Het Joint Investigation Team (JIT) doet woensdagmiddag voor het eerst in ruim een jaar nieuwe mededelingen over de voortgang van het onderzoek naar de MH17-ramp. Naar verwachting noemt het team namen van verdachten die betrokken waren bij het neerhalen van het toestel in juli 2014.

De nabestaanden zullen woensdagochtend eerst worden bijgepraat, daarna zal een persconferentie worden gehouden.

Het JIT, een samenwerkingsverband tussen Australië, België, Maleisië, Nederland en Oekraïne, doet juridisch onderzoek naar het neerhalen van de Boeing van Malaysia Airlines op 17 juli 2014. Hierbij kwamen alle 298 inzittenden om, onder wie 196 Nederlanders.

Eerder bleek uit onderzoek van het JIT al dat het toestel is neergehaald met een buk-raket van Russische makelij. De lanceerinstallatie was afkomstig van een Russische basis bij Koersk.

Onderzoekscollectief Bellingcat publiceerde op woensdagochtend al een lijst met namen van mensen die mogelijk betrokken zijn bij het neerhalen van het vliegtuig.

Nederland overlegt al een jaar met Rusland over aansprakelijkheid

Het team heeft op basis van foto's en video's op sociale media gereconstrueerd welke route de installatie vanuit Koersk heeft afgelegd. Het gebied waar de raket op 17 juli 2014 werd afgeschoten, was op dat moment in handen van Russische separatisten.

Nederland en Australië stelden Rusland in mei 2018 aansprakelijk voor een aandeel in het neerhalen van vlucht MH17. Het land ontkent betrokkenheid. Maar sindsdien worden achter de schermen wel diplomatieke gesprekken gevoerd.

'Ook bij verstek is veroordeling van groot belang'

Strafrechtdeskundige Marieke de Hoon van de Vrije Universiteit denkt niet dat het JIT met harde beschuldigingen komt als het team geen hard bewijs voor betrokkenheid van bepaalde personen heeft gevonden.

"Ook als Rusland verdachten niet uitlevert, is het van grote betekenis als in Nederland een onafhankelijke rechter oordeelt dat het bewijs standhoudt", legt ze uit in de NU.nl-podcast Dit wordt het nieuws. "Dat is niet alleen belangrijk voor de nabestaanden, maar ook voor de staatsaansprakelijkheid van Rusland waar nu over wordt gepraat."

Belangrijke vraag is de intentie van de verdachten

In een mogelijke rechtszaak is de vraag ook wat de intentie van mogelijke verdachten is geweest, legt De Hoon uit. "Het lijkt een fout te zijn geweest; mogelijk dacht het peloton dat het een Oekraïens vliegtuig was. Maar een militair heeft wel de verplichting om - voordat hij een raket afvuurt - een doelwit goed te identificeren. Als je een buk-raket de lucht inschiet zonder over de juiste gegevens over de identiteit van een toestel te beschikken, dan neem je bewust het risico een burgertoestel neer te halen."

Rusland is volgens internationale regels verplicht mee te werken aan het internationale onderzoek. Maar tegelijkertijd staat in de Russische grondwet dat het land zijn onderdanen niet voor strafonderzoeken mag uitleveren aan andere landen. In dat geval zou een Russische verdachte in Nederland bij verstek door een rechtbank kunnen worden veroordeeld.

"Die persoon is dan wel veroordeeld", schetst De Hoon. "Dit betekent dat de bewegingsvrijheid van zo iemand enorm wordt beperkt. Zodra hij naar het buitenland gaat, kan Nederland het land waar hij heengaat vragen om uitlevering. Zo'n persoon wordt heel erg afhankelijk van de gunst van het Russische regime en dat kan in de loop van de jaren nog weleens veranderen."