Het toestel van AirAsia crashte op 28 december vorig jaar in de Javazee. Het passagiersvliegtuig met 162 mensen aan boord was een aantal dagen zoek. Op 3 januari werden de eerste wrakstukken gesignaleerd. Dit weten we over de crash.

Het toestel met vluchtnummer QZ8501 was op zondag 28 december onderweg van de Javaanse stad Surabaya naar Singapore.

Het vliegtuig had om 8.30 uur (lokale tijd) moeten landen. Maar tegen 7.24 uur (Singaporese tijd) verloor de verkeersleiding het contact met de bemanning. Dat was ongeveer drie kwartier na het opstijgen. 

Van de 162 mensen aan boord van het vliegtuig, waren zes bemanningsleden uit Indonesië en één uit Frankrijk. Verder waren aan boord van het vliegtuig 149 Indonesische passagiers, drie Zuid-Koreaanse passagiers, één Singaporese, één Maleisische en één Britse passagier. Onder hen waren er zestien kinderen en één baby.

Menselijk en technisch falen zijn de oorzaak van de crash

Dat hebben de Indonesische onderzoekers van het ongeluk gerapporteerd, bijna een jaar na het ongeluk. Volgens de onderzoekers reageerden de piloten verkeerd op een technisch mankement in de boordcomputer die het verloop van de vlucht controleert.

Een storing in die computer die al vaker was voorgevallen, leidde tot het uitvallen van de automatische piloot. Toen de piloten dat probleem wilden verhelpen, maakten ze fouten waarmee ze de controle over het vliegtuig verloren. 

De zoektocht naar wrakstukken van de Airbus A320 is al beëindigd

Op 3 maart beëindigden de Indonesische autoriteiten de zoektocht naar wrakstukken van het vliegtuig. De grootste delen van het toestel, waaronder de romp en beide zwarte dozen, werden begin dit jaar opgedoken uit de Javazee. 

106 van de 162 lichamen werden geborgen

Ook zijn bergingwerkers gestopt met de zoektocht naar lichamen van inzittenden. 56 lichamen van slachtoffers werden nooit gevonden. Volgens de reddingsdiensten was het onmogelijk om alle lichamen te vinden. 

Het vliegtuig was enkele dagen kwijt

Het toestel van AirAsia verdween op 28 december van de radar. Op 3 januari maakte de Indonesische luchtmacht melding van de eerste wrakstukken die werden gesignaleerd in de Javazee. 

Vrijwel direct na de crash meldde het hoofd van de zoekoperatie dat het vliegtuig waarschijnlijk op de zeebodem zou liggen. Meer dan 1.100 reddingswerkers werden op de been gebracht om te zoeken naar het vermiste vliegtuig. Ze kwamen uit onder meer Indonesië, Singapore, Australië, Maleisië en Zuid-Korea.

De wraktukken werden uiteindelijk gevonden op ongeveer tien kilometer van de plek waar vlucht vlucht QZ8501 voor het laatst contact had met de luchtverkeersleiding. 

Het bergen van wrakstukken en lichamen ging moeizaam

Mede door het slechte weer vergde de berging van de wrakstukken en de zoektocht naar lichamen veel tijd. Zo slaagden bergers er een aantal keer niet in de romp van het toestel uit het water te takelen. 

Naast de romp werden ook de vleugels, het staartstuk, delen van de binnenkant van het toestel en passagiersstoelen teruggevonden.

Beide zwarte dozen zijn geborgen

Op 12 januari werd het singaal van de tweede zwarte doos opgepikt. Diezelfde dag werd de eerste zwarte doos met succes opgedoken van de zeebodem. 

Op de daterecorder staan gegevens over de vlucht en op de zogeheten cockpit voicerecorder, staat informatie over het radioverkeer en gesprekken tussen piloten. De zwarte dozen zijn een cruciaal onderdeel van het onderzoek naar de crash van het toestel.

Dossier met alle berichten