AMSTERDAM - Leek het er eerst nog op dat er twee kandidaten waren met hart voor het milieu, nu is dat er nog maar eentje: Barack Obama. Dit betoogt New York Times-columnist Thomas L. Friedman.

Volgens Friedman heeft John McCain lange tijd de schijn opgehouden begaan te zijn met het milieu. Hij ging naar studentencampussen met posters van windturbines en zonnepanelen die hem het imago van een groene kandidaat moesten geven.

Ook was hij tegen het boren naar olie in de Arctic National Wildlife Refuge. Hij leek de groenste Republikeinse kandidaat ooit.

Palin

Zijn keuze voor Sarah Palin als running mate heeft in de ogen van Friedman echter definitief duidelijk gemaakt dat McCain niet baanbrekend zal gaan investeren in duurzame energie en de aanpak van de opwarming van de aarde.

McCain had zich volgens Friedman al ongeloofwaardig gemaakt door niet voor milieusubsidies te stemmen. Ook jaagt hij de olieverslaving van de Amerikanen aan door de brandstoftax te willen verlagen.

Focus

Ook legt McCain de focus niet op innovatie op het terrein van duurzame energie, maar op het boren naar meer olie om de brandstofkosten, voorlopig, binnen de perken te houden.

Met het aanstellen van Palin was McCains transformatie van milieubewuste Republikein naar traditionele pro-oliekandidaat compleet.

Palin heeft zich volgens Carl Pope, van de Amerikaanse milieugroepering Sierra Club, als gouverneur van Alaska hard gemaakt voor olieboringen in wildparken, terwijl het noorden van haar Staat letterlijk in de zee verdween.

Obama

Friedman roemt in zijn column de realistische blik van Barack Obama die zich niet laat verleiden tot het verlagen van de brandstofbelasting om de kiezer te paaien.

In plaats daarvan pleit Obama voor een verhoging van de brandstofbelasting. Ook wil hij weliswaar meer gaan boren naar olie, maar stelt hij tegelijkertijd dat dit geen oplossing is voor de energieproblematiek.

In de ogen van Friedman probeert McCain met zijn pro-olieretoriek het diepere probleem te omzeilen. Friedman stelt dat de kandidaten een plan moeten presenteren op basis waarvan zij willen gaan innoveren in schone energie en energie-efficiëntie.