Nigel de Jong verraste tijdens het WK van afgelopen zomer vriend en vijand door aan de aftrap te verschijnen in de halve eindstrijd tegen Argentinië.

De Oranje-international had tien dagen eerder in de achtste finale tegen Mexico een scheurtje in zijn lies opgelopen. Het WK was voor hem voorbij, zo leek het. Maar hij won de race tegen de klok.

"Eigenlijk was het onrealistisch. Maar het was normaal gesproken mijn laatste WK, dus dan moet je er alles aan doen om te kunnen spelen", blikt De Jong drie maanden later terug.

"Dan moet je door de pijn heen bijten, door barrières gaan. Ik was niet pijnvrij, maar zat vol adrenaline. Voor hoeveel procent ik fit was? Zeventig of tachtig. Dat moet je dan mentaal aanvullen. Tegen een speler als Messi kan je je niet inhouden, dan moet je volle bak gaan."

Met het risico dat de blessure verergerde hield hij zich niet bezig. "Ik had hem ook helemaal kunnen afscheuren. Dat-ie van mijn bot loskwam. Daarom heb ik de spieren om die lies heen zo goed mogelijk opgetraind, zodat ik het kon opvangen. Ik was vier, vijf keer per dag bezig, als de anderen hun rust pakten. We hebben het vooraf goed doorgesproken met de trainer en de medische staf."

Finale

Na 62 minuten werd De Jong uiteindelijk vervangen in de wedstrijd die na strafschoppen verloren ging. "Ik wilde eigenlijk nog doorspelen, maar Van Gaal besloot om me er een kwartier na rust af te halen, met het oog op de eventuele finale. Helaas mocht het niet zo zijn."

De Jong, die maandagavond met Oranje aantreedt tegen IJsland, kijkt ondanks de uitschakeling door de Argentijnen met een 'heel tevreden gevoel'  terug op het WK. "We golden niet als titelfavoriet, zeker niet in ons eigen land. Wat dat betreft hebben we het fantastisch gedaan. Nederland leefde helemaal op."

Lees een uitgebreid interview met De Jong over onder meer de aanpak van bondscoach Hiddink