Nederlandse profvoetballers noemen de machocultuur in het voetbal en het vaak homo-onvriendelijke gedrag van de fans belangrijke oorzaken voor de homofobie in het voetbal. 

Uit een onderzoek onder vierhonderd contractspelers blijkt dat meer dan 80 procent van de profs vindt dat het daardoor heel moeilijk is voor homoseksuelen om voor hun geaardheid uit te komen.

Bijna de helft van alle contractspelers uit het betaalde voetbal vulde de enquête van de Vereniging van Contractspelers (VVCS) en de John Blankenstein Foundation (JBF) in.

Hoewel de meerderheid zegt dat het klimaat in de voetballerij zeer ongastvrij is voor homo's, stelt meer dan 70 procent van de profs dat hij geen enkel probleem heeft met een homoseksuele collega. Een aanzienlijk aantal kent zelfs een collega die homo- of biseksueel is.

Rol van media

De media spelen volgens de ondervraagde spelers ook een rol; 32 procent meent dat de landelijke aandacht een coming-out bemoeilijkt.

Veronderstellingen dat financiële belangen en sponsors de homofobie bepalen, blijken niet te kloppen. Slechts zeven procent ziet het mogelijke verlies van marktwaarde als beletsel voor een speler om voor zijn geaardheid uit te komen.

'Bestrijdbaar'

Het onderzoek toont volgens projectmedewerker Huub ter Haar van de JBF aan dat homofobie in het voetbal te bestrijden is. "De spelers zelf hebben weinig moeite met homoseksualiteit. Zij geven aan dat met name de cultuur rond de wedstrijden moet verbeteren", zegt hij.

"Clubs kunnen daar een belangrijke rol in vervullen, onder meer door het onderwerp bespreekbaar te maken. Helaas geven bijna alle clubs op dit punt nog niet thuis", aldus Ter Haar.

Ook COC Nederland geeft aan dat profvoetballers en topclubs wat moeten doen. "Juist zij kunnen het klimaat helpen veranderen. Laat van je horen in de media, spreek fans aan op homofobe spreekkoren en weerleg vooroordelen over homo's", verklaarde voorzitter Tanja Ineke.

'Niet verrast'

De resultaten van de enquête verrassen KNVB-voorzitter Michael van Praag niet. "Dit is voor de KNVB een extra stimulans om bij clubs in het betaald voetbal meer aandacht voor het thema homoacceptatie te vragen."

"Clubs moeten homoacceptatie bespreekbaar maken. De meerderheid van de spelers geeft ook aan hier open voor te staan", aldus Van Praag.

"We hebben als grote sportbond de afgelopen jaren een voortrekkersrol vervuld", aldus Van Praag, onder meer verwijzend naar deelname aan de Gay Pride in 2013. Hij zegt dat acceptatie een zaak van lange adem is. De bond gaat meer workshops geven en vertrouwenspersonen opleiden.

'Wel verrast'

VVCS-voorzitter en oud-profvoetballer Danny Hesp is juist wel verrast door de uitkomsten. "Ik ervaar nauwelijks een machocultuur, maar het onderzoek toont aan dat die cultuur wel degelijk een blokkade is."

"Ik vermoed dat spelers vooral de sfeer rond de velden bedoelen. Die zien ze graag veranderen", zegt Hesp. "Het zou goed zijn als mét ons ook de clubs hierin hun steentje bijdragen."