John McCain is een held. Leg zijn sollicitatiebrief naast die van Barack Obama en je komt tot de conclusie dat McCain op knock-out wint, als het aankomt op ervaring, doorzettingsvermogen en dienstbaarheid aan de publieke zaak.

Hij heeft ook meer lef. McCain was het vaak eens met George Bush maar heeft ook progressieve standpunten ingenomen die dwars tegen de Republikeinse partijlijn ingingen. Denk aan de financiering van campagnes, aanpak van lobbyisten, de uitvoering van de Irak-oorlog en martelingen in Guantanamo.

John McCain verdient respect

Obama stemt bijna altijd braaf mee met de Democratische partijlijn. Hij praat veel over samenwerking met politieke tegenstanders, maar brengt het niet vaak in de praktijk. Veel woorden, weinig daden. Doet hij dat als president beter?

Hij had recent de gelegenheid om zijn rug recht te houden. Hij beloofde - net als John McCain - binnen het systeem van publieke campagnegelden te blijven. Obama brak die belofte; McCain hield zich er aan. Obama was ook tegen olie- en gasboringen voor de Amerikaanse kust. Oeps, foutje, hij is nu vóór.

Het verhaal van John McCain past in de traditie van Amerikaanse heldenverering waarin onverschrokken soldatenmoed en onbaatzuchtig burgerschap centraal staan. McCain kreeg als krijgsgevangene in Vietnam het aanbod om vrij te komen. Hij weigerde; maten van hem zaten langer vast en mochten eerst weg.

McCain had in het bedrijfsleven veel meer geld kunnen verdienen maar bleef 26 jaar lang zijn roeping als volksvertegenwoordiger trouw. Je kunt het politiek met hem oneens zijn, maar McCain verdient diep respect voor de dienstbaarheid aan zijn geliefde vaderland.

Niet verleden maar toekomst staat centraal

Jammer voor McCain: Zijn tijd is geweest. Want niet het verleden maar de toekomst van de Amerika staat centraal in de nu al historische presidentiële wedloop van 2008. En dan schiet hij ernstig tekort. Dat hij 72 is en tweemaal huidkanker heeft gehad, kun je hem niet verwijten. Maar het is wel een kolossaal probleem in zo'n onmenselijk zware baan.

McCain heeft de ellende zelf nog eens vergroot door te lang en te vaak George Bush te blijven steunen. Dat vervreemdt veel gematigde kiezers van hem. En hij heeft gouverneur Sarah Palin als zijn invaller benoemd.

Politieke dwarsigheid heeft McCain vaak complimenten opgeleverd. Voor de keus voor Palin verdient hij geen lof. Integendeel. Het is de ergste blunder uit zijn rijke politieke loopbaan. Het is roekeloos om Palin mogelijk op te zadelen met de leiding over het machtigste land en de grootste economie ter wereld. Ooit krijgt Amerika vast een vrouwelijke president.
Vrouwen én mannen in de VS moeten er op hopen dat Sarah Palin die primeur níet krijgt.
Dit land verdient beter.

Obama weet na Bush hoe het niet moet

De komende vier jaar zal - tenzij alle voortekenen bedriegen - Barack Obama de nieuwe president zijn van Amerika. Hij is de beste Democratische kandidaat sinds John Kennedy en Bill Clinton. Maar zijn kandidatuur is ook een gok. Hij is nooit ergens de baas van geweest, presenteert prachtige plannen waar geen geld voor is en is veel linkser dan de gemiddelde Amerikaan.

Het gevaar ligt op de loer dat de Democraten na acht jaar Bush iets te machtsbelust zijn en willen scoren met onbetaalbare, politieke hobbies uit de linkse doos. President Obama moet de voorkeur voor eenzijdig progressieve voorkeuren krachtig onderdrukken. Anders wordt hij een linkse Bush.

Amerika is bang en verward door Irak-oorlog, bankencrisis, economische neergang, internationale kritiek en een president die acht jaar lang halsstarrig niet naar andere meningen luisterde. Obama weet nu dus hoe het níet moet.

De nieuwe president moet een bron van inspiratie worden.
De energieke, charismatische Obama kan - anders dan McCain - de man zijn die deze ambitie waar maakt.

Amerika maakte vooruitgang

Met twijfel in het hart zie ik hem straks de hoogste trede van de politieke ladder bestijgen. Na een knappe en sensationele campagne, die miljoenen mensen inspireert en bemoedigt, verdient Obama een forse stembuswinst. Dat hij de eerste zwarte president wordt, bewijst hoeveel vooruitgang Amerika heeft gemaakt, sinds Martin Luther King veertig jaar geleden zijn fameuze "I have a dream'-toespraak gaf.

Obama moet de president worden van alle 300 miljoen Amerikanen: links en rechts, oud en jong, rijk en arm, blank en zwart. En hij moet Amerika's bezoedelde imago in de rest van de wereld weer glans geven. Dat is een loodzware taak.

Of hem dat lukt?
Ik laat me graag aangenaam verrassen en gun Amerikanen van ganser harte een president waar ze weer trots op kunnen zijn.

PS. Beste mailschrijvers: Zullen we hierover met argumenten discussiëren? En rauw gescheld achterwege laten? Hartelijk dank!