Onderzoek na moordaanslag Trump: Secret Service moet hervormd worden
Trump werd afgelopen juli beschoten op een campagnebijeenkomst in Butler, Pennsylvania. Hij raakte toen gewond aan zijn oor. Een toeschouwer kwam om het leven en twee anderen raakten gewond. De schutter werd gedood.
Onderzoeker concluderen na gesprekken met betrokkenen en het bestuderen van duizenden documenten dat de Secret Service "te bureaucratisch en inflexibel" is geworden. Als er geen hervormingen plaatsvinden, kan opnieuw een situatie als in Butler plaatsvinden.
Het incident in Butler leidde tot veel kritiek op de Secret Service, waarna het hoofd van de dienst, Kimberly Cheatle, vertrok. Volgens de onderzoekers zijn destijds veel fouten gemaakt. Zo bewaakte niemand het dak waar de schutter plaats kon nemen.
De schutter kon voor hij het vuur opende bovendien met een drone op verkenning gaan. Dat was mogelijk doordat een antidronesysteem van de Secret Service urenlang niet werkte. Daarnaast verliep ook onderlinge communicatie voor de aanslag rommelig.
Aan geld geen gebrek bij de Secret Service
Het voorval staat niet op zichzelf. Trump lijkt twee maanden na de aanslag opnieuw aan de dood te zijn ontsnapt. Een schutter verstopte zich toen twaalf uur lang bij een golfbaan in West Palm Beach. Hij kon tijdig worden opgemerkt door een Secret Service-agent die voor Trump uitliep op de baan.
De onderzoekers doen een aantal aanbevelingen, zoals aanvullende trainingen en het centraliseren van de communicatie bij grote evenementen. De onderzoekers zeggen dat de veranderingen eind maart ingevoerd moeten zijn en dat er voor 1 oktober 2025 een evaluatie moet plaatsvinden.
Ze concluderen ook dat geldgebrek niet het probleem is. Het budget van de Secret Service schoot de afgelopen jaren omhoog, tot boven de 3 miljard dollar in 2024. "Zelfs met een onbeperkt budget zouden veel van de problemen van 13 juli niet opgelost zijn."

