De plannen van de KNVB voor de vernieuwing van het jeugdvoetbal vinden definitief doorgang. Kinderen van 7 tot 12 jaar spelen vanaf het seizoen 2017-2018 op kleinere veldjes en in kleinere teams.

Vertegenwoordigers van amateurclubs stemden daar zaterdag over, zo maakte de KNVB bekend. De ontwikkelingen zullen in fases plaatsvinden.

Pupillen onder 8 en 9 jaar zullen in de vernieuwde opzet op een kwart voetbalveld partijtjes van 6-tegen-6 spelen. Het seizoen daarop starten de teams van onder 10, onder 11 en onder 12 met de nieuwe wedstrijdvormen.

De jongste voetballers (onder 6 en 7 jaar) blijven in onderling verband op de vereniging kleine partijtjes spelen. Het advies is kinderen onder de zes jaar 2-tegen-2 te laten spelen, en onder zeven jaar 4-tegen-4.

In totaal krijgen zo’n 300.000 voetballertjes met de nieuwe wedstrijdvormen te maken.

Spelvreugde

Volgens de voetbalbond is de spelvreugde voor de pupillen in de nieuwe opzet veel groter. Op grotere velden komen sommige spelers per wedstrijd slechts een paar keer aan de bal.

Door de teams en velden kleiner te maken is er vaker balcontact, is het plezier groter en ontwikkelen de voetballertjes zich beter. 

"Voetballertjes van deze leeftijd moeten vrijuit spelen, acties maken en veel scoren", aldus Jan Dirk van der Zee, directeur amateurvoetbal van de KNVB. "Met kleine partijtjes, kleinere teams en zonder scheidsrechter vind je de cultuur van het pleintjesvoetbal terug."