ROTTERDAM - Miralem Sulejmani viel zondag tegen Excelsior (2-2) weer buiten de basis bij Ajax. Toch is de Servische aanvaller in gesprek met NUsport vol goede moed dat dit het seizoen van de ommekeer wordt. “Ik blijf geloven dat ik nu echt zal doorbreken bij Ajax.”

Had je voor het seizoen het idee dat je zoveel basisplaatsen zou krijgen?
“Als ik eerlijk ben: nee. Ik voelde me fit en deed alles om in de basis te komen. Daar zag het niet naar uit.”

Je wilde zo graag verhuurd worden aan West Ham United en daarna aan Vitesse dat je je afzette tegen trainer Martin Jol.
“Daar wil ik niet meer aan denken en over praten. Ik heb een goed gesprek met de coach gehad. Hij zei dat ik een kans zou krijgen en heeft woord gehouden. Al heb ik het ook zelf afgedwongen. Nu hebben we een goede communicatie.”

Zo snel als nu ben je nog nooit geweest.
“Bij SC Heerenveen was ik ook snel. Daarvoor was ik niet fit. Ik ben erachter gekomen dat ik een type speler ben die echt topfit moet zijn. Als ik halffit ben, kom ik tekort.”

Waarom was je dan niet eerder zo fit?
“Ik was jong en ging naar één van de grootste clubs in Europa. Ik had moeite met de druk. Bij SC Heerenveen ging het vanzelf. Bij Ajax voelde me ik niet helemaal thuis in het begin, ik zocht naar mijn ritme. Ook buiten het veld. Sinds een jaar heb ik een vriendin, Vesne.”

Ah, je zit nu op vrijdagavond op de bank met je vriendin naar The Voice of Holland te kijken.
“Nee meer naar Servische tv.”

Hoe ver ben je van je topvorm af?
“Ik ben nog steeds niet de Miki van SC Heerenveen. Ik ben heel ambitieus om dat weer te worden. Ik wil doelpunten maken en assists geven. Vooral voor de Ajax-fans. Die hebben me nooit laten zakken. Als ik er straks een paar maak dan blijven de goals komen en zal alles goed gaan. Misschien dat ik daar tegen mijn oude vrienden van SC Heerenveen mee kan beginnen.”

In je eerste seizoen lachte je naar iedereen en noemde je iedereen ‘my friend’. Die vrolijke Miki is een beetje verdwenen.
“Tja, je wordt ouder, maakt dingen mee. Ik vertrouw nu alleen nog de mensen die ik al lang ken. Maar ik lach nog vaak, my friend.”