatste jaren uitgesproken tegen de invoering van het systeem. Volgens de Sloveen was de VAR lang niet foutloos.

Hij is er inmiddels van overtuigd dat de VAR een goede toevoeging is. "Het plan is de techniek te gebruiken vanaf de strijd om de Europese Super Cup in 2019 en dan ook in de Champions League", zei Ceferin vrijdag voor de loting van de groepsfase van de Europa League. "Als we er klaar voor zijn, gaan we met de VAR beginnen."

Eerder was er al sprake van dat dit seizoen vanaf de knock-outfase de videoarbitrage in het belangrijkste Europese clubtoernooi zou worden ingevoerd. Geheel uitsluiten deed de Sloveen dat niet. "Maar we zijn het op dit moment niet van plan."

'Techniek kan nog probleem zijn'

Ceferin staat nog sceptisch tegenover het systeem met videoarbiters achter tv-schermen. Hij noemt het problematisch om de techniek in alle 55 aangesloten landen goed te laten functioneren. "Ik heb nog twijfels. Bij het WK waren er enkele goede beslissingen, maar we moeten zien hoe het zich ontwikkelt."

De VAR maakte op het afgelopen WK in Rusland het debuut op een mondiaal eindtoernooi. Sinds dit seizoen wordt er ook in de Eredivisie gebruik van gemaakt, nadat de videoarbitrage eerder in onder meer de KNVB-beker werd getest. Ook in Duitsland en Italië is de VAR al enige tijd een bekend fenomeen.

De videoarbiters kunnen hun collega op het veld adviseren bij vier spelbepalende elementen: doelpunten, strafschoppen, rode kaarten en als per ongeluk de verkeerde speler een kaart krijgt.

Bekijk de loting en het programma in de Champions League

Tip de redactie