AMSTERDAM - De driepuntenregeling in het voetbal heeft niet tot aanvallender spel geleid. Dat stellen onderzoekers van de Universiteit van Münster.

In de Bundesliga ging sinds de invoering van de regel in het seizoen 1995/1996 zowel het aantal gelijke spelen als het aantal doelpuntloze gelijke spelen omhoog ten opzichte van de periode ervoor.

Aanvallender spel
In 1995 werd op gezag van de FIFA wereldwijd ingevoerd dat voetbalploegen bij een zege drie punten kregen in plaats van twee, zoals daarvoor gebruikelijk was. Redenering van de wereldvoetbalbond was dat die regeling ploegen tot aanvallender en dus aantrekkelijker spel zou bewegen.

De Duitse onderzoekers weerleggen die stelling nu. De sportpsychologen keken naar 44 jaargangen van de Bundesliga tussen 1963 en 2007. Tot en met het seizoen 1994/1995 eindigde 25,89 procent van de wedstrijden in een gelijkspel, daarna ging het om 26,23 procent van de duels.

Defensief voetbal
Voor wedstrijden die in 0-0 eindigden, volgens de onderzoekers een gevolg van defensief spel, is een vergelijkbare trend zichtbaar. Met twee punten per zege lag het percentage doelpuntloze wedstrijden op 6,37 procent, met drie punten voor een winstpartij steeg dat percentage naar 7,08.

Bernd Strauss, een van de onderzoekers, verklaart de resultaten door te wijzen op het vermijden van verliespartijen. "Bij voetbal gaat het uit sportpsychologisch oogpunt niet alleen om de winst, maar ook om het vermijden van een nederlaag", stelt Strauss.

"Trainers worden over het algemeen niet na een reeks gelijke spelen ontslagen, maar na een serie verliespartijen. Aan dat principe van het vermijden van een nederlaag is door de driepuntenregel niets veranderd."